...is de rechter ook een ondernemer?

e aangekondigde sluiting van de onderzoeksafdeling van farmaproducent Organon was negen maanden geleden een kaakslag voor Nederland kennisland. Maar wat zou pas echt rampzalige gevolgen hebben?

Als de rechter de Amerikaanse eigenaar van Organon zou dwingen om de afgebroken onderhandelingen over sluiting of verkoop van de onderzoeksafdeling te hervatten, zoals de ondernemingsraad en de commissarissen van Organon morgen vragen.

Organon in Oss (bekend van de anticonceptiepil) heeft een van de drie grootste onderzoeks- en ontwikkelingsafdelingen (295 miljoen euro in 2009) in het Nederlandse bedrijfsleven. Alleen Philips (707 miljoen euro) en chipmachinefabrikant ASML in Veldhoven (426 miljoen) staan op de 2009-rangslijst hoger.

De sluiting van de onderzoeksafdeling kost 1.100 banen. Ook ruim 1.000 productiebanen verdwijnen. Merck, de multinational die sinds 2009 eigenaar is van Organon, wil onderzoek en ontwikkeling verder concentreren in de Verenigde Staten en sluit nog drie andere Europese centra.

De schok van de sluiting leidde in Oss tot protesten en tot Haagse politieke ‘pressie’. Maar medewerkers en andere belanghebbenden hebben in Nederland ook nog een andere, unieke mogelijkheid om hun gelijk te halen.

De rechter.

De Ondernemingskamer van het Amsterdamse gerechtshof moet belangentegenstellingen tussen tussen werknemers, aandeelhouders en bedrijfsdirecties beslechten. Het is een ‘innovatie’ uit de conflictrijke jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw.

Snel na de aangekondigde sluiting stapten de ondernemingsraad en de raad van commissarissen naar de Ondernemingskamer. De zitting is steeds weer uitgesteld in afwachting van onderhandelingen om een koper te vinden voor het onderzoekscentrum. Nu de top van Merck ruim twee weken geleden de aangedragen oplossing heeft afgewezen, moet de rechter weer aan de slag.

Morgen dient een kort geding in Amsterdam om de Amerikanen weer aan de onderhandelingstafel te krijgen. Zal een rechter in kort geding zo’n verstrekkende eis toewijzen? Goeie kans dat de rechter redeneert: dit lijkt me iets voor een procedure bij de Ondernemingskamer. Die is ook gewend snel te handelen.

Op 24 maart hervatten de partijen hun zaak bij de Ondernemingskamer. De rechters daar waren in het verleden niet bang voor controversiële uitspraken die miljardenovernames, zoals die van ABN Amro of luxemerk Gucci, ingrijpend beïnvloedden.

Maar daarbij ging het niet om ondernemingsvrijheid. De consequenties voor het vestigingsklimaat van Nederland laten zich raden als de rechter tegen de Amerikaanse bedrijfstop zegt: jullie dachten wel dat hier ondernemingsvrijheid geldt, maar uiteindelijk bepaal ik hoe Merck zijn bedrijf moet leiden.

Zeker Amerikaanse multinationals, die op hun thuismarkt gewend zijn hun gang te gaan, reageren hypergevoelig op inmenging van buiten. Of het nu de overheid of de rechter is. Voor je het weet stappen hún aandeelhouders naar de rechter om hén aan te pakken. Én roept de Amerikaanse Kamer van Koophandel moord en brand. Én schrikken bestaande en potentiële buitenlandse investeerders in dé Nederlandse kennisregio, Brainport tussen Eindhoven en Maastricht, zich een hoedje en heroverwegen zij hun bijdrage. Dán hebben Nederland en minister Verhagen (Economie, Lanbouw & Innovatie) pas echt een probleem.

MENNO TAMMINGA