Nederland actief in havenstad Sohar

Nederlandse bedrijven stampen in Oman een enorme haven uit de grond. De koningin zou het project bezoeken, maar juist daar zijn nu onlusten uitgebroken.

Omani army troops patrol the streets of the key industrial area of Sohar, northwest of the capital Muscat, following clashes between Omani police and protesters as the turmoil rocking the Arab world reached the usually calm Gulf sultanate of Oman. AFP PHOTO / KARIM SAHIB
Omani army troops patrol the streets of the key industrial area of Sohar, northwest of the capital Muscat, following clashes between Omani police and protesters as the turmoil rocking the Arab world reached the usually calm Gulf sultanate of Oman. AFP PHOTO / KARIM SAHIB AFP

De onlusten in de Golfstaat Oman beginnen volgens ooggetuigen uit de hand te lopen. In de hoofdstad Muskat, maar vooral in de noordelijke havenstad Sohar, hebben protesterende menigtes politiebureaus in brand gestoken en winkels geplunderd. De demonstranten eisen beter werk, meer loon en politieke hervormingen. Er zijn inmiddels doden en gewonden gevallen en meer protesten worden verwacht.

Families van Nederlandse expats in Sohar zijn al geëvacueerd. Het staatsbezoek van koningin Beatrix, prins Willem-Alexander en prinses Máxima dat voor komende week staat gepland, onder andere aan Sohar, is daarmee zeer onzeker geworden. Wat heeft dat hoge bezoek, inclusief een afvaardiging onder leiding van minister van Economische Zaken Maxime Verhagen, in het stoffige kustplaatsje te zoeken?

Het antwoord: bij het stadje wordt sinds 2003 een havenproject van Maasvlakte-achtige allure uit de grond gestampt. En dat project heeft een grote Nederlandse signatuur. Tijdens een persreis naar Port-of-Sohar eind vorig jaar werd de schaal van de onderneming getoond. Op een terrein van ruim twintig vierkante kilometer zijn al staalsmelterijen, raffinaderijen, containerbedrijven en een aluminiumgieterij verrezen.

De uitbreidingsplannen zijn nog ambitieuzer: via een grote steiger moeten zeeschepen Australisch ijzererts kunnen lossen, waarna de stalen pellets van de smelterijen met kleinere schepen Chinese fabrieken kunnen bedienen. Verder landinwaarts komt een vliegveld en zijn twee grootschalige belastingvrije zones gepland, waar bedrijven zich kunnen vestigen zonder veel bemoeienis van de Omaanse overheid.

Het Nederlandse bedrijfsleven is zwaar vertegenwoordigd binnen dit project, dat is de reden waarom de Port-of-Sohar op de agenda van het staatsbezoek staat. Zo participeert het Havenbedrijf van Rotterdam in het havenmanagement. „Op die manier”, zei Jan Meijer, tweede man van SIPC, „blijft Rotterdam op internationaal maritiem terrein een speler.” En ook het Rotterdamse Scheepvaart en Transportcollege (STC) speelt een grote rol bij de opleiding van bemanningen.

De Port-of-Sohar vormt een belangrijk onderdeel van het overheidsbeleid van de Golfstaat om de nationale economie te ‘Omaniseren’. Dit beoogt het aandeel van de eigen bevolking te vergroten ten koste van de grote aantallen ingehuurde buitenlandse werkkrachten.

Deze arbeidsmigranten zijn vooral afkomstig uit India, Bangladesh en Pakistan en zijn met name werkzaam in de bouw en in andere laagbetaalde sectoren. In de olie-industrie en in andere hightechbranches werken veel Amerikanen en Europeanen, onder wie dus Nederlanders.

De onderminister van Economische Zaken, sjeik Abdulmalik Al-Hinai, liet destijds weinig twijfel bestaan over de geopolitieke betekenis van Sohar. „Port-of-Sohar ligt aan de goede kant van de Straat van Hormoes.” Dat is de zeestraat tussen Iran en Oman.

Langs deze route gaat een groot deel van de mondiale olie van de velden in de Golf naar markten in China, Japan, Europa en de Verenigde Staten wordt vervoerd. Wanneer een conflict uitbreekt tussen Iran en bijvoorbeeld Israël en de VS, dan gaat men ervan uit dat Iran de engte en daarmee alle maritieme handel afsluit.

Dankzij deze ‘Omanisering’ en de snelle groei van de industrie rond de Port-of-Sohar moet de werkgelegenheid in ieder geval rond Sohar al aanmerkelijk zijn toegenomen. Dat tóch ongeregeldheden zijn uitgebroken doet vermoeden dat de werkgelegenheid niet snel gegroeid is of dat de economische malaise niet de belangrijkste drijfveer van de onrust is, maar de roep om politieke hervormingen.

Afgelopen weekeinde verving Sultan Qaboos zes ministers, onder wie die van Handel en Onderwijs. Maar dat lijkt niet genoeg om de betogers tot bedaren te brengen. Toch kan de sultan beledigd zijn als koningin Beatrix het staatsbezoek zou afblazen vanwege de onrust. Wellicht dat ze daarom wacht tot hij zelf de uitnodiging intrekt.