Bezuinigen op tanks is niet bepaald verstandig

Minister Hillen (Defensie, CDA) heeft aangekondigd dat hij grote bezuinigingen zal doorvoeren. Als een van de onderdelen noemt hij de afschaffing van alle tanks in de landmacht.

Wij begrijpen de dilemma’s waarvoor de minister staat, maar dit voorstel is niet verstandig. In het regeerakkoord schrijft het kabinet dat het kiest voor een veelzijdig inzetbare krijgsmacht. Bij zo’n krijgsmacht horen enkele tankeenheden. Hillen wijkt aantoonbaar daarvan af.

Bij veel mensen bestaat het idee dat de gevechtstank een relikwie is uit de Koude Oorlog. Inderdaad ligt de sleutelrol in het toekomstige landoptreden bij infanterie-eenheden, maar deze moeten wel worden ondersteund door tanks.

Een tank kan in specifieke situaties de gewenste combinatie leveren van incasseringsvermogen en precisievuurkracht, of hij is nuttig als een krachtig, 24 uur per dag inzetbaar observatiemiddel, of – heel eenvoudig – om de imponerende uitstraling.

Juist infanteristen weten waarom zij een tank nodig hebben. Soms zijn ook reddingsacties of doorbraken alleen mogelijk onder dekking van een tank, omdat er dan voor licht gepantserde voertuigen geen doorkomen aan is. Met mortieren en raketten worden ongepantserde infanterie-eenheden al snel lam gelegd.

Slechts één land in Europa heeft afscheid genomen van zijn tankbestand – België. Dat land kan geen invulling geven aan shared burden, shared risk. Dat is een voorbeeld dat Nederland niet moet volgen.

Jhr. J.H. de Jonge

Generaal-majoor der cavalerie b.d.

J.L. Vermeulen

Brigadegeneraal der infanterie b.d., voorzitter Nederlandse Officieren Vereniging