Ai Weiwei's dierenriem in NY, zonder Ai

Geïnspireerd op de Chinese dierenriem maakte de onlangs gevangen genomen Ai Weiwei twaalf grote beelden.

Die worden nu in New York getoond.

Midden in Manhattan, in de open lucht, begint vandaag een kunstproject van de Chinese kunstenaar Ai Weiwei – zonder dat dat hij er zelf bij zal zijn. Want Ai Weiwei, ’s werelds meest besproken kunstenaar op dit moment, wordt nog steeds vastgehouden in China. Begin deze maand werd hij gearresteerd toen hij in Peking op het punt stond in het vliegtuig naar Hongkong te stappen. Sindsdien zit hij op een onbekende plaats gevangen, formeel op verdenking van ‘economische delicten’.

Het Guggenheim Museum in New York heeft met kunstinstellingen uit 174 landen de Chinese overheid een petitie gestuurd waarin om Ais vrijlating wordt verzocht. Het Guggenheim organiseert ook een handtekeningenactie. „We streven naar een miljoen handtekeningen”, zegt Alexandra Munroe, curator Aziatische kunst van het museum. Ook zonder zijn aanwezigheid gaat Ai Weiwei’s eerste grote openbare tentoonstelling Circle of Animals/Zodiac Heads in New York door. Larry Warsh, de oprichter van AW Asia, de organisatie die samen met de stad New York de openbare expositie organiseert: „Zo laten we China zien dat we Ai Weiwei steunen.”

Met The Zodiacs, zoals het werk in New Yorkse kunstkringen al wordt genoemd, neemt Ai zijn publiek mee naar de achttiende eeuw, toen twee Europese Jezuïeten in opdracht van de Chinese keizer Qianlon een fonteinklok ontwierpen voor het keizerlijke zomerpaleis Yuanming Yuan, vlak buiten Peking. Het monnikenduo sierde de klok met de koppen van de twaalf dieren uit de Chinese dierenriem (zodiac), die om beurten elk twee uur achtereen water spuwden.

Ai Weiwei’s installatie, bestaande uit twaalf dierenriembeelden die rondom de Pulitzer-fontein voor het Plaza Hotel aan Central Park worden opgesteld, is geïnspireerd op deze fonteinklok. De geschiedenis van de klok met de dierenriembeelden is beladen. In 1860, tijdens de tweede Opiumoorlog, plunderden Britse en Franse troepen het keizerlijke paleis. Ook de dierenkoppen verdwenen. Van zeven van de koppen – de aap, de beer, het konijn, de os, het paard, de rat en de tijger – is inmiddels bekend waar ze zich bevinden. De overige vijf zijn nooit gevonden. In februari 2009, bij de veiling van de kunstcollectie van couturier Yves Saint-Laurent in Parijs, werden het konijn en de rat te koop aangeboden. Het hoogste bod kwam van een Chinese overheidsfunctionaris. Deze weigerde vervolgens het bedrag van 14 miljoen euro te betalen – het kunstwerk was in zijn ogen al Chinees eigendom.

‘Een bewuste toe-eigening’ noemt Melissa Chiu, hoofdcurator van de Asia Society, het project van Ai: „Ai refereert uiteraard aan de zodiac-figuren die ooit uit het zomerpaleis zijn gestolen. Zo eigent hij zich een controversiële kwestie toe, namelijk dat de Chinese overheid antieke kunstschatten wil repatriëren. Ai heeft er een handje van om dergelijke kwesties bloot te leggen en er vervolgen werk omheen te creëren.”

Daarbij doet het er volgens Chiu niet toe of Ai nu voor of tegen de repatriëring van Chinese kunst is. „Hij benadert de kwestie met ironie”, zegt Chiu. „Het is duidelijk dat dit nieuwe Chinese beleid een blijk is van de opkomst van China als economische en politieke macht. Er zijn al voorbeelden van delegaties van Chinese deskundigen die Westerse musea afstruinen op zoek naar kunst die China toebehoort. Maar de zodiac-koppen zijn ooit door westerlingen gecreëerd. Door de beelden nu te herinterpreteren maakt Ai de kwestie complexer dan de Chinese overheid haar presenteert. Hij stelt de vraag: Waar hebben we het eigenlijk over als we over de Chinese geschiedenis praten?”

In het geval van de zodiac-koppen is Ais houding ten opzichte van de Chinese overheid nog ironisch te noemen. Maar hij heeft zich ook wel kritisch uitgelaten: hij noemde de wijze waarop China zich als organisator van de Olympische Spelen van 2008 aan de wereld toonde ‘een valse glimlach’. Ai heeft zijn escalerende conflict met de overheid eens als performance art omschreven. Ais veelzijdigheid – hij opereert als schilder, fotograaf, beeldhouwer en architect – en zijn uitgesprokenheid maken het moeilijk hem in een hokje te stoppen, vindt Chiu: „Hij is in verschillende kwesties en ideeën geïnteresseerd dat het onmogelijk is hem te verbinden aan een specifieke of artistieke benadering. Hij is even goed provocateur als conceptueel kunstenaar.”

Ai Weiwei wordt ook wel de ‘Chinese Andy Warhol’ genoemd, onder meer vanwege zijn commerciële succes – een editie van zijn recente werk Sunflower Seeds bracht in februari nog meer dan een half miljoen dollar op. En net als Warhols The Factory in New York fungeerde Ais studio in Peking als een ontmoetingsplek voor jonge kunstenaars. Beide kunstenaars worden ook gezien als leiders van een avant-garde. Maar dat vindt Chiu onzin. „Warhols Factory was meer een uitgaansgelegenheid dan een studio. En Ais studio is lang niet de enige trekpleister voor jonge kunstenaars in China.” En anders dan Ai was Warhol geheel apolitiek.

Tentoonstelling

Ai Weiwei: ‘Circle of Animals/Zodiac Heads’

Van 2 mei tot 15 juli, Grand Army Plaza, New York. Daarna op wereldtournee