'Ik schrijf mijn memoires terwijl mijn geheugen faalt'

De Deense schrijver Jens Christian Grøndahl publiceerde onlangs zijn memoires: „In Denemarken gebeurde nooit iets sdchokkends.”

Amsterdam 15-12-2010 Jens Christian Grondahl Foto NRC H'Blad Maurice Boyer
Amsterdam 15-12-2010 Jens Christian Grondahl Foto NRC H'Blad Maurice Boyer

„Eigenlijk ben ik te jong om memoires te schrijven. Ik ben pas 50. De ideale leeftijd is voorbij de 80”. Aan het woord is de Deense schrijver Jens Christian Grøndahl (1959) die recent zijn herinneringsboek schreef, getiteld Over een uur ontluiken de bomen.

Grøndahl is in Amsterdam op uitnodiging van het Academisch Instituut Spui 25. Hier vindt donderdagavond een debat plaats tussen Grøndahl, Joep Leerssen, hoogleraar Moderne Europese Literatuur en Margot Dijkgraaf, directeur van Spui25 en recensent literatuur van NRC Handelsblad. Onderwerp van het debat met als titel Narratives for Europe: Stories that matter is de plaats die literatuur moet innemen in het nieuwe, verenigd Europa.

Voor deelname aan deze gedachtenwisseling is Grøndahl meer dan geschikt. In zijn memoires komt hij te voorschijn als een rusteloze jongeman die door Europa zwerft en ook geruime tijd in Israël verblijft. „Ik wilde graag weg uit Denemarken. Daar gebeurde nooit iets schokkends. Ik groeide op als een voortvarend kind in een welgestelde Deense samenleving.” Het adres van Grøndahls vader was het enige vaste in zijn leven van toen. „Mijn memoires zijn begonnen toen ik in het huis van mijn vader een doos aantrof met alle aan mij gerichte correspondentie”, zegt Grøndahl.

Bij de reconstructie van zijn vroege levensjaren stuitte hij vervolgens op het probleem dat hij veel was vergeten. Hij zegt dat hij „hinder ondervond van een falend geheugen. Het schrijven van memoires betekent een onophoudelijke confrontatie met geheugenverlies.”

In Over een uur ontluiken de bomen is een schrijver aan het woord die ondermeer worstelt met poëzie. Grøndahl wilde voor alles dichter worden, daarna kunstschilder en niet de prozaschrijver die hij nu is. In het boek zijn de gedichten afgedrukt met regels als: „(...) deze kamers met elkaar/ verbonden door lange/ pauzes bedekken jaloers/ het geheim achter/ de doorgankelijkheid van de lucht”. De aankomend auteur volhardt in zijn poëzie totdat hij zich aanmeldt voor de filmacademie in Kopenhagen. Dat markeert de breuk met poëzie. „Op de filmacademie leerde ik omgaan met het verhalende element van proza”, aldus Grøndahl. „Film inspireerde me en vormde de brug tussen poëzie en proza.”

Hij herinnert zich dat hij knipte en plakte aan een ouderwetse montagetafel. „Ik raakte geboeid door het narratieve element van film. Net als een roman ontvouwt een film zich in de tijd. Wie een film maakt of een roman schrijft, moet als eerste het vertelperspectief kiezen.”

Grøndahl maakt in zijn memoires een onderscheid tussen ontwikkeling en verandering. „Ontwikkeling is een geleidelijk proces, verandering gaat schoksgewijs. In 1989 veranderde er plotseling van alles binnen de Europese verhoudingen, te beginnen met de val van de Berlijnse Muur. „De vragen die we ons sindsdien als Europeanen moeten stellen, zijn: ‘Hebben jonge mensen nog een band met de geschiedenis?’ en ‘Wat is de rode draad die ons, Europeanen, verbindt?’ Schrijvend aan de memoires viel me op hoe geleidelijk mijn leven is verlopen in een Europa dat wél ingrijpende gebeurtenissen kende. Dat maakt het terugblikken ook in historisch opzicht interessant.”

Jens Christian Grøndahl: Over een uur ontluiken de bomen. Memoires. Vert. Annelies van Hees. Prijs: € 19,95 Uitg. Meulenhoff. Inl: ‘Narratives for Europe: Stories that matter.’ In: Spui25, Amsterdam. Inl: www.spui25.nl