Aanvallen op Libië volgen een bekend draaiboek

De eerste dagen van ‘Odyssey Dawn’ ontrollen zich volgens een bekend scenario. Daarin is Gaddafi zelf geen doelwit, zegt het Pentagon. „Maar hij moet natuurlijk geen luchtafweerbatterij gaan inspecteren.”

Zaterdag

De volgorde van de luchtaanvallen op Libië die zaterdagmiddag begonnen duidt op haast. Het waren Franse gevechtsvliegtuigen die het startschot van operatie ‘Odyssey Dawn’ gaven, door ten westen van Benghazi een handvol tanks en pantservoertuigen te vernietigen. Dat deden ze vóórdat de Libische luchtverdediging was vernietigd. Hierna ontrolde de operatie zich volgens een bekend draaiboek.

De openingszet deed denken aan de eerste luchtaanvallen op Irak in 2003. Toen waren het bommenwerpers die een boerderij nabij de hoofdstad Bagdad troffen, in de hoop daarmee leider Saddam Hussein uit te schakelen. Beide aanvallen liepen daarna uit op het standaarddraaiboek: eerst de luchtverdediging uitschakelen voordat gevechtsvliegtuigen zich in het vijandelijke luchtruim begeven.

Maar Saddam Hussein was een gelegenheidsdoel, terwijl de Libische tanks echt vernietigd moesten worden om de opmars van Gadaffi-getrouwe eenheden naar Benghazi te stuiten. Hoewel de tanks op tientallen kilometers van dit rebellenbolwerk stonden opgesteld, moeten de inslagen hebben doorgeklonken in alle gelederen van de Libische regeringstroepen.

De woestijn is vlak, veel gelegenheid om materieel te verstoppen of te camoufleren is er niet. Tanks en ander rijdend materieel verschillen zowel overdag als ’s nachts in temperatuur van de stenige achtergrond. Daardoor lichten ze fel op in de nachtzichtapparatuur.

Tijdens operatie ‘Desert Storm’ in 1991 vernietigden Amerikaanse jachtbommenwerpers op die manier honderden ingegraven Iraakse tanks, een methode die ze tank-plinking noemden (‘plinking’ is met een buks op blikjes schieten). De Iraakse bemanningen sliepen ’s nachts op honderd meter van hun tanks in plaats van erin, uit angst voor deze precisieaanvallen. De snelle, maar bescheiden Franse aanval lijkt dus vooral een gewonnen slag in de psychologische oorlogvoering.

Wat daarna volgde, toen de avond gevallen was, kwam goeddeels overeen met de eerste fase van de luchtoffensieven tegen het voormalige Joegoslavië en tegen Irak. Ook nu bleek, ondanks de diplomatieke hoofdrol van de Fransen en Britten, dat de Amerikanen het leeuwendeel van de militaire actie voor hun rekening namen.

Amerikaanse marineschepen en onderzeeboten lanceerden Tomahawk-kruisraketten tegen stationaire doelen, zoals commandoposten, radarstations, raketbatterijen tegen luchtdoelen – zoals de SAM-5 met een bereik van meer dan 200 kilometer – en militaire vliegvelden.

Ook Britse onderzeeboten vuurden Tomahawks af. Die hebben een bereik van meer dan tweeduizend kilometer. Dat betekent onder meer dat ze via grote, onverdedigde omwegen hun doel kunnen treffen.

Amerikaanse bronnen melden dat voor radar lastig te detecteren B-2 stealth-bommenwerpers tientallen bommen afwierpen op een Libische vliegbasis. De VS zet deze toestellen in om goed verdedigde doelwitten te vernietigen. De B-2 kan worden uitgerust met een reeks geleide wapens.

Een Amerikaanse Defensiewoordvoerder liet weten dat een hoogvliegend onbemand Global Hawk verkenningsvliegtuig en „nationale technische middelen” het resultaat van de luchtaanvallen hadden geanalyseerd. Met die term worden doorgaans spionagesatellieten bedoeld. Van de 22 doelen hadden er twintig schade opgelopen.

Bij die openingsaanvallen werden ook nieuwe wapens ingezet. Zo was bijvoorbeeld voor het eerst de USS Florida in actie. Dat is een kernonderzeeboot die oorspronkelijk twee dozijn intercontinentale kernraketten meevoerde, totdat vredesverdragen met Rusland de 171 meter lange, bijna twintigduizend ton metende boot overtollig maakten. Het Pentagon besloot toen de onderzeeboot om te bouwen tot „arsenaalschip”: in de plaats van de kernraketten kwamen 154 conventioneel geladen Tomahawk-kruisraketten.

Hoeveel hiervan richting Libische doelen vlogen is niet bekendgemaakt.

Dat dit ’s nachts gebeurde, was logisch. Kruisraketten zijn weliswaar trefzekere wapens, maar ze vliegen laag en niet zo snel. Overdag zou de Libische luchtdoelartillerie ze op de korrel kunnen nemen.

Veel van dat luchtdoelgeschut is onafhankelijk van radargeleiding en dus minder kwetsbaar voor storing door coalitietoestellen. Dat betekent ook: patrouillerende gevechtsvliegtuigen moeten op een veilige hoogte blijven om buiten schot te blijven.

In de loop van vrijdag en zaterdag arriveerden ook nog gevechtsvliegtuigen van de coalitie van Odyssey Dawn in de regio.

Dat dit nog gebeurde terwijl de eerste kruisraketten al onderweg waren, duidt eveneens op het snelle afhandelen van het bekende draaiboek. De tijd om Gadaffi nog eens een ultimatum te stellen was kennelijk voorbij. Daarvoor waren zijn troepen al te dicht bij een overwinning tegen de rebellen.

Zondag

Zondag waren er tekenen dat de eerste bomaanvallen op de „geïntegreerde luchtverdediging” van Libië, het netwerk van radarsystemen, commandoposten en luchtafweerbatterijen, ertoe hadden geleid dat deze grotendeels was vernietigd. De no-flyzone werd daarna officieel van kracht verklaard.

Van de vliegbasis Aviano stegen op zondag ook EA-18G Growler-radarstoringsvliegtuigen van de Amerikaanse marine op. Deze toestellen zijn wel op de radar zichtbaar, dus kwetsbaarder dan de B-2. Ze worden ingezet voor de jacht op mobiele luchtafweerbatterijen, zoals de SAM-6, die de eerste aanvalsgolf hebben overleefd.

De Growlers kunnen niet alleen radar storen – en virussen en andere cyberwapens in vijandelijke computersystemen implanteren – maar ook radarbronnen en andere „stralende” antennes aanvallen met HARM-raketten die de straling naar de bron terugvolgen.

Voor zover bekend betekent Odyssey Dawn de vuurdoop van de Growler.

In het westen gingen Franse gevechtsvliegtuigen, Rafales en Mirages, en Britse Typhoons intussen ook door met aanvallen op tanks en zelfrijdend geschut van Gadaffi-getrouwe troepen die de rebellen in het oosten van het land bedreigen.

Een Pentagon-woordvoerder maakte melding van luchtaanvallen door AV8B Harriers, een verticaal landend toestel. Waarschijnlijk vliegt dit gevechtsvliegtuig vanaf het helikoptervliegdekschip USS Kearsarge.

De precisie waarmee deze luchtaanvallen werden uitgevoerd, verraadt, behalve de nauwkeurigheid van de precisiegeleide wapens, ook een hoop voorwerk door Amerikaanse JSTARS en Britse Sentinel-radarvliegtuigen.

Deze toestellen kunnen met een radarsysteem in een gondel onder de romp militair verkeer volgen – tot op een individuele motorkoerier nauwkeurig, daarbij geholpen door het vlakke landschap. De gevechtspiloten wisten dankzij deze radarinformatie precies waarheen ze moesten vliegen om pantservoertuigen en trucks op te sporen en te bombarderen.

Volgens de coalitie voorziet de VN-resolutie 1973 niet in de legering van grondtroepen en al helemaal niet in een bezettingsmacht. De hevigheid van de aanvallen op gronddoelen maken het echter waarschijnlijk dat speciale eenheden, zoals die van de Britse SAS of Amerikaanse SEAL’s, als liaison bij de rebellen zijn gelegerd. De gevechtsvliegtuigen moeten namelijk nauwkeurig weten welke tanks en pantservoertuigen bij Gadaffi horen en welke bij de opstandelingen. Beide zijden vechten met precies hetzelfde materieel.

Daarnaast moeten de rebellen weten wanneer ze luchtaanvallen door de coalitie kunnen verwachten en dus hun luchtdoelgeschut moeten laten zwijgen.

Op zondag vertrok ook het Franse vliegdekschip Charles de Gaulle van de thuisbasis Toulon en zette koers naar de Libische kust. Het schip heeft ongeveer veertig Rafale- en Super Etendard-gevechtsvliegtuigen aan boord.

Maandag

In de nacht van zondag op maandag voerde de coalitie aanvallen uit die een light versie waren van die van een nacht eerder. Kruisraketten troffen doelen die de avond daarvoor niet of niet genoeg waren beschadigd. Ook Britse en Franse toestellen voerden bombardementsmissies uit.

Opmerkelijk doel: een paleis van Gadaffi waar volgens een Amerikaanse woordvoerder een commandopost was gevestigd.

Een andere zegsman van het Pentagon onderstreepte dat de Libische leider zelf geen doel was. „Maar hij moet natuurlijk niet nu een luchtafweerbatterij gaan inspecteren.”