Bitterkutbitch

‘Al die vrouwen die je tegenkomt met een chagrijnige trek om hun mond en een lege blik in hun ogen. Die je bij het zuivelschap iets toesnauwen omdat je in de weg staat. Die de impuls in je losmaken om terug te roepen: kutwijf! Die je de rest van de dag een slecht humeur bezorgen. Wellicht omdat ze je ergens aan herinneren?’

Ziedaar de omschrijving van het prototype verbitterde moeder, waarin de hoofdpersoon Sara in het debuut van de Zweedse Maria Sveland zich ziet transformeren.

Sveland vlecht de vakantie/ vlucht van Sara (journalist en moeder) door Sara’s herinneringen en overpeinzingen, flarden uit het boek dat ze onderweg leest (Fear of flying) af te wisselen met fragmenten uit haar interviews met ‘sterke’ vrouwen, semiwetenschappelijke onderzoeksresultaten, feministische wijsheden, clichés, wrok en veel eenzijdige visies over vrouwen, de maatschappij, ongelijkheid en patriarchale onderdrukking. Het boek Bitterbitch (De Geus, € 17,90) leest soms als een pamflet, vol vakbondstaal voor miskende moeders die ook vrouwen zijn.

‘Iedere succesvolle man heeft een vrouw met vermoeide benen en migraine achter zich staan. Iedere succesvolle vrouw heeft een man met een echtscheiding achter zich liggen.’ Van dat soort.

Sveland bedacht er de term Bitterfittan voor, in goed Nederlands vertaald als bitterkut. Dit is tevens de titel van het boek, dat in Zweden en Duitsland (Bitterfotze) al de bestsellerstatus heeft.

In frisroze kapitalen prijkt het woord pontificaal op de omslag van het recensie-exemplaar, omlijst door kriebeltekeningetjes van rozen en een zoetige ingekleurde foto van een moeder en kind met vetkuif.

Maar dat kán toch niet, besloten de Nederlandse boekinkopers. De titel werd commercieel als potentiële afknapper gevreesd. De Geus, die het boek vandaag in vertaling brengt, dacht ‘dat de zware lading wel zou meevallen en dat het beoogde publiek – vrouwen tussen de 25 en 40 jaar – een boek met zo’n titel ook wel aan zou kunnen’, vertelden ze eerder in NRC Handelsblad. Niettemin, Bitterkut veranderde in het beschaafdere Bitterbitch, wat ook de titel van de Engelse uitgave is. Maar een bitterbitch, dat is inderdaad die andere vrouw bij het zuivelschap. Die vrouw die gestrest, moe en chagrijnig is. Die er grauw en futloos uitziet en lichtjaren verwijderd is van het jonge avontuurlijke meisje dat ze ooit was, vóór er kinderen kwamen.

Een bitterkut, begrijpen we van Sara, zit in je. Dat besluipt je. ‘Ik ben zo vreselijk geïrriteerd’, begint het boek, ‘over alles en iedereen, maar vooral over mezelf, wat me ijskoud maakt van binnen. Ik ben al heel lang woedend. Een gecementeerde massa die me stijf maakt.’ De bitterbitch is slechts een uiterlijk kenmerk van de bitterkut, een scherfje van het geheel. Een bitch ben je in de omgang, een bitterkut vernietigt vooral zichzelf. Het ontstijgt gedrag en wordt karakter.

Overigens komt het weer goed hoor met Sara. Bitch of kut, het gaat allemaal voorbij. In Sara’s geval als haar vakantie afgelopen is en ze ontdekt dat ze weer zwanger is en het boek eindelijk in romanvorm neerdaalt.

Viola Lindner