Audiobiografischebeats

Met het album 5K is Sander Kleinenberg genomineerd voor een 3FM Award.

„Ik maakte het alleen voor mijn eigen creatieve bevrediging”.

Over de klinkers van het parkeerterrein waaien flarden muziek. Ze komen van onder de autobumpers, uit een openstaand raampje van een souterrain. In die kelder werkt diskjockey, producer en platenlabel eigenaar Sander Kleinenberg.

Vaak bewerkt hij er andermans songs voor de dansvloer. Zo oogstte hij veel succes met zijn remixes voor Janet Jackson en Justin Timberlake. Binnenkort verschijnt een remix van Katy Perry. Vorig jaar werkte hij in het souterrain aan zijn eigen liedjes, voor het album met de titel 5K, dat tegelijk een pseudoniem is. Met die plaat is hij genomineerd voor de 3FM Awards die vanavond worden uitgereikt, in de categorie ‘beste artiest dance’.

5K voelt als zijn eerste album. Want Kleinenberg mag dan al wel zes mixalbums hebben gemaakt, een album met eigen nummers ontbrak nog. Dat zo’n plaat er kwam, was belangrijk, zegt hij: „Want in een liedje kun je iets vertellen. In een instrumentale dancetrack niet.”

Jarenlang verkeerde Sander Kleinenberg in de hoogste regionen van de dancescene. Steevast eindigt hij in de top-15 van beste dj’s ter wereld. In 2006 werd hij uitgeroepen tot de beste dj van Europa. Hij heeft zijn eigen vaste avond op Ibiza, in club Pacha, en is een voorloper op het gebied van visuals – het laten meedansen van videobeelden op zijn muziek.

Maar het was niet genoeg. Kleinenberg: „Ik wilde verder kijken dan dance. Ik wilde mijn producerschap ontwikkelen. En ik wilde mezelf uiten.” En dus begon hij teksten te schrijven, samen met vrienden. In het souterrain in Amsterdam kreeg 5K , dat hij in zijn woorden alleen voor „mijn eigen creatieve bevrediging” maakte, verder gestalte.

Sander Kleinenberg had iets te vertellen, vond hij. Twee jaar geleden overleed zijn moeder. „Ik wilde dat afsluiten met een liedje dat ik aan haar opdraag.” Dat liedje heet Wish I said: ‘You gave me this life / and then watched it shine’. Zijn moeder, zegt Kleinenberg, kwam vaak naar zijn optredens, vandaar. Maar in de club zaten ze niet te wachten op een eerbetoon van de populaire house-dj aan zijn overleden moeder.

5K werd een ander album dan menigeen had verwacht. In plaats van een stampende beat zocht Kleinenberg het in hiphop, pop en zelfs in een ballad – opgedragen aan zijn overleden moeder dus. En hij koos voor mainstream popartiesten, onder wie Dinand Woesthoff van Kane, de Britse crooner Jamie Cullum en Miss Montreal, de stotterende zangeres die bekend werd via een kaasreclame.

Die keuzes voor doorsnee popartiesten deden de wenkbrauwen in de muziekwereld fronsen. Maar het was, zoals Kleinenberg het noemt, een uitdaging. „Jamie Cullum klinkt inderdaad gepolijst. Ik wilde hem een ruw randje geven.”

Natuurlijk, zijn achtergrond verloochent hij niet op 5K. Het album, dat begint met een hiphopnummer en eindigt met een langzaam lied, heeft een hart dat nog altijd met een flink aantal beats per minuut slaat. Lang aangehouden spanningsbogen, een loeiende sirene en nummers die naadloos in elkaar overlopen – hier toont de diskjockey Kleinenberg zich. Maar een houseplaat, bestemd voor de dansvloer, werd het niet.

„Een hybride album”, zeggen zijn vrienden. „Vlees noch vis”, zeggen zijn vijanden. Hij moet erom lachten. „Het klopt dat het album vlees noch vis is. Dat is in commercieel opzicht niet handig, maar ik vind het niet erg. Deze plaat is een goede afspiegeling van mijn carrière. Ik begon met hiphop te draaien, daarna disco, dance, house. Dit zijn de audiobiografische geluiden uit mijn jeugd, toen ik naar de Ferry Maat Soulshow en Studio 538 luisterde.”

Die audiobiografische geluiden krijgen op 5K gestalte door samples, handklap en een synthesizer.

Kleinenberg heeft 5K volgens eigen zeggen voor zichzelf gemaakt. „Het dj’en doe ik al voor een ander.” Het maken van een popalbum omschrijft hij als varen op een grote oceaan, in de mist. „Dit album is in die mist gemaakt.”