Troepen Libische leider gaan in offensief

In Libië zijn eenheden die trouw zijn aan het bewind van de Libische leider Gaddafi gisteren en vandaag in het tegenoffensief gegaan in het westen en het oosten van het land.

De Algemene Vergadering van de Verenigde Naties schorste gisteren eenstemmig Libië als lid van de Mensenrechtenraad in Genève. Secretaris-generaal Ban Ki-moon sprak van een „sterke en belangrijke boodschap” dat „diegenen die misdrijven tegen de menselijkheid begaan worden gestraft”.

In het oosten van Libië, dat na het uitbreken van de opstand twee weken geleden snel in handen van opstandelingen viel, werd de herovering van de oliehaven Brega gemeld. Ook werden rebellen verdreven uit steden bij de hoofdstad Tripoli in het westen. De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton waarschuwde voor een slepende burgeroorlog.

Vanochtend was het rustig in het centrum van Tripoli, zei een jonge vrouw, die om veiligheidsredenen anoniem blijft, telefonisch tegen deze krant. De mensen worden steeds banger, zei ze. Toch gaan ze vrijdag na het middaggebed weer de straat op. „Maar we zullen ons niet kunnen verzamelen. Er zijn veel veiligheidstroepen , en helikopters in de lucht. Er zullen weer veel doden vallen.”

Amerikaanse oorlogsschepen passeerden vandaag het Suezkanaal op weg naar de Libische kust met het oog op internationale inspanningen de druk op Gaddafi te vergroten. In Brussel werken NAVO-landen, aldus diplomaten, aan plannen voor no-flyzones. Gezien de militaire impasse zei een aantal opposanten in Benghazi aan een vraag om militaire hulp te denken.

Nuri al-Mismari, Gaddafi’s chef protocol die in november vluchtte, zei in Parijs dat de startbanen van de vliegvelden gesaboteerd kunnen worden. Maar een aanval op Gaddafi zou volgens hem alleen onschuldige slachtoffers maken. De Arabische Liga riep Gaddafi op „de legitieme rechten” van burgers te respecteren. Tegelijk onderstreepte zij geen buitenlandse interventie te willen.

Vluchtelingenstroom leidt tot problemen: Drie