Ze zijn met meer, maar ze werken nog niet

Pascale Emons bekeek voor haar promotieonderzoek 500 tv-series.

De vrouw staat nog steeds achter het aanrecht, maar God verdween.

Werkende ouders die zorg en huishouden verdelen? Een man achter het aanrecht met een echtgenote die carrière maakt in de bestuurskamer?

In televisiedrama is dat een zeldzaamheid. De rolverdeling tussen mannen en vrouwen in tv-series bleef tussen 1980 en 2005 nagenoeg hetzelfde. Terwijl in de buitenwereld tijdens diezelfde periode het aantal werkende vrouwen in Nederland groeide van 30 naar 54 procent. Wel steeg in de tv-series het aantal vrouwelijke hoofdpersonen in een kwart eeuw van eenderde naar bijna de helft.

Dat zijn de meest in het oog springende conclusies uit een onderzoek van communicatiewetenschapper Pascale Emons over de wijze waarop tv-programma’s maatschappelijke veranderingen in beeld brengen. Ze promoveert hier vandaag op aan de Radboud Universiteit in Nijmegen.

Emons onderzocht vijfhonderd verschillende komedies, soaps en dramaseries die op prime time werden uitgezonden op de Nederlandse televisie tussen 1980 en 2005. Het gaat om 340 buitenlandse titels als Love Boat en Sex and the City en 163 Nederlandse als Medisch Centrum West en Goede Tijden, Slechte Tijden.

Het idee ontstond bij toeval. Dozen vol Betamax-videobanden met 25 jaar drama stonden te verstoffen op de universiteit. Ze besloot ze te gebruiken om te meten in hoeverre maatschappelijke ontwikkelingen als individualisering en secularisering terug te zien zijn in tv-drama. „Er is in Nederland weinig bekend over zulke trends op televisie”, zegt ze, „terwijl iedereen er een mening over heeft.”

Emons en haar medewerkers turfden maandenlang aan de hand van een codeboek met vragen als: „Hoe is de partnerrelatie?”, „Wie zorgt voor de kinderen” en „Wie werkt buitenshuis?” De grenzen waren tijdens het tv-kijken niet altijd even helder. Een geëmancipeerde carrièrevrouw kan een ouderwetse relatie hebben. Sex and the City gaat over werkende singles, maar ze hebben ouderwetse ideeën over de liefde. Op broekenjager Samantha na zoeken ze allemaal naar de prins op het witte paard.

In sommige gevallen hebben personages gelaagde karakters wat het indelen in categorieën bemoeilijkt. „Het is een lastig onderzoek”, zegt Emons. „De rolverdeling tussen Tony en Carmella in The Sopranos is helder: Carmella doet het huishouden en Tony zorgt voor brood op de plank. Maar hij is ook een goede vader die veel doet met zijn kinderen. Dat kun je niet meenemen in dit type onderzoek. Daarvoor is kwalitatief vervolgonderzoek nodig.”

Emons bracht wel de maatschappelijke veranderingen die te zien zijn in televisiedrama onder in vier thema’s: rolverdeling, samenlevingsvormen, geweld op televisie en religie. „Er zijn veel meer vrouwen op de arbeidsmarkt gekomen, mannen zijn meer gaan doen in het huishouden, maar dat zie je niet terug”, zegt ze. Emons vermoedt dat er geen representatief beeld is, omdat zenders „veel kijkers willen trekken en geneigd zijn vast te houden aan formules die zich hebben bewezen.”

Wel zag ze verschillen tussen Nederlands en Amerikaans tv-drama. In de Verenigde Staten is het gezin de hoeksteen van de samenleving, en zijn er meer seksegebonden vooroordelen: zo zijn er meer vrouwen die kinderen verzorgen en meer mannen op de werkvloer te zien. „In Nederlandse series komen meer gezinnen met één ouder en ongehuwd samenwonenden voor. Dat weerspiegelt de werkelijkheid”, zegt ze. „Drama gaat altijd over personages die een probleem moeten oplossen. Een gelukkig gezin is daardoor minder interessant.”

Als het gaat om religie loopt televisie volgens Emons juist voorop op de ontwikkelingen in de samenleving. Godsdienst speelt nauwelijks meer een rol in tv-drama, concludeert ze, ook niet in Amerikaans tv-drama. De tijden van de KRO-serie Dagboek voor een herdershond uit 1978, over het rijke roomse leven in Limburg, zijn voorgoed voorbij. „De secularisering ging sneller op televisie dan in de samenleving”, zegt Emons.

„Voor een verhaal is het kennelijk niet belangrijk wat de religieuze achtergrond is van een personage. Misschien is het een lastig thema om verhalen aan te knopen.”