Cruijff en machtsstrijd: geen beginnen aan

Bij Barcelona werd Cruijff gedreven door liefde voor zijn club, maar ook door rancune.

En ook bij de Catalaanse club deed hij er alles aan om aan de macht te komen.

Futbol Club Barcelona leek in 2003 op het Ajax van 2011. Zowel sportief als financieel zat het Catalaanse voetbalbolwerk aan de grond. De successen van aartsrivaal Real Madrid maakten het verval van Barça nog pijnlijker. De roep om Johan Cruijff was groot. Joan Laporta, advocaat en vriend van de Nederlander, won de voorzittersverkiezingen met glans. El Salvador keerde zo voor de tweede keer terug bij Barcelona. Drie jaar later won de club onder leiding van Frank Rijkaard de Champions League.

Laporta voerde mede op advies van Cruijff een nieuw beleid in: Barcelonismo. De club moest terug naar de basis, die ooit in de jaren zeventig door de voormalige nummer 14 zelf was gelegd. Barcelona moest staan voor artistiek en aanvallend voetbal. Laporta legde de nadruk op de Catalaanse identiteit. Cruijff schoof oud-spelers als Rijkaard en Txiki Begiristain naar voren. De ex-Ajacied werd coach en het voormalig lid van Cruijffs Dream Team technisch directeur.

De aanstelling van Laporta kwam grotendeels voort uit de heimwee naar Cruijff. De socios van FC Barcelona stemden voor de voorzitter die een grote rol had in ‘De Blauwe Olifant’, een oppositiebeweging van supporters tegen de voormalige voorzitters Josep Nuñez en Joan Gaspart. Deze Catalanen golden in de jaren negentig – toen Cruijff als trainer van Barcelona de wereld veroverde – als grote rivalen van Nederlands beste voetballer ooit. Cruijff werd bij Barcelona niet alleen gedreven door liefde voor zijn club, maar ook door rancune.

Laporta regeerde met strakke hand. Het aanstellen van Rijkaard kwam hem aanvankelijk op kritiek te staan, maar de leerling van Cruijff bleek samen met Henk ten Cate een topduo te vormen. FC Barcelona ging op zoek naar versterkingen die pasten bij de filosofie van de club. Terwijl Real Madrid vedetten als Zinedine Zidane, David Beckham en Ronaldo aan zich wist te binden, winkelde FC Barcelona in een categorie daaronder. Ronaldinho, Deco en Samuel Eto’o groeiden in Catalonië uit tot wereldsterren.

De blaugranas grepen in 2005 voor het eerst in zes jaar de landstitel. Rijkaard was het middelpunt van een enorm volksfeest in Barcelona. In tegenstelling tot Louis van Gaal – de laatste trainer die in 1999 het kampioenschap met Barcelona veroverde – wist Rijkaard precies hoe hij de harten van de socios moest stelen. Onder luid gejuich bedankte el mister de fans in het Catalaans. De taal waarin de publieke scholen van Barcelona hun onderwijs geven. De taal die de gewone man op straat het beste spreekt. Maar ook de taal die Cruijff nooit onder de knie kreeg.

Cruijff genoot op de achtergrond van het onverwacht grote succes. Maar niet iedereen binnen de club geloofde onvoorwaardelijk in de adviezen van Cruijff. Vicevoorzitter Sandro Rosell wilde de invloed van het clubicoon beperken. Hij wilde samen met andere directieleden de macht naar zijn hand zetten. Laporta en Cruijff haalden de schouders op en wonnen de machtsstrijd. Rosell trad af. Een jaar later was FC Barcelona de beste club van Europa.

De selectie van Barcelona viel daarna onder Rijkaard uiteen. De Nederlander raakte zijn greep op de vedetten kwijt en nam in de zomer van 2008 afscheid. Cruijff steunde de aanstelling van een andere oud-leerling: de totaal onervaren Josep Guardiola. Onder leiding van de oud-voetballer vervolmaakte FC Barcelona de machtsgreep. De successen waren zelfs zo overweldigend dat Laporta en Cruijff werden overschaduwd. Vlak voor het einde van het tijdperk Laporta werd Cruijff vorig jaar nog tot erevoorzitter benoemd.

Cruijff leverde de onderscheiding een paar maanden later weer in bij Rosell, die als nieuwe voorzitter niet op adviezen van Cruijff zat te wachten. Begiristain werd vervangen door Andoni Zubizarreta, de oud-doelman van Barcelona die door Cruijff in 1994 verantwoordelijk was gehouden voor een pijnlijke 4-0 nederlaag in de finale van de Champions League tegen AC Milan. Nu de vijanden van Cruijff weer aan de macht zijn bij Barcelona verlegt ‘De verlosser’ zijn aandacht naar Ajax.