Garnalenvissers zitten klem

De prijs voor een kilo garnalen is zo sterk gedaald dat vissers liever aan de wal blijven. „De tussenhandel is niet transparant.”

Den Oever 29-4-2011 Patrick de Visser in de haven van Den Oever Foto NRC H'Blad Maurice Boyer
Den Oever 29-4-2011 Patrick de Visser in de haven van Den Oever Foto NRC H'Blad Maurice Boyer

Ze zitten zich al een week te verbijten aan de wal. En volgende week varen de garnalenvissers Patrick de Visser en Bouke Koornstra opnieuw niet uit. Het brengt te weinig op. Op de visafslag van Den Oever in Noord-Holland brachten de garnalen bij de laatste veiling, anderhalve week geleden, nog maar 1,29 euro per kilo op. Een visser maakt 3,50 euro aan kosten om een kilo garnalen op de veiling te brengen. „De veilingklok loopt achteruit in plaats van vooruit”, zegt Albert Post met een wrange glimlach. Hij behartigt de belangen van de vissers van de Producenten organisatie (PO) Wieringen. „De wijzer begint op 3 euro en zakt dan steeds verder terug.”

Daarom varen de garnalenvissers van Den Oever voorlopig niet uit en de meeste andere garnalenvissers langs de Waddenzee ook niet. „Dit is geen staking”, zegt De Visser met klem. „We zijn allemaal zelfstandigen, tegen wie moeten we staken? We blijven thuis omdat uitvaren ons alleen maar geld kost.”

De vissers, allebei eind dertig, hebben sinds een jaar of vier eigen kotters. Patrick de Visser investeerde ruim 7 ton in de WR2 , Koornstra telde ruim 5 ton neer voor de WON50. Het zijn schepen die uitsluitend zijn gebouwd voor de garnalenvisserij.

Ze hebben altijd in de garnalenvangst gewerkt en weten niet anders dan dat ze maandagochtend uitvaren en dagenlang in en rond de Waddenzee hun boomkorren over de zeebodem laten rollen om uiteindelijk donderdagavond met minstens twee ton garnalen weer naar huis varen. Ze werken allebei met een knecht. Paar uur op, paar uur af. Zo deden hun vaders en grootvaders het.

Maar het oude systeem werkt niet meer. Niet de visafslag maar de tussenhandel is bepalend geworden. En de Nederlandse Mededingingsautoriteit NMa ziet er scherp op toe dat de geplaagde garnalenvissers geen onderlinge prijsafspraken maken.

Ze hebben het gevoel dat ze geen kant meer op kunnen. Twee groothandelsbedrijven beheersen de markt: de Heiploeg groep, ooit een familiebedrijf in Zoutkamp en nu handen van Gilde, een private-equityfonds, en Klaas Puul in Volendam, nog steeds een familiebedrijf. Het zijn de marktleidersin Europa.

De bom barstte toen Heiploeg en Puul ineens besloten dat ze niet langer de kosten van de visafslag wilden betalen. Het ging om 22 eurocent per kilo. De prijs van dat moment – met 1,57 euro per kilo toch al erg laag – zakte door de bodem. „Terwijl die handelaren stinkend rijk zitten te worden”, gromt Koornstra.

Een overvloed aan garnalen in de wateren rond Nederland heeft het fragiele evenwicht in de sector eind vorig jaar definitief verstoord. Kabeljauw en wijting, de natuurlijke vijanden van de garnalen, waren plotseling naar diepere wateren verdwenen en de garnaal – die tweeslachtig is – kon zich ongehinderd vermeerderen. De belangenorganisaties die met elkaar de koepel PO Garnaal vormen spraken af dat ze maar een beperkt aantal uren zouden vissen, om de prijs bij dit overaanbod stabiel te houden, vertelt Ab Post. Binnen de koepel mag dat van de NMa. ‘Sturen op uren’ was een succes.

Maar de Zeeuwse vissers die alleen in het najaar een maand of drie garnalen vangen en hun schepen zo hebben ingericht dat ze de andere maanden van het jaar ook platvis of rondvis kunnen binnenhalen, lapten de uren-afspraak aan hun laars en haalden binnen wat ze konden. Waarop de rest niet achter kon blijven, de markt overspoeld werd en de prijzen kelderden. Het was ieder voor zich, terwijl de garnaal zichzelf vrolijk bleef vermeerderen. De groothandel heeft tegen lage prijzen grote voorraden bevroren garnalen aangelegd.

Het systeem is achterhaald en de vangstcapaciteit is te groot, stelt Post. Hij rekent voor dat de garnalen die de vissers van PO Wieringen voor 1,29 euro per kilo hebben moeten verkopen de afgelopen tijd, door de tussenhandel – inmiddels gepeld in Marokko – voor 14 euro de kilo worden doorverkocht en uiteindelijk voor 40 euro de kilo in de schappen van de supermarkten terecht komen. „We moeten de productieketen veel beter organiseren.” Hij vindt dat de vissers gewoon niet slim genoeg zijn geweest. „Wij verdienen te weinig en de consument betaalt te veel omdat wij niet in staat zijn om een betere prijs te bedingen bij de handelaren. De handelspartijen zijn niet transparant. Die sturen op macht.”

De garnalenvissers zouden de handen ineen moeten slaan, maar dat valt de eigengereide vissers zwaar. Bovendien zijn er teveel belangenorganisaties, teveel besturen, vindt Post. Ze zijn verdeeld over twee koepels en de NMa houdt nauwlettend in de gaten dat die twee koepels geen onderlinge afspraken maken. De vissers worden er schichtig van. Patrick de Visser: „Als je op een verjaardagsfeestje toevallig iemand van de andere koepel tegenkomt mag je niet over de prijzen praten, want dan heb je zo een boete aan je broek. Dat zou dan weer kartelvorming zijn”.

Het faillissement dreigt. Iedere dag dat ze niet uitvaren kost geld. Maar de boot verkopen kan ook niet. „Wie wil er nou een garnalenboot”, schampert Dee Visser. Hij denkt dat hij nog niet de helft van zijn investering terug zou krijgen. Er is weinig hoop, beaamt Post: „Iedereen ziet de klap aankomen. Een goed plan maken voor de toekomst is het enige dat je kunt doen is.”