Brinkhorst heeft gelijk, maar komt acht jaar te laat

Oud-minister Brinkhorst (Economische Zaken, D66) stelt dat Nederland meer moet investeren in innovatie en ruimtevaart (Opinie, 16 maart). Dat is zo. De Nederlandse bijdrage aan ruimtevaartorganisatie ESA (84,2 miljoen euro) steekt zielig af bij die van België (164,8), terwijl Nederland volgens Brinkhorst 220 miljoen euro ‘verdient’ aan de Nederlandse ESA-vestiging, ESTEC.

Het is vreemd deze klacht van Brinkhorst te horen, omdat juist EZ steeds beknibbelt op de ESA-bijdrage en systematisch innovatieve voorstellen van de Nederlandse industrie tegenwerkt.

Voorbeelden waarmee ik in mijn periode bij ESTEC te maken had: ondersteuning van de ontwikkeling van een nieuwe, veelbelovende raketstuwstof werd stopgezet en een systeem om ‘dode’ satellieten veilig te laten terugkeren in de dampkring, dan wel naar een veilige parkeerbaan te brengen, werd van tafel geveegd. Wel werd een nutteloze robotarm voor ruimteveer Hermes gebouwd, waarbij de aanneemprijs vele malen werd overschreden, op kosten van de belastingbetaler.

Het is met de Nederlandse lucht- en ruimtevaart steeds erger misgegaan sinds de verantwoordelijkheid verhuisde van Verkeer en Waterstaat naar EZ. De satellieten ANS en IRAS kregen geen opvolgers en Fokker werd de verkeerde weg op geholpen.

De kreet om innovatie door een D66’er doet vreemd aan, omdat de door Brinkhorst geïnitieerde splitsing van het elektriciteitsnet ertoe leidt dat vrijwel alle innovatie in ‘groene’ energie van buitenlandse bedrijven moet komen – dat kost EZ geen geld. Het was een D66’er, Wijers, die liever geld dan innovatie zag en Organon verkocht.

De inkeer is bij Brinkhorst acht jaar te laat gekomen. Hij heeft wel gelijk. Innovatie is bij EZ in verkeerde handen. De mentaliteit en onkunde bij de ambtenaren daar maken echte innovatie vrijwel onmogelijk.

H. F. R. Schöyer

Oud-hoofd voortstuwing ESA / ESTEC, Zoetermeer