Verdrag met Syrië steunt de bevolking

Dat Syrië mensenrechten schendt, is nog geen reden om hulp aan het land op te schorten. Voor Israël is Nederland tenslotte ook coulant, betoogt Esseline van de Sande.

Nederland speelde in 2009 een prominente rol bij het tegenhouden van de ondertekening van het associatieverdrag met Syrië, op grond van artikel twee: naleving van de mensenrechten. Het lijkt voor de hand te liggen om geen verdrag te sluiten met een dictatuur, maar de Europese associatieverdragen zijn juist gericht op het positief beïnvloeden van economische ontwikkelingen en democratisering. De Europese Unie zou het verdrag willen inzetten om toch nog te kunnen communiceren met het land, in het belang van de Syrische bevolking.

Nu het Syrische regime hard tegen demonstranten optreedt, roept minister Rosenthal (Buitenlandse Zaken, VVD) opnieuw op om de ontwikkelingssamenwerking en het sluiten van het associatieverdrag met Syrië stop te zetten. De vraag is of dit op langere termijn een goede strategie is. Dit soort samenwerking stelt studenten, boeren en gemeenschappen in staat om meer grip te krijgen op hun eigen ontwikkeling. Ook houdt het een dialoog open tussen Europeanen en Syriërs, die op de lange termijn goed is voor beiden. Net als Turkije heeft Syrië economische hervormingen en sterke economische groei nodig om de jongere generatie perspectief te bieden.

Twee weken geleden was ik weer eens te gast in Syrië. Ik ontmoette moslims (shi’itische handelaren en bedevaartgangers), deelde de maaltijd met sunnitische en christelijke Syriërs, bezocht de opera in gezelschap van een Armeniër en een Jood en sprak met Palestijnen.

Hoe is het in multicultureel Syrië? Wat willen de mensen? Het antwoord hangt af van wie je spreekt.

De jongste generatie roept noodgedwongen, door werkloosheid en gebrek aan toekomstmogelijkheden, op tot hervorming. Wat begon met een paar kinderen die in de provinciestad Daraa ‘Leve de vrijheid’ op een muur schreven, leidt door de repressieve reactie van de Syrische veiligheidsdiensten en het leger tot steeds grotere demonstraties. Het toenemende aantal burgerslachtoffers dat tijdens vreedzame demonstraties en begrafenissen valt, doet het verzet verder groeien. Christenen en moslims lopen schouder aan schouder, met olijftakken in de hand, en roepen om peaceful freedom.

Gesprekken bevestigen dat de onvrede en hervormingszin vooral gaan over gebrek aan werk en toekomstperspectief, over corruptie, vrijheid van meningsuiting en de Noodwet van 1962, die de Syrische veiligheidsdiensten een ruim mandaat geven om op te treden tegen demonstraties. Hoewel deze wet afgelopen week werd afgeschaft, melden diverse bronnen dat de veiligheidsdiensten nog geen stap terug doen. Ook zet het regime sinds afgelopen vrijdag het leger en tanks in tegen de eigen bevolking.

Bij de universiteit van Damascus ontmoette ik een hoogleraar, die bijverdient als taxichauffeur. Beide banen zijn nodig om rond te komen, zegt hij. Op de universiteit zie ik ook de – snelgroeiende – jongste generatie voorbijkomen. Naast de ingang staat een man met een geweer, die de studenten controleert. Stoïcijns en keuvelend schuiven de studenten langs de man. Ze lijken geen aanstoot aan hem te nemen. Studenten picknicken in het gras. Ze kopiëren elkaars aantekeningen. Ze lachen. Vriendinnen slenteren, hand in hand. Bij de ene vriendin hangt het lange, zwarte haar los over haar schouders. De ander draagt een vrolijk gekleurde sluier. In Syrië geldt, net als in Frankrijk, een boerkaverbod – een verbod op complete gezichtsversluiering.

De bevolking herkent zich in het door dit regime vertegenwoordigde, Arabische sentiment, bijvoorbeeld wat betreft de Palestijnse kwestie, Israël, de bezette gebieden en oliebelangen. Minderheden – christenen en shi’ieten – voelen zich gesteund door deze seculiere regering. Ook sunnieten, die in Syrië 60 procent van de bevolking vormen, zeggen ondanks de demonstraties dat ze meer heil zien in concrete hervormingen en stabiliteit dan in het uiteindelijke vertrek van de president .

Stel dat de Europese Unie besluit om de gesprekken over het associatieverdrag met Syrië op te schorten. Wat is dan het gevolg? De 20 miljoen Syriërs en de naar schatting 280 miljoen andere Arabieren die aan de Europese grenzen leven, zijn nauwelijks opgenomen in het Europese economische model. De EU hielp lange tijd om de regimes in Libië en Egypte in het zadel te houden, vanwege het Europese economische belang van stabiliteit.

Nu de generatie van tientallen miljoenen jongeren in beweging komt, blijkt hoe kortzichtig dat is geweest. De EU blijkt geen alternatief voorhanden te hebben. Terwijl Syrië sinds de Irakoorlog in 2003 meer dan anderhalf miljoen vluchtelingen opvangt, worden de grenzen van Fort Europa afgesloten, om verdere instroom van vluchtelingen uit het Midden-Oosten te voorkomen.

Een veelbelovende, afgestudeerde Syrische, die hard op zoek is naar werk, zegt dat de arbeidsmarkt onvoldoende aansluit op studies en het aantal banen beperkt is. Zij is een van de velen. De meest getalenteerden zien zich al tijden gedwongen om te vertrekken, naar Europa of de Verenigde Staten.

Hoe anders is de koers van de Nederlandse regering wat betreft Israël. De EU biedt Israël, via een ruim associatieverdrag, aansluiting bij het Europese economische bestel. Dit staat in schril contrast met het verhaal van een Syrische handelaar in planten, die uit de doeken doet dat voor Syrische producten naar Nederland al jaren exportbeperkingen bestaan. In het verdrag met Israël is dezelfde mensenrechtenparagraaf opgenomen, maar Israël laat zich aan deze voorwaarde niets gelegen liggen, net zoals het resoluties van de Verenigde Naties negeert. Europa zwijgt. In het regeerakkoord van het kabinet-Rutte staat: „Nederland wil verder investeren in de band met de staat Israël.” Dit meten met twee maten staat een stabiele relatie, in wederzijds belang, tussen de EU en Syrië in de weg.

Ooit stond Nederland symbool voor gelijkheid, tolerantie, vrijheid van godsdienst en respect voor andersdenkenden. Nederland zou veel meer kunnen doen om de jonge Syriërs eenzelfde perspectief te bieden.

Esseline van de Sande is auteur van het boek Vaartocht over de Eufraat (Contact, 2005).