‘Overheid heeft te weinig kennis voor bouw nieuwe kerncentrales’

Demonstratie bij de kerncentrale in Borssele in april 1987, een jaar na de kernramp in Tsjernobyl. Foto Leo van Velzen / NRC

De Nederlandse overheid heeft te weinig kennis in huis om verantwoord nieuwe kerncentrales te laten bouwen.

Dat zeggen drie oud-topambtenaren vandaag in een interview met redacteuren Freek Staps en Oscar Vermeer in NRC Handelsblad.

GroenLinks-Kamerlid Liesbeth van Tongeren zegt “geschrokken” te zijn van die uitspraken en wil een onafhankelijk onderzoek naar het gebrek aan kennis. Ook heeft ze Kamervragen gesteld.

De drie ambtenaren hadden tijdens en na de kernramp bij Tsjernobyl in 1986 leidende posities op verschillende ministeries, en waren tevens betrokken bij het nationale crisisteam dat na de ramp werd ingesteld.

Marius Enthoven, destijds coördinator van het crisisteam:

“Wij hebben 25 jaar achter de rug waarin het allemaal goed is gegaan, dus is de aandacht van de top van departementen in de loop van de tijd een beetje verslapt.” Datzelfde geldt voor de vergunningverlening, het toezicht en de kernongevallenbestrijding. “Nu moeten soms deskundigen uit het buitenland erbij worden gehaald om inspecties te doen. Geen gezonde situatie.”

Vorige maand maakte minister Verhagen bekend dat rond 2015 met de bouw van een nieuwe kerncentrale kan worden gestart. Het Zeeuwse Borssele is in beeld als locatie. Het debat hierover stond gepland voor aanstaande woensdag, maar is uitgesteld tot 21 april, vanwege de nucleaire crisis in Japan. De Tweede Kamer wil eerst een hoorzitting houden met deskundigen en betrokkenen.

De drie zijn ook kritisch over het onderbrengen van alle bevoegdheden voor de uitbreiding van het aantal centrales bij één ministerie, dat van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie.

Enthoven: “Dat ruikt toch een beetje naar de slager die zijn eigen vlees keurt.”

Henk Tankink, oud-topambtenaar van het ministerie van Landbouw, noemt het “wonderlijk” dat er “geen checks and balances meer zijn”.


Reactie ministerie

Volgens een woordvoerder van Verhagen voldoet het ministerie momenteel “ruimschoots aan de strenge normen die het Internationaal Atoomagentschap en de Europese Unie stellen voor het toezicht op kernenergie. De kennis over vergunningverlening, toezicht en rampenopvang doet niet onder voor landen.”

Over het onderbrengen van alle bevoegdheden binnen één ministerie zegt de woordvoerder dat er onafhankelijk toezicht is op kerncentrales door de Kernfysische Dienst:

“De verantwoordelijkheden en bevoegdheden zijn binnen Nederland adequaat gespreid.”

Lees het volledige interview vandaag in NRC Handelsblad of in de digitale editie voor abonnees.