De ouderen winnen het van de jongeren

Gerardjan Rijnders brengt De Meeuw van Tsjechov.

Saskia Temmink overtuigt als Arkadina. Maar het stuk blijft helaas te conventioneel.

"De Meeuw" Hummelinck & Stuurman Van: Anton Tsjechov, Regie: Gerardjan Rijnders,Bewerking: Gerardjan Rijnders en Janine Brogt, Dramaturgie: Janine Brogt, Met: Marisa van Eyle, Saskia Temmink, Eline ten Camp, Paul R. Kooij, Titus Muizelaar, David Lucieer, Cees Geel, Reinier Bulder, Thijs Prein en Hanne Arendzen.
"De Meeuw" Hummelinck & Stuurman Van: Anton Tsjechov, Regie: Gerardjan Rijnders,Bewerking: Gerardjan Rijnders en Janine Brogt, Dramaturgie: Janine Brogt, Met: Marisa van Eyle, Saskia Temmink, Eline ten Camp, Paul R. Kooij, Titus Muizelaar, David Lucieer, Cees Geel, Reinier Bulder, Thijs Prein en Hanne Arendzen. Ben van Duin

Wat is ze een heerlijke feeks, Saskia Temmink als Arkadina, type ‘bloed-onder-je-nagels’. De oudere actrice uit Tsjechovs De meeuw, die is geobsedeerd door haar eigen succes, uiterlijk, en – vooral – leeftijd. Draait ze twee vlechtjes in het haar, houdt haar hoofd scheef en kirt: ‘Ik kan nog makkelijk een meisje van vijftien spelen’. Of ze vergelijkt zichzelf met de 22-jarige Masja: ‘Wie ziet er jonger uit?’ Ze eist voortdurend de aandacht op, is het niet giechelend dan wel stampvoetend. Onuitstaanbaar is ze; het is heerlijk om haar te haten. En Temmink speelt dit aspect van haar rol joyeus en virtuoos.

Het maakt de start van Gerardjan Rijnders’ regie van De Meeuw tot een feest. Rijnders trapt af met een drankovergoten zomeravond in de tuin van het buitenhuis van Sorin. Een vrolijk begin van de familiereünie, die jaren later zo fataal zal blijken te zijn geweest.

Arkadina, Sorins zus, bezoekt hem op zijn landgoed in gezelschap van haar minnaar Trigorin (Cees Geel). Haar zoon Kostja (David Lucieer) rebelleert tegen haar en smeekt tegelijkertijd om erkenning. Tevergeefs: zijn moeder lacht zijn toneeltekst weg. Buurmeisje Nina (Eline ten Camp) wijst zijn liefde af en laat zich verleiden door Trigorin. En dan zijn er nog de bijrollen: stuk voor stuk tragikomische figuren gevangen in ongelukkige levens.

Rijnders laat de cast zelf het decor opbouwen – een lange houten tafel, een ratjetoe van stoelen, een plastic tuincentrumprieel. Even later doen ze dat weer, nu voor het ‘toneelstuk-in-een-toneelstuk’: de gewraakte tekst die Kostja in de tuin door Nina laat spelen. Dat is een aardig droste-effect, waarmee Rijnders meteen de leugen van de levens van de personages toont: alles is spel, onecht. In zijn regie blijft het echter bij die ene vondst – voor het overige is Rijnders’ Meeuw conventioneel en keurig.

Dat is verrassend, daar Rijnders juist met radicale regies faam verwierf. Maar op zichzelf is het geen bezwaar – met Tsjechov heeft een regisseur immers bij voorbaat goud in handen. Toch weet Rijnders niet optimaal munt te slaan uit zijn materiaal. Dat ligt hier vooral aan de bezetting: Temmink is groots als schmierende diva, maar ze speelt de tragische kant van haar personage te boos, te dramatisch. Ook de andere hoofdrolspelers laten kansen liggen. Tsjechov vraagt bij uitstek om gelaagd spel, het schakelen van emoties, een getroebleerd gevoelsleven dat door het vrolijke of stoïcijnse voorkomen heen schemert. Maar die tweede laag ontbreekt hier vaak, waardoor cruciale scènes, zoals die tussen moeder en zoon, of tussen Kostja en Nina, emotioneel niet overtuigen.

De oudere acteurs in de bijrollen weten zich juist bijzonder goed raad met Tsjechovs hartverscheurende droefenis. Reinier Bulder vindt als de oude Sorin precies het juiste evenwicht tussen spijt en berusting. Paul R. Kooij weet met een paar zinnen tekst het hele tragische leven en ongelukkige huwelijk van landopzichter Sjamrajev op te roepen; hij ratelt maar door als hij even de kans krijgt; eindelijk iemand die luistert. En Marisa van Eyle als zijn echtgenote Polina is prachtig in haar veronachtzaamde seksualiteit; rok omhoog, wijdbeens, koestert haar verwaarloosde lichaam zich in de zon. De scène waarin Polina de charmante dorpsdokter Dorn (Titus Muizelaar) de liefde verklaart, is een hoogtepunt in de voorstelling.

Het generatieconflict in Tsjechovs De meeuw wordt vaak opgevat als een steunbetuiging aan de jeugd, die door de ouderen kapot wordt gemaakt. Door de casting gaat dat accent in Rijnders’ regie verloren. Arkadina háát Nina en Kostja om hun leeftijd, maar dat is hier helemaal niet nodig. In Rijnders’ Meeuw krijgt de oudere generatie door haar acteerprestatie verreweg de meeste sympathie.

Theater

De Meeuw van Tsjechov

Door Hummelinck Stuurman.T/m 5 juni

Speeldata zijn te vinden op www.hummelinckstuurman.nl