Hillen liet dreigingsanalyse bij helikopteractie ‘Sirte’ achterwege

De Nederlandse defensietop heeft geen informatie ingewonnen bij de eigen Militaire Inlichtingen- en Veiligheidsdienst (MIVD) voordat hij groen licht gaf aan de evacuatiepoging in Libië op 27 februari. Dat bevestigen bronnen in Den Haag. Het nalaten van deze gebruikelijke stap bij riskante operaties is een nieuwe aanwijzing dat er fouten zijn gemaakt rond de mislukte helikopteractie, zoals de Kamer vermoedt.

Het kabinet stuurde deze week een brief aan de Kamer over de poging om een Nederlandse ingenieur bij de Libische havenstad Sirte te ontzetten met een helikopter van het fregat Hr. Ms. Tromp. De actie mislukte en de bemanning werd bijna twee weken vastgehouden.

In een feitenrelaas bij de Kamerbrief meldde de regering dat Defensie niet beschikte over inlichtingen over de locatie waar de Nederlander zou worden opgepikt, „anders dan uit open bronnen verkregen satellietfoto’s, kaarten en de informatie van de evacué zelf”. Meer concrete inlichtingen „waren gelet op de informatiepositie van onder andere de inlichtingendiensten en partners niet beschikbaar”.

Volgens bronnen van deze krant heeft de Defensietop echter niet alle inlichtingenkanalen gebruikt. Zo heeft de Directie Operaties geen zogeheten dreigingsanalyse laten opstellen door de MIVD. ,,De MIVD is 24 uur per dag beschikbaar voor dit soort situaties”, zegt een ingewijde. Nederland had geen toestemming om het Libische luchtruim binnen te vliegen. De actie moest van tevoren worden goedgekeurd door het kabinet.

De Directie Operaties beschikt sinds enige jaren over een eigen ‘inlichtingencel’ die opereert onder directe verantwoordelijkheid van commandant der strijdkrachten Peter van Uhm. Mogelijk is deze cel tot de conclusie gekomen dat er niet meer informatie beschikbaar was. Het operatiecentrum op het ministerie van Defensie heeft echter geen contact opgenomen met het MIVD-kantoor op de Frederikkazerne in Den Haag. Volgens een bron had de inlichtingendienst op korte termijn kunnen reageren. „Als de dienst zelf geen informatie had gehad, dan hadden zusterdiensten mogelijk wel meer geweten.’’

Uit het feitenrelaas blijkt dat Defensie vertrouwde op informatie van de evacué, een medewerker van ingenieursbureau Royal Haskoning. Op diens aanwijzing landde de Lynx-helikopter vlakbij een appartementencomplex, dat zwaar werd bewaakt.

De Commissie van Toezicht betreffende de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) heeft de rol van de inlichtingendiensten bij de mislukte evacuatie inmiddels onderzocht. Het rapport ligt bij minister van Defensie Hillen. De Tweede Kamer wil het CTIVD-rapport ontvangen voordat zij debatteert over de mislukte missie bij Sirte, volgende week. Het ministerie van Defensie wil voor die tijd niet reageren.