Ongelijk economisch herstel in Europa

Het economisch herstel van de noordelijke en zuidelijke landen van de eurozone en de Europese Unie verloopt ongelijk. Dat zei eurocommissaris Olli Rehn (Economie en Monetaire Zaken) gisteren in reactie op economische prognoses van de Europese Commissie. Noordelijke landen met een sterke exportsector, zoals Duitsland, groeien dit jaar sneller dan zuidelijke lidstaten.

Het traagst groeien Spanje (0,8 procent) en Italië, blijkt uit de prognoses. De groeiverwachting van Polen, geen euroland, springt eruit: 4,1 procent.

Europese leiders onderhandelen momenteel over strakkere economische coördinatie om deze verschillen in te dammen. Op 11 maart moeten zij over de grote lijnen beslissen. Pas als het zuiden competitiever wordt en meer begrotingsdiscipline toont, willen noordelijke landen eind maart een permanent reddingsfonds helpen oprichten voor de eurolanden.

Zolang deze onderhandelingen voortduren, moet Europa volgens Rehn rekening houden met „voortgaande onzekerheid op financiële markten’’.

De economie van de zeventien eurolanden groeit dit jaar gemiddeld 1,6 procent. Nederland zit daar met 1,7 procent net boven. De 27 landen van de Europese Unie groeien gemiddeld 1,8 procent.

Het economische herstel van de EU, dat 0,1 procentpunt hoger ligt dan Commissie-ramingen uit oktober, is grotendeels het gevolg van de snel aantrekkende wereldhandel. De laatste maanden stijgt de vraag naar Europese producten in de VS en opkomende economieën in Azië en Latijns-Amerika.

Ook houdt de schuldencrisis de koers van de euro relatief laag. Exportlanden in Noord-Europa groeien daardoor het sterkst. Zo zal de Duitse economie in 2011 waarschijnlijk met 2,4 procent groeien. Zelfs in Italië komt de bescheiden groei (1,1 procent) vooral voor rekening van de export.

Nederland profiteert ook van de gestegen export. De Commissie merkt wel op dat dit effect in Nederland wordt getemperd doordat economische stimuleringsprogramma’s abrupt zijn gestopt door bezuinigingsmaatregelen.

Inflatie vormt een risico voor de Europese economie in 2011. De stijging van de consumentenprijzen ligt met 2,2 procent voor de eurozone en 2,5 procent in de EU hoger dan de 2 procent die de Europese Centrale Bank als richtlijn hanteert. De inflatie wordt verder opgedreven door stijgende olieprijzen, het gevolg van politieke onrust in olieproducerende Arabische landen. De ECB besluit morgen over een mogelijke verhoging van de rente in de eurozone.