Europees loonbeleid na valse start terug bij af

In economisch opzicht hadden ze een punt. Frankrijk en Duitsland wilden dat de eurozone de automatische inflatiecorrectie van de lonen een halt zou toeroepen, om de concurrentiekracht van de lidstaten te bevorderen. Helaas heeft hun hardhandige aanpak een goed idee nagenoeg de nek omgedraaid.

Als het nou maar niet had geleken op een poging van de twee grootste machten van de Europese Unie om hun wil op te leggen aan de kleinere landen.

In het grootste deel van de eurozone is de automatische inflatiecorrectie een schim uit het verleden, toen de arbeidsmarkten nog niet flexibel waren en de economieën relatief immuun voor concurrentie uit het buitenland.

In de afgelopen twintig jaar zijn de clausules die de lonen automatisch koppelden aan de consumentenprijsinflatie geleidelijk losgelaten, eerst in de particuliere en daarna in de publieke sector. Maar ze zijn van kracht gebleven in uitgerekend veel zogenoemde periferiestaten, die met ernstige schuldenproblemen kampen of te maken kunnen krijgen. In Griekenland, Italië en Spanje hinderen ze nu bijvoorbeeld de vooruitgang.

De automatische inflatiecorrectie veroorzaakt in deze landen grote concurrentieproblemen. Volgens cijfers van de Europese Unie stegen de arbeidskosten in de eurozone tussen 2002 en 2006 gemiddeld met 1,6 procent per jaar. In Duitsland daalden ze, maar in Griekenland, Ierland, Spanje en Italië stegen ze met 3 procent per jaar.

De mislukking is het gevolg van de onnodig hardhandige pogingen van Frankrijk en Duitsland om hun wil door te drukken. In de eerste plaats willen de lidstaten van de eurozone hun wetten natuurlijk niet aanpassen om ze aan een vermeend Duits dictaat te laten voldoen.

In de tweede plaats laat de Frans-Duitse overeenkomst buiten beschouwing dat het Franse minimumloon en de Franse AOW-uitkeringen ook gelijke tred houden met de inflatie. In de derde plaats negeert deze uniforme aanpak de grote verschillen tussen de diverse indexeringsprogramma’s van de lidstaten van de eurozone.

Nu de prijzen in Europa beginnen te stijgen is het ironisch dat de argumenten om de automatische inflatiecorrectie te laten varen sterker worden, omdat die het gevaar van een loon- en prijsspiraal alleen maar groter maakt.

Maar politiek is het allemaal een stuk lastiger geworden, omdat regeringen en werkgevers worden geconfronteerd met hogere looneisen.

Eigenlijk had de automatische inflatiecorrectie al jaren geleden moeten zijn afgeschaft, toen de inflatie nog niet zo’n grote bedreiging vormde.

Het is nog niet te laat om in actie te komen, maar na hun onhandige pogingen om het probleem aan te pakken zullen de Fransen en de Duitsers nu moeten wachten tot hun eurozonepartners de noodzaak voelen om korte metten te maken met een ouderwetse en destructieve praktijk.

Pierre Briançon

Vertaling Menno Grootveld