Hoezo bier uit 'n fluitje?

Nina de Jong uit Zwolle werkt in de horeca en het valt haar op dat het favoriete bierglas van haar klanten en collega’s het fluitje is. De vraag van Nina: waar komt het glas en de naam vandaan?

Het ‘fluitje’ is vernoemd naar het champagneglas ‘flûte’. Het heeft dezelfde vorm, maar dan zonder voetstuk, zegt Teun van Veen, eigenaar van biercafé de Pilsener in Amsterdam. Volgens de café-eigenaar komt het glas – waarin ongeveer 20 centiliter bier gaat – oorspronkelijk uit Limburg. Daar noemen ze het een ‘buisje’. „Boven de rivieren vinden wij deze naam maar niks, dus wij hebben er ‘fluitje’ van gemaakt.”

Ook Oscar Oosterling, eigenaar van biercafé Oosterling in Amsterdam, zegt dat het dunne bierglas uit het zuiden van het land komt. „Uit de Brand-bierbrouwerij.” Maar volgens Oosterling noemen ze het glas daar niet ‘buisje’ maar ‘piepke’. Rob Habets, brouwmeester van Brand in het Limburgse Wijlree, beaamt dat: „Dit bierglas wordt bij ons inderdaad een ‘piepke’ genoemd. De vorm van het glas is rechttoe rechtaan, met een klein knikje in de bovenkant. Het model doet denken aan een pijp, vandaar deze naam.”

Het bierglas komt inderdaad uit Limburg. „Guus Brand, de directeur van onze brouwerij, heeft dit glas eind jaren ’60 bedacht”, vertelt Habets. „Toentertijd had je alleen grote, dikke glazen, omdat het bier daarin langer koel bleef.” Maar een bierdrinker wacht volgens Habets niet tot zijn bier warm wordt. „De echte bierdrinker is iemand die binnen 2 á 3 slokken 0,20 centiliter drinkt.” Daarom bedacht Brand volgens Habets een dun glas dat licht aanvoelt in de mond. „Deze vorm zorgt voor de ultieme smaaksensatie, want je voelt bijna niet dat je een glas in je mond hebt. Je proeft meteen het bier, dat is de filosofie achter dit glas.”

Als je een fluitje goed tapt zie je een deel van de schuimkraag achterblijven als je een slok neemt, zegt een woordvoerder van Heineken. „In een schoon glas zie je aan de drie achterblijvende schuimringen goed de fases waarin een fluitje in drie slokken wordt leeggedronken.” Koopal noemt de drie slokken een ‘ritueel’. „Aan bier hangen een hoop emoties, anekdotes en gedachten.”

Corinne van der Velden