IJsland: staat niet aansprakelijk voor verloren spaargeld na bankroet

Nationale overheden kunnen niet worden verplicht om spaarders te compenseren na het faillissement van een of meerdere banken in hun land. Dat zei de IJslandse regering gisteren in een brief over de compensatie van rekeninghouders van de failliete IJslandse internetspaarbank Icesave.

De brief, ondertekend door de IJslandse minister van Economische Zaken, Árni Páll Árnason, is gericht aan de EFTA, de vrijhandelsassociatie van de Europese Unie en een aantal niet-EU-leden, waaronder IJsland. De EFTA oordeelde vorig jaar dat IJsland geld moet terugbetalen dat de Nederlandse en Britse overheden voorschoten aan gedupeerde Icesave-klanten in hun land.

Hoewel de IJslandse regering, inclusief Árnason, een wet steunde die de aflossing van de Icesave-schuld aan Nederland en Groot-Brittannië garandeerde, heeft IJsland altijd volgehouden daartoe niet wettelijk verplicht te zijn. Het IJslandse volk sprak zich in een referendum op 9 april uit tegen het terugbetalen. Nu beslist de EFTA daarover.

De schuld ontstond toen de Nederlandse en Britse regeringen hun gedupeerde inwoners bijna 4 miljard euro voorschoten na het faillissement van Landsbanki, het moederbedrijf van Icesave. Het Nederlandse deel bedraagt ruim 1,3 miljard euro. Minister Árnason herhaalde dat de Nederlanders en Britten de regeling niet hadden besproken met IJsland.

Het belangrijkste argument dat de IJslanders aanvoeren tegen aflossing van het Icesave-geld is dat Europese overheden niet verplicht kunnen worden om bij te springen als het depositogarantiestelsel uitgeput raakt, zoals in 2008 in IJsland gebeurde. Zo’n verplichting zou betekenen dat de staat indirect garant staat voor de spaartegoeden van „iedere en elke bank”, aldus Árnason. Een depositogarantiestelsel is een gezamenlijk fonds van banken waaruit spaarders (een deel van) hun verloren geld terug krijgen als een van de deelnemende banken failliet gaat.

Als IJsland door de rechter wordt verplicht om het Icesave-geld terug te betalen, dan zal dat tot gevolg hebben dat in de toekomst alle lidstaten van de EU en EFTA aansprakelijk zijn als het depositogarantiestelsel van hun banken leeg raakt. Dat zou de Europese vrije markt verstoren, schrijft Árnason in zijn brief.

Banken in landen met kapitaalkrachtige overheden, zoals Duitsland, zouden meer spaarders aantrekken dan landen waar de overheid in financiële problemen zit. De betrouwbaarheid van een bank zou dan een afspiegeling worden van het land van vestiging. IJsland beroept zich daarnaast op overmacht. Kort voor de crisis was de IJslandse bankensector vele malen groter dan de hele nationale economie.