Populair was Osama bin Laden allang niet meer

Op de Arabische markten zijn de T-shirts met het portret van Osama bin Laden al jaren geleden verdwenen. Gewone moslims gunnen Bin Laden het martelaarschap niet en zijn liquidatie zal de herverkiezing van president Obama heus niet veiligstellen.

Dat betoogt Nicholas Kristof, één van de meest prominente journalisten van de Verenigde Staten, vanmiddag in The New York Times.

Als Bin Laden kort na ’9/11’ was gedood, had dat volgens hem pas echt tot consternatie in de Arabische wereld geleid. Toen was Bin Laden nog populair en waren velen er nog niet van overtuigd dat hij achter de aanslagen op het WTC zat. Bovendien hebben islamitische burgers tegenwoordig heel andere dingen aan hun hoofd; namelijk protesteren tegen hun eigen regimes. Over Bin Ladens dood zullen moslims volgens hem slechts “hun schouders op halen”.

Wel houdt Kristof er rekening mee dat de vreugdeprotesten in de Westerse wereld navolging krijgen in de vorm van aanslagen. “Maar Al Qaeda heeft ons altijd al geprobeerd te raken”, relativeert hij. Kristof ziet in de uitschakeling van Bin Laden en de ontmanteling van zijn villa een kans om andere topmannen van Al Qaeda en hun financiering te traceren. “Bedenk eens wat er op Osama’s laptop kan staan.”

Economie belangrijker
Amerikaanse antiterreuracties op Pakistaans grondgebied zijn omstreden, benadrukt Kristof. Zelfs al is de operatie gebeurd met instemming van de regering, dan nog kan de bevolking haar fel afkeuren. Het incident met CIA-agent Raymond Davis ligt nog vers in het geheugen: in het drukke verkeer van Lahore doodde hij eerder dit jaar twee Pakistanen, wat ontbrandde in een diplomatieke rel en straatprotesten. De spion werd uiteindelijk vrijgekocht. Kristof vraagt zich nu of deze CIA-agent misschien nauw betrokken was bij de opsporing van Bin Laden.

Husain Haqqani, de Pakistaanse ambassadeur in Washington, neemt de zorgen van Kristof deels weg. De vertegenwoordiger prijst de Amerikaanse actie via Twitter, wijst erop dat Al Qaeda een gemeenschappelijke vijand is en dat het terreurnetwerk de dood van duizenden Pakistanen op zijn geweten heeft. Het is tegelijkertijd een boodschap aan zijn landgenoten: Bin Ladens dood is ook een overwinning van Pakistan.

De opsporing en uitschakeling is natuurlijk groot nieuws. Maar Kristof voorspelt dat de euforie bij het Amerikaanse volk van tijdelijke aard is. George Bush sr. was de held van de Golfoorlog in 1991, zo memoreert de commentator, maar in 1992 won Bill Clinton de verkiezingen. Zo zal het nu ook gaan, denkt Kristof. “De belangrijkste kwestie is waarschijnlijk de economie.”