Een lach en een rafeltje aan 't eind voor de traan

Will Koopman regisseerde niet alleen Gooische Vrouwen. Ze doet veel meer: de serie Iedereen is Gek op Jack (samen met Linda de Mol) en de film De Verbouwing.

En ze broedt alweer op een idee voor een volgende film.

De ironie van de premièredatum zal niemand ontgaan: op de dag dat de politieke, economische en sociale onafhankelijkheid van de vrouwen werd gevierd, stonden vier verwende vriendinnen uit het Gooi op het podium die aan elk denkbaar seksistisch stereotype voldoen. Foto Dinand van der Wal scene uit de film Gooische vrouwen (2010) FOTO: Independent Films Lies Visschedijk Fotografie Dinand van der Wal.
De ironie van de premièredatum zal niemand ontgaan: op de dag dat de politieke, economische en sociale onafhankelijkheid van de vrouwen werd gevierd, stonden vier verwende vriendinnen uit het Gooi op het podium die aan elk denkbaar seksistisch stereotype voldoen. Foto Dinand van der Wal scene uit de film Gooische vrouwen (2010) FOTO: Independent Films Lies Visschedijk Fotografie Dinand van der Wal.

Regisseur Will Koopman (54) is nog niet erg bekend bij het grote publiek, maar daar zal de komende tijd verandering in komen. En dat is niet alleen vanwege haar film Gooische Vrouwen.

Vorig jaar richtte ze met Linda en broer John de Mol Talpa Fictie op, de afdeling die binnen Talpa Media verantwoordelijk is voor dramaseries. Onlangs begon hun eerste serie, Iedereen is Gek op Jack en dit jaar zijn er nog twee te zien op tv. Bovendien verfilmt ze dit jaar De Verbouwing, het boek van Saskia Noort. Ondertussen broedt ze alweer op een idee voor een volgende film.

Koopman heeft het drukker dan ooit, vertelt ze. „Naarmate ik ouder word, wordt mijn ambitie groter. Hoe dat komt, ik heb geen idee. Misschien heeft dat te maken met het idee dat ik nog maar zoveel jaar heb.”

Het zullen slapeloze jaren worden, want een week of twee voor een première of uitzending doet ze nauwelijks een oog meer dicht. Nog steeds. „Het blijft maar malen in mijn hoofd.” Ze zit ook nooit in de zaal of naast haar man op de bank. „Ik ben bang voor reacties, bang dat mensen niet lachen. Waarom lachen ze nu niet, denk ik dan de hele tijd.”

Koopman werkt inmiddels al zo’n tien jaar samen met De Mol. Hun eerste contact werd gelegd bij de serie Spangen, die Koopman produceerde. In 2009 maakte ze haar eerste film, Terug naar de Kust, met Linda de Mol in de hoofdrol.

U werkt bij Talpa samen met Linda de Mol, maar bent ook haar regisseur in de film. Is dat niet lastig?

„We scheiden het gewoon. Het ene moment zitten we aan de vergadertafel, het andere moment zeg ik dat Cheryl meer zo en zo moet overkomen. Linda springt snel in haar rol. Het gaat eigenlijk heel goed. Ik hoef er niet echt over na te denken.”

Wat voor soort film wilde u maken?

„Een lichte film, met een lach en een traan. Daarom heb ik het einde ook veranderd. In de eerste versie, die ik nog wel heb gedraaid, zou je nogal down de bioscoop verlaten.”

De serie wisselt humor, drama en spanning af, de film is vooral humoristisch. Waarom is dat?

„Au pair Tippi Wan zat erin voor het gevaarlijke lijntje, maar die ging dood in de serie. Het zou een beetje gek zijn om haar weer terug te laten komen, net zoals we dat niet hebben gedaan met Willemijn. In de film introduceren we een ander personage voor de spanning. Maar ik moet zeggen, er zitten in de film toch wel momenten waarvan ik denk ‘poeh poeh’. Ik ben gek op spanning, maar ik denk dat we het niet nodig hadden. Over een moord bijvoorbeeld heb ik nooit nagedacht. Martin Morero en tante Cor vind ik zelf erg grappig en daar wilde ik wat meer van zien. Tja, en als je dat hebt, gaat het schuiven in de montage. Uiteindelijk had ik dertig minuten aan film over. Daar zat volgens mij wat meer spanning in, maar die moest ik weggooien.”

Zonder al te veel te verklappen: niet alle lijntjes worden afgemaakt in de film, waaronder die van Claire van Kampen. Is dat bewust?

„Ik vind dat het goed eindigt zo. Het is een gewaagde keuze, maar ik heb er met Linda en schrijver Frank Houtappels zeker over nagedacht. Met Claire hadden we eerst nog een ander einde gefilmd, maar ik vond het te zoetsappig worden. Ik hou wel van een rafeltje. En zo’n rafeltje wilde ik houden, want je weet maar nooit.”

U bedoelt dat er een tweede deel komt?

„We zijn er nog niet mee bezig, maar het kan heel snel gaan. Het hangt van het succes van deze film af en of we een goed thema kunnen bedenken voor deel twee. Deze gaat over vriendschap, maar voor een vervolg moet je iets anders verzinnen.”

Waardoor heeft u zich laten inspireren bij het maken van ‘Gooische Vrouwen?’

„Toen we in Parijs aan het filmen waren, heb ik The Hours gezien. Wat mij inspireerde in die film waren de overgangen. Razend knap gedaan.”

Niet door de beroemde serie ‘Sex and the City’, met ook vier vrouwen in de hoofdrol en die ook is verfilmd?

„Nee, ik moet eerlijk bekennen dat ik die film helemaal niet gezien heb. Wel deel twee, maar daar vond ik niet zoveel aan. Ik heb de vergelijking wel eerder gehoord, omdat ik begreep dat in het eerste deel de vrouwen ook na een mislukt huwelijk op reis gaan. O jee, wat erg, dacht ik toen.”

Een groot verschil is in elk geval het tempo. Uw film raast voorbij.

„Dat is de stijl van de serie, en ook wel mijn stijl. Ik hou niet zo van het uitmelken van gebeurtenissen, het publiek begrijpt zelf heel veel. Je moet niet alles willen invullen.”

Ligt oppervlakkigheid dan niet op de loer?

„Het is een komedie, ik weet niet of dat met oppervlakkigheid te maken heeft. Volgens mij moet een komedie snel zijn, dat is leuker om naar te kijken. Ik heb wel opgelet dat het niet plat werd. Ik heb net tegen dat randje aan geregisseerd. Platte humor vind ik zo makkelijk, zo in your face. Iedereen moet zelf bepalen wanneer hij gaat lachen.”

U heeft alleen de pizzakoerier en de serveerster gecast, de rest van de acteurs heeft u gevraagd. Waarom cast u nooit?

„Ik werk veel op mijn gevoel. Ik denk meteen: die hoort bij die rol. Ik ga vaak naar het theater en ken veel acteurs. Zo is Tjitske Reidinga eigenlijk een enorme comédienne. Voor de rol van Claire moest ik haar strak krijgen. Ik vind het leuk om te kijken wat er nog meer in mensen zit. Ze speelt straks ook de hoofdrol in De Verbouwing. Dat is een thriller, dan moet ze weer een andere kant laten zien.”

Linda de Mol speelde in uw eerste film, Tjitske Reidinga in de volgende. Waarom werkt u veel met dezelfde mensen?

„Dat lijkt nu zo, maar ik had Linda bijvoorbeeld al vóór de serie Gooische Vrouwen gevraagd voor Terug naar de Kust. Veel andere acteurs uit die film kende ik nog niet, zoals Daan Schuurmans en Huub Stapel. Ik wil juist niet op zeker gaan. Maar als ik een boek lees of een script, wil ik daar meteen een persoon bij zien. Bij het lezen van De verbouwing had ik Tjitske in mijn hoofd, bij Terug naar de Kust Linda. Zij heeft als actrice veel in zich, dat zie ik.”

Waaróm werkt u eigenlijk al zo lang met Linda de Mol, wat bindt jullie?

„Misschien lijken we wel op elkaar. We hebben beiden een grote drijfveer. Ik vind het leuk aan Linda dat hoe ouder ze wordt, hoe meer ze durft. Ik bewonder het als mensen lak hebben aan de rest van de wereld.”