Neoliberaal kraken

opinext@nrc.nl

Jelle Menges, voorzitter van de Jonge Socialisten (JS), beschuldigt krakers ervan neoliberalen te zijn, omdat er schaarste is op de ‘kraakmarkt’ en krakers een typisch neoliberale ikke-ikke-ikke-en-de-rest-kan-stikken mentaliteit vertonen, door deze markt voor zichzelf te houden (Opinie, 30 maart).

Dat is flauwekul. Er staat alleen al in Amsterdam 1,3 miljoen vierkante meter kantoorruimte leeg. Dat is genoeg voor alle woningzoekende studenten, en dan blijft er genoeg over voor alle krakers en alle starters op de sociale woningmarkt. Ook in de Amsterdamse binnenstad staat er veel meer leeg dan Menges beseft. Praktijk is dat gemeenten helemaal niet weten hoelang iets leeg staat en hier ook geen goede middelen voor hebben dit te gaan meten, ook niet door nieuwe leegstandsverordeningen.

Het is flauwekul omdat de kraakbeweging elke week zogenaamde kraakspreekuren verzorgd, waar eenieder kan binnenlopen om met hulp van ervaren krakers, een huis te kraken. Het is flauwekul omdat Schijnheilig precies het omgekeerde laat zien: een cultureel centrum dat open staat voor iedereen, en ruimte biedt aan laagdrempelige activiteiten die elders geen plek vinden.

Het sluitstuk van de vreemde wisseltruc die Menges in zijn artikel toepast, zijn de ‘sociale’ alternatieven die hij voor het ‘asociale’ kraken aandraagt: meer tijdelijke huur of antikraak. Ten eerste leidt dit tot een situatie waar vele duizenden tijdelijke bewoners contracten moeten tekenen waarin zij afstand doen van hun fundamentele huurrechten. Ten tweede betekent het dat alleen leegstand van die eigenaren die zich netjes melden bij de gemeente, aangepakt zal worden. De huisjesmelkers en grote beleggers blijven zo buiten schot. Het inperken van sociale rechten en het in bescherming nemen van kapitaalkrachtigen dat Menges voorstelt, dat lijkt toch verdacht veel op wat het neoliberalisme normaliter verweten wordt.

Waar wél behoefte aan is, is dwingende wetgeving die de maatschappelijk ongewenste leegstand bestrijdt en eigenaren verplicht om als goed rentmeester met het door hen beheerde vastgoed om te gaan.

Ernst van den Hemel, Floris Hesseling, Lonneke van der Velden, Wouter Visser en Vincent Feith.

Krakerscollectief Schijnheilig, Amsterdam