Wederopstanding van een freak

De asociale herrieschopper J Mascis maakte na 25 jaar plots een sprookjesachtige plaat.

Vier jaartallen bleken beslissend. Een overzicht van zijn grillige carrièreverloop.

Vorige maand verscheen Several Shades of Why van zanger-gitarist J Mascis. De zoveelste singer-songwriter-plaat van een treurige man met gitaar? Integendeel, in dit geval is er sprake van een mirakel. Of hoe een lawaaiverslaafde tiran toch nog tot rust kwam, in vier beslissende momenten.

In een concertzaal in Boston staan drie iele twintigers op het podium. Ze spelen hartverscheurende liedjes over in de knop gebroken liefdes en mislukte vriendschappen. ‘Why won’t you be my friend’, jengelt zanger Joseph Mascis.

‘J’ heeft het grootste deel van zijn puberteit doorgebracht als kluizenaar: meestal lag hij languit op bed platen te luisteren, met de gordijnen dicht. Gevolg: voor zijn band Dinosaur weet hij het beste van The Beatles, Beach Boys, hardrock, hardcore en new wave te combineren tot schitterende gitaarliedjes. Gevolg twee: hij is een in zichzelf gekeerde, zelfbenoemde ‘freak’ geworden die nauwelijks met medemensen kan omgaan. En dat is terug te horen in zijn teksten: als een slecht uitgeslapen stiefzoon van Neil Young zingt (of beter: kreunt) hij de wanhoop over de onbegrepen buitenwereld van zich af.

Op plaat werkt dat prima. Daar metselt Mascis met effectpedalen verschillende gitaarlagen over elkaar en creëert zo een maximale dynamiek tussen couplet en refrein - een truc die Nirvana later dankbaar zal herhalen. Dankzij hem keert de gitaarsolo terug, al geldt daarbij hetzelfde als voor zijn stem: verre van technisch volmaakt, maar altijd met een snik.

Maar op het podium verzuipen alle nuances in het straaljagervolume dat uit de torenflats aan Marshall-versterkers blaast. Bassist Lou Barlow en drummer Murph komen er dan nauwelijks nog bovenuit. Om die reden is Dinosaur in hun geboortestreek Amherst, Massachusetts uit alle clubs verbannen. En ook in Boston gaat het mis. Daar begint zelfs de geluidsman de band met bierflessen te bekogelen.

Halverwege het nummer Severed Lips – ‘I never try that much ’cause I’m scared of feeling’ – tijdens een optreden in Connecticut begint Mascis met zijn gitaar op zijn bassist in te hakken. Barlow weet de klappen met zijn bas af te weren. Als twee ridders zetten ze het duel voort, tegenover elkaar op het podium, met hun gitaarhalzen als zwaarden.

Het leek zo goed te gaan. Dankzij hun tweede plaat You’re living all over me was Dinosaur Jr (met achtervoegsel vanwege een dreigende rechtszaak van de psychedelische hippieband The Dinosaurs) uitgegroeid tot pionier van de zogeheten slacker rock: het melancholieke indie-genre voor langharige, apathische en bij voorkeur naar de grond starende luilakken. De New Yorkse noiserockers van Sonic Youth namen de band vervolgens mee op tournee door de VS.

Maar in werkelijkheid is Mascis een stille dictator die zijn bandleden tot waanzin drijft. Enerzijds door ze voortdurend aan de door hem opgelegde partijen te houden. Anderzijds door als eeuwig zwijgend ijskonijn een volstrekt onverschillige indruk te wekken. In de hoop iets van een reactie te ontlokken gaat Barlow protesteren: hij besluit zich niet langer aan de voorgeschreven baspartijen te houden. In plaats van de verplichte noten, speelt hij langgerekte drones. Dat werkt, maar behalve klappen krijgt hij ook zijn ontslag.

Intussen heeft Sonic Youth een nieuwe protegé gevonden: Nirvana. Als zij zonder drummer komt de zitten, vraag zanger-gitarist Kurt Cobain aan Mascis of hij geen interesse heeft. Dat heeft hij niet. Drie jaar later verschijnt Nevermind, met Dave Grohl op drums.

Heeft Mascis spijt? In een interview met het alternatieve muziekblad Westworld – met de veelzeggende kop ‘J Mascis says „Yeah” and several other words’ – zegt hij, lang nadat Cobain zelfmoord heeft gepleegd: ‘I’m not dead. I’m glad about that.’

Wat niemand voor mogelijk heeft gehouden, gebeurt toch. Dinosaur Jr komt weer bijeen in de originele bezetting. Aanvankelijk spelen ze alleen nummers van de eerste drie platen. De rest van het oeuvre – bijeengebracht op de verzamelaar Ear-Bleeding Country – ligt nog te gevoelig. Door de knipperlichtrelatie met drummer Murph en enkele (gast)bassisten heeft Mascis gaandeweg de meeste platen helemaal zelf ingespeeld.

Het trio is inmiddels wat zwaarder, kaler en grijzer. Met zijn witte haardos is Mascis een soort Gandalf-look-a-like geworden. Maar aan het volume is in twintig jaar niets veranderd. Als vanouds razen de gitaarpartijen als een oorverdovende orkaan. Bij het reünieconcert in de Amsterdamse Paradiso houden sommige toeschouwers ruim een uur lang de vingers in hun oren.

Waarom het zo hard moet? Mascis geeft nog altijd hetzelfde antwoord als vroeger: hij wil de muziek niet alleen horen, maar ook voelen. Hij is van oorsprong drummer en speelt noodgedwongen gitaar, omdat er nu eenmaal niemand is die dat doet zoals hij het wil. En als hij niet op trommels kan slaan, wil hij toch op zijn minst de lucht uit zijn speakers tegen zijn broekspijpen voelen waaien.

En dan, op zijn 45e, zweert Mascis het lawaai af. Op zijn eerste soloalbum is hij zowaar de rust zelve. Op eerdere akoestische live-registraties van Dinosaur-nummers bewees hij weliswaar zelfs unplugged nog uit de bocht te kunnen vliegen. Maar op het vorige maand verschenen Several Shades of Why klinkt hij voor zijn doen bijna sprookjesachtig.

Natuurlijk: het thema is onveranderd: de menselijke tristesse en de onmogelijkheid van onderling contact. Maar toch is het alsof de lente in zijn hoofd is begonnen, al was het maar door de montere violen van Sophie Trudeau (Godspeed You! Black Emperor) op het briljant getokkelde titelnummer. Mascis lijkt zelfs zijn stembanden te hebben opgepoetst. Zijn keel kraakt minder dan gebruikelijk, en hier en daar wordt hij vocaal bijgestaan door Kurt Vile, Ben Bridwell (Band of Horses) en Kevin Drew (Broken Social Scene).

Maar wat staat daar op de hoes, tussen alle bedankjes aan familie en vrienden?

Bedankt Lou. Bedankt Murph. J Mascis mag dan een nieuwe roeping hebben gevonden als kampvuurtroubadour, zo te zien heeft hij de herrie nog niet voorgoed vaarwel gezegd.

Several Shades of Why is verschenen bij Sub Pop. Vanavond treedt J Mascis op in de Melkweg, Amsterdam