Maatpakken cadeau voor overheidsklussen

De Spaanse oppositieleider Rajoy moet beslissen over het lot van een partijgenoot die corrupt zou zijn. Hij gokt erop dat het schandaal de kiezers koud zal laten.

Volgens de aanklacht gaat het om twaalf maatpakken, vier colberts, vijf paar schoenen en vier stropdassen. De kledingstukken waarmee Francisco Camps zich zou hebben laten fêteren, vormen met een totale waarde van 14.021,50 euro zeker niet de grootste smeergeldsom uit de Spaanse geschiedenis. Maar het corruptieschandaal rond de Valenciaanse regiopresident heeft zijn partij deze week wel in een crisis gestort. Een crisis ook veel politieke behendigheid vraagt van Mariano Rajoy, landelijk oppositieleider en volgens alle peilingen de volgende premier van Spanje.

Camps is in opspraak wegens zijn veronderstelde lidmaatschap van een uitgebreid corruptienetwerk. Dit ‘Gürtel’-netwerk zou leden van de centrum-rechtse Volkspartij (PP) in verscheidene regio’s op luxeartikelen hebben getrakteerd en hun campagnekassen gespekt. Met hun miljoenen kochten financiers voorrang bij de aanbesteding van publieke werken en diensten.

Vrijdag werd bekend dat het Openbaar Ministerie Camps zal vervolgen voor het aannemen van de kledingstukken. Als hij veroordeeld wordt, riskeert de regiopresident een boete van 41.250 euro.

Sinds Camps’ naam in 2009 voor het eerst viel, zit de nationale partijleiding met hem in zijn maag. Rajoy viel hem echter niet openlijk af, met het excuus dat hij nog niet officieel aangeklaagd was. Nu dit wel het geval is, laat Rajoy uitlekken dat hij vindt dat Camps vrijwillig moet opstappen.

Camps wil echter niet vertrekken, maakte hij maandag duidelijk. Eerder op de dag had de partijtop in Madrid gezegd dat nog geen besluit kon worden genomen over Camps’ mogelijke kandidatuur bij de aanstaande regioverkiezingen, op 22 mei. Hierop kwam de regionale Valenciaanse partijleiding binnen enkele uren bijeen om Camps unaniem tot presidentskandidaat te kiezen.

Rajoy werd met dit – puur symbolische – besluit door de Valenciaanse partijtop voor het blok gezet. Camps zou volgens peilingen met grote meerderheid voor een derde ambtstermijn worden herkozen. Valencia is een rotsvaste PP-regio en weinig rechtse kiezers zullen ‘hun’ president om dit schandaal laten vallen. Dit maakt het voor Rajoy lastig nog een elegante uitweg te vinden.

,,Dat Camps de sympathie van zijn kiezers niet verliest, is symptomatisch voor de verziekte verhoudingen in de Spaanse politiek”, oordeelt Manuel Villoria van de anti-corruptiegroep Transparency International. Het Spaanse electoraat, legt de onderzoeker uit, is zeer gepolariseerd. Wanneer een rechtse kiezer ontevreden is over zijn partij, zal hij bij de eerstvolgende verkiezingen niet ineens links stemmen. Hij komt op verkiezingsdag op z’n hoogst niet opdagen. Voor linkse kiezers geldt dit omgekeerd net zo.

Als het gaat om corrupte politici nemen veel Spanjaarden een cynische houding aan. Villoria: ,,Burgers zeggen: ‘Die politici zijn toch allemaal hetzelfde’. Dus als Camps corrupt blijkt, reageren rechtse kiezers: ‘Maar de socialisten zijn net zo erg’. Dit fatalisme maakt dat corruptie amper wordt meegewogen in de politieke stem.”

Daarbij komt dat de media in Spanje al bijna net zo verdeeld zijn als het electoraat. Zij berichten uiterst partijdig over corrupte bestuurders. Dinsdag opende het oerconservatieve dagblad ABC zijn voorpagina met een schandaal rond onrechtmatig verstrekte ontslagvergoedingen door de socialistische regioregering in Sevilla. De spanningen binnen de PP belandden op pagina 24, terwijl op de opiniepagina’s verscheidene columnisten de corruptie van Camps bagatelliseerden.

Het verschil met de ultralinkse krant Público kon niet groter zijn. Die ruimde bijna zijn hele voorpagina, de pagina twee en drie in voor het duel Camps vs. Rajoy. Hierin werd de corruptie van Camps uitgebreid uitgelegd als ‘het topje van de ijsberg’ van een veel groter patronagenetwerk binnen de PP.

Binnen dit gepolariseerde klimaat is het voor Rajoy verleidelijk de confrontatie met zijn partijgenoten in Valencia te mijden. Als hij Camps niet wegstuurt, krijgt hij hierop weliswaar kritiek van linkse partijen en linkse media. Maar linkse kiezers stemmen toch niet op hem.

Rajoy verkeert in een gunstige uitgangspositie. De socialistische regering-Zapatero is door de economische crisis in Spanje snel impopulair geworden. In alle peilingen staat de PP minstens 10 procentpunt voor op Zapatero’s PSOE.

Toch is het laten bungelen van Camps niet geheel zonder risico’s voor Rajoy. De waardering voor Rasjoy als politiek leider is al jaren beroerd. In enquêtes geven Spanjaarden de weinig charismatische Galiciër een even laag rapportcijfer als Zapatero. Bij de socialisten lijkt het steeds duidelijker dat ze daarom in 2012 een andere leider de verkiezingen insturen.

Als die leiderschapswisseling plaatsvindt, kan Camps voor Rajoy een risico gaan vormen. Het zou de socialisten, die tijdens deze regeringsperiode geen grote corruptieschandalen op nationaal niveaukenden, een uitstekende campagneslogan opleveren: ‘Rajoy tolereert corruptie.’