Nieuw leven

O ja, ik zal vandaag aan Peter Post en aan Jean Nelissen denken. Aan ‘Gentenaar’ Tom Simpson, en misschien wel aan Louison Bobet. Maar groter dan rouw blijft het verlangen naar het openingsweekend van het wielrennen. Naar Omloop Het Nieuwsblad en Kuurne-Brussel-Kuurne.

Ineens voel je weer wat een hoogdag is. In het zalige besef ook dat deze lente niet meer kan worden teruggedraaid. Zelfs niet als slagregens en windhozen vandaag en morgen de renners uit hun zeemvel blazen.

De Omloop maakt een einde aan de stille paniek van de winter. Uit titaniumframes en stuurlinten flitst ineens een nieuw soort erotiek. De verse geur van masseerolie: eten en drinken. Toetje: in de roestige koppen van wielrenners zie je letterlijk het deeg van een wedergeboorte rijzen.

In pittoreske onschuld, dat ook nog.

Zelf kan ik geen molshoop over, maar vandaag word ik gelukkig. Het is genade van oude en nieuwe tijden die samen de eeuwigheid van het wielrennen vormen. Als je uit de verte naar het peloton kijkt, zie je nog steeds Cecco Moser, Erik Breukink en Gerrie Knetemann fietsen. Ook casanovistische types als Tom Boonen en Tyler Farrar worden in de koers almaar meer dodenmasker van Briek Schotte en Jean Robic.

Wielrennen heeft geen verleden, of alleen maar.

Ach, de oortjeskwestie. Opgepompt dilemma van UCI-klerken die gezag verwarren met treiterkunst. Zoals ze dat doen met bloedpaspoorten en whereabouts. Straks worden ook nog zadelzit, haarsnit en aluingehalte van de kin strak gereglementeerd. Wat moeten leeghoofden anders, om op televisie te komen?

Vorig jaar won Bobbie Traksel Kuurne-Brussel-Kuurne. In apocalyptisch hondenweer. De roes was zo heftig dat hij aan de finish ook nog vrouw Christa en dochtertje Maud blootstelde aan de moordlust van de elementen. En ze bleven maar strelen en zoenen, die drie. Allicht: met een semiklassieker in het openingsweekend op zak kon het jaar van Bobbie Traksel niet meer stuk. Christa mocht meteen een nieuwe keuken kopen.

Nederlandse renners doen er nog weinig toe in de voorjaarsklassiekers. Dat was vroeger anders, met Kuiper, Raas, Knetemann, Dekker en Knaven. Niki Terpstra heeft zeker een Ronde van Vlaanderen in de benen en Lars Boom kan gezwind de Oude Quaremont op, maar het lijkt of prominente pedaleurs alleen nog naar etappewedstrijden pieken. Zelfs de Amstel Goldrace is niet sexy genoeg meer voor mystieke preparatie.

De bloedzuiger Rabobank.

Milaan-Sanremo voor Oscar Freire: graag, maar dan is het wel genoeg geweest met die voorjaarsromantiek. Het Rabo-epos is herleid tot de Tour de France. Daar moet het gebeuren, daar is de ploeg op gerekruteerd. Het belang van een klassieker is kennelijk te kortademig voor deze sponsor.

De amechtige nonchalance zou de gevestigde wielerploeg nog zuur kunnen opbreken, want met Vacansoleil is het monopolie van Rabo in de eredivisie van het Nederlandse cyclisme doorbroken. De jongens van ploegleider Hilaire van der Schueren zijn gretig en gekwetst. Gekwetst omdat ze met de idiote dopingfarce van Ricco toch weer enigszins gebrandmerkt zijn, als wielerploeg. Winst van een ‘zuivere’ renner in het openingsweekend zou een mooie Wiedergutmachung zijn voor alle leed. Met Stijn Devolder en Björn Leukemans zit dat er in.

Kasseimannen.

Ik zou het Hilaire wel gunnen. Alles ritselt aan deze nestor van het Vlaamse wielrennen, jarenlang assistent-ploegleider van Jan Raas. Nog net niet bidon geworden. Hilaire combineerde het wielrennen met een functie als ambtenaar van de Vlaamse regering. In Brussel kan dat.

Het was wel een olijk duo, Jan Raas en Hilaire van de Schueren. Ze zien elkaar nog weinig. Raas leeft met de rug naar de koers toe, in knoestige bitterheid, Zeeuwen eigen. Na de finale kwak van Rabobank is hij quasi ondergedoken.

Doodzonde dat deze onnavolgbare wielerstrateeg zich nergens nog laat zien. Ik pleit voor een actiecomité: haal Jan Raas terug naar de koers!

In zijn filosofische elan herbeleef je de essentie van wielrennen. Zoals hij winden kon lezen, slagregens kon doorgronden, kasseien kon laten vechten, kom je het vandaag in volgwagens niet meer tegen.

Ook nog orkestmeester van de Après-koers.

De naar ‘Vlaanderen’ en Roubaix gebeitelde legende, Jan Raas, hoort onverminderd koning van het voorjaar te blijven. Wielerliefhebbers, doe er wat aan!