Selectie aan de poort werkt: hoger studierendement

Selectie aan de poort werkt. Tenminste, bij de tien opleidingen die op dit moment scholieren mogen keuren alvorens ze toe te laten. Hun rendementscijfers zijn aanzienlijk hoger dan het landelijk gemiddelde.

Het kabinet wil universiteiten en hogescholen meer mogelijkheden geven om studenten te weren die onvoldoende gekwalificeerd of gemotiveerd zijn. Zo hoopt staatssecretaris Zijlstra (VVD) het studierendement te verbeteren.

Met dat rendement is het niet best gesteld. In het hbo is na twee jaar ruim 20 procent van de studenten met zijn studie gestopt, op de universiteit is dat ruim 10 procent. De gemiddelde universitaire student doet 4,5 jaar over een bacheloropleiding van drie jaar.

Op de vier Nederlandse university colleges – brede bacheloropleidingen waar studenten op campus wonen – zijn de cijfers veel beter. Op het college van de Universiteit van Amsterdam halen de studenten jaarlijks gemiddeld 96 procent van de studiepunten. De studenten-uitval bedroeg het afgelopen semester 2 procent. Op het college van de Universiteit Utrecht rondt ongeveer 90 procent van de studenten de opleiding in drie jaar af.

Maar komt dit allemaal door het selectieproces dat aan de studie voorafgaat? Volgens onderwijsdirecteur Fried Keesen van het Utrechtse college speelt intensief onderwijs zeker net zo’n grote rol. „Ik denk niet dat je ons soort selectie overal kunt invoeren.”

Gerard Korsten van het university college van de Universiteit Maastricht vindt dat selectie bij de meeste opleidingen niet nodig is. „Instellingen moeten eerlijker voorlichten over wat studenten te wachten staat, zodat zij na een paar maanden niet voor lelijke verrassingen komen te staan. Universiteiten en hogescholen proberen nu nog zoveel mogelijk scholieren binnen te halen. Als ze daarmee ophouden, zal dat al een hoop uitval schelen.”

Keesen en Korsten benadrukken dat bij het ideale gesprek met een scholier geen sprake is van selectie, maar van matching: de juiste student bij de juiste opleiding zien te krijgen. „Daarom besteden wij ook veel tijd aan onze afwijzingsbrieven”, zegt Keesen. „Ook de scholier die niet bij ons wordt toegelaten, willen we op weg helpen. Met hun afwijzing zijn ze meestal niet blij, maar de nazorg stellen ze wel erg op prijs.”

Alleen voor studenten die bereid zijn hun best te doen:pagina 4