Hé, hoe vind jij 'King of Limbs'

Een week geleden wist niemand dat hij kwam en zaterdag was Radioheads King of Limbs het meest besproken album. „Een plaat die moet groeien.”

Als een lopende vuurtje werden de feiten rondom het nieuwe album van Radiohead zaterdag meteen op internet verspreid. The King Of Limbs bevat acht tracks en duurt 37 minuten en 34 seconden. Het hoesontwerp is van Stanley Donwood, die sinds 1995 het artwork voor de Britse topgroep verzorgt. De clip van Lotus flower werd geïnspireerd door de gekke danser in het YouTubefilmpje Napoleon Dynamite Dance Scene.

De opinies verschenen niet veel later. „Rockmuziek als modder: grijs en vormloos”, sneerde het blogplatform Collapse Board. „Tripmuziek met een onderuitgezakte groove”, oordeelde website Token Gesture. Criticus Tim Jonze van The Guardian volgde een uur later: „Abstracte teksten, rusteloze ritmes en experimentele elektronica op de rand van een parodie op zichzelf.”

Zo handig als Radiohead een hype creëerde rondom het pas vijf dagen van tevoren aangekondigde album dat vooralsnog alleen digitaal via hun website te koop is, zo hard keerde de publieke opinie zich dit keer tegen hen. Radioheads tactiek om journalisten geen voorsprong te geven op de fans bij het vormen van een opinie, veroorzaakte een wedloop op internetfora van al of niet professionele critici. Hun muziek laat zich na het doorbraakalbum OK Computer uit 1997 nauwelijks meer vergelijken met traditionele rockmuziek, terwijl liefhebbers het er over eens zijn dat de daarop volgende albums Kid A, Amnesiac, Hail To The Thief en het voorlaatste In Rainbows hun geheimen pas prijsgaven na herhaalde, aandachtige beluistering.

Drastische nieuwe ontwikkelingen hebben zich sindsdien niet voorgedaan.

Het meest traditioneel op The King Of Limbs klinken de akoestische gitaar en de vele malen overgedubde vocalen in het freakfolk-achtige Give up the ghost. Diep verscholen onder de repeterende gitaarpatronen van Morning Mr. Magpie valt een Beatlesachtige melodie te ontwaren, terwijl de verontwaardigde tekst een echo lijkt van Bob Dylans Positively 4th Street. You’ve got some nerve coming here”, richt zanger Thom Yorke zich tot woekerbankiers en vervuilende industriëlen: „You stole it all, give it back.”

Het Philip Glass-achtige intro van Bloom, de heldere Afrikaanse gitaar in Little by little en het wilde ritme van Lotus flower zijn onderscheidende details op een album dat past in de herkenbare stijl die Radiohead in de afgelopen twaalf jaar heeft ontwikkeld. Elektronisch experiment wint het van gewone liedjes, de stem word gebruikt als een instrument en verstaanbare teksten hoeft dat lang niet altijd op te leveren. „Wake me up”, eindigt Yorke het slotnummer Separator van een album dat vergeleken bij het energiekere In Rainbows een wat slaperige, ingetogen sfeer ademt. Knap dat Radiohead met deze muziek opnieuw een groot publiek weet te mobiliseren, want vergelijkbare artiesten als David Sylvian, Photek of Flying Lotus opereren veel meer in de marge. The King Of Limbs is hoe dan ook een groeiplaat, die het kort door de bocht geformuleerde internetgekrakeel zal overleven.

www.radiohead.com, de fysieke cd ligt 28 maart in de winkels. ***