Buiten zinnen over verbroken relatie

Wie: Daniëlle P.

Staat terecht voor: verzet bij aanhouding en mishandeling van een agent

Waar: rechtbank Eindhoven

Vrouwe Justitia draagt een blinddoek. Ze oordeelt zonder onderscheid.

En dat geldt ook voor politierechter Sebastiaan Hermans (32) .

Hij is weliswaar niet volledig blind, maar het scheelt niet veel: van één oog doet nog maar zes procent het. Sommige advocaten zeggen tegen hem wat hij niet kan zien. „Ik ga even naast mijn cliënt zitten.”

Vandaag behandelt Hermans vijftien zaken. Als hij iets wil opzoeken in het strafdossier, glijden zijn vingers over het braille-toetsenbord van een kleine laptop.

Eén van de verdachten die hij vandaag hoort, is de 22-jarige Daniëlle P. uit Geldrop. Ze is gekleed in een beige vest, heeft een modieuze leren tas bij zich en draagt haar lange donkerblonde haren in een lage staart. Als ze gaat zitten, zet ze haar voeten netjes naast elkaar. Haar advocaat vertelt de rechter dat haar vader in de zaal zit.

Wie Daniëlle ziet, kan zich moeilijk voorstellen dat zij de persoon is die gedaan zou hebben wat op de tenlastelegging staat. En wat meerdere getuigen haar hebben zien doen op een zomeravond in juli. Zelf herinnert Daniëlle zich alleen nog het begin van die avond, die vele uren later eindigde met haar opsluiting in een politiecel.

Ze was thuis bij haar ouders met vriendinnen en erg verdrietig. Haar vriendje had het uitgemaakt na „een best lange” relatie die volgens haar advocaat, „in ieder geval voor Daniëlle” behoorlijk serieus was. De meiden zetten het op een drinken en gingen daarna naar het uitgaanscentrum in Valkenswaard – waar ze nog veel meer dronken. En, dat zul je altijd zien, Daniëlle kwam daar het vriendje tegen dat haar net had gedumpt. Hij vertelde volgens haar advocaat, „op een hele lompe manier” dat hij haar echt nooit meer wilde zien.

Op dat moment stopt de film in het hoofd van Daniëlle. En iets later gaat de film verder, nu vanuit het perspectief van twee agenten. Zij zien de blonde Daniëlle op een terras in Valkenswaard met stoelen gooien. Ze is buiten zinnen, scheldt aan één stuk door en het lukt niet om haar te kalmeren. Tegen één van de agenten schreeuwt ze: „Vuile kutmongool, ik moet een taxi hebben.”

En daar blijft het niet bij. Als de agenten haar proberen aan te houden, laat ze zich op de grond vallen en maait ze met haar armen en benen om zich heen. Er zijn uiteindelijk vier agenten nodig om haar aan te houden. Eén van hen krijgt van haar een knietje. Op de achterbank van de politieauto ziet ze kans de bovenarm van de agente die naast haar zit beurs te knijpen. Op het politiebureau raakt ze zó buiten zinnen dat de agenten haar pas op durven te sluiten nadat ze medisch advies hebben ingewonnen.

Rechter Sebastiaan Hermans kan niet zien hoe Daniëlle in de zaal de tranen in haar ooghoeken dept. Maar misschien hoort hij haar sniffen. De dag na haar aanhouding verklaarde ze bij de politie: „Als dit zo gebeurd is, schaam ik me diep.” En dat doet ze nog steeds, zegt ze in de zaal tegen Hermans. Ze wil ook best de 350 euro schadevergoeding betalen die de agenten hebben gevraagd. Niet vanuit „juridische verplichting”, licht haar advocaat toe, maar omdat ze „een stap wil maken”.

De officier van justitie vindt dat het Daniëlle „siert” dat ze zich schaamt en haar excuses wil aanbieden. Tegelijkertijd is het natuurlijk niet te accepteren dat zij ‘burgers met een publieke taak’ aanvalt. Gedrag dat helaas „schering en inslag” is. Het Openbaar Ministerie eiste in soortgelijke gevallen wel 180 uur dienstverlening, zegt de officier. Maar zo ver wil hij in dit geval niet gaan. Hij eist 100 uur.

Haar advocaat noemt Daniëlle een „jonge vrouw met dromen en idealen die één keer de weg is kwijtgeraakt” onder invloed van alcohol en verdriet. Hij snapt dat haar gedrag niet door de beugel kan, maar zijn cliënt mag niet „de dupe worden van een algemene rancuneuze reactie op een maatschappelijke tendens”. Hij vraagt zich verder af of de vier agenten het „toeterzatte meisje” niet „deugdelijk” hadden kunnen aanhouden. „Hoe moet dat bij een potige man?”

Rechter Sebastiaan Hermans vindt dat bewezen is dat Daniëlle zich heeft verzet tegen de aanhouding. Het knietje valt daar wat hem betreft ook onder. Hij vindt ook dat ze verantwoordelijk is voor haar daden. „Liefdesverdriet en alcohol komen voor rekening van de gebruiker.”

En natuurlijk beoordeelt Hermans elk geval an sich, maar hij moet ook rekening houden met „de roep om strenger op te treden”. Hij legt 70 uur dienstverlening op en Daniëlle moet de schadevergoeding betalen die de agenten hebben geëist.

De handicap van Sebastiaan Hermans belemmert hem niet in de rechtszaal, vindt hij zelf. Hij beoordeelt de feiten en omstandigheden van een zaak, zoals rechters geacht worden te doen. Daarbij vindt Hermans dat álle rechters voorzichtig moeten zijn met het trekken van conclusies op basis van non-verbale communicatie.

Merel Thie