Het was: alle ballen op de VVD

Acht lijsttrekkers voor de Eerste Kamer stonden gisteren tijdens het eerste televisiedebat in de schijnwerpers. Hoe deden ze het?

Loek Hermans, VVD-lijsttrekker voor de Eerste Kamer, had het gisteravond meteen zwaar. Wat de VVD-campagneleus ‘Een koe in de wei is ook natuur!’ inhield? Hermans kwam er niet echt uit. De leus had iets te maken met regels en dat mensen zelf moeten kunnen kiezen.

Het eerste grote televisiedebat tijdens de campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen ging niet over de provincies. De nationale invalshoek stond centraal, want van groot belang is of de regeringscoalitie straks in de Eerste Kamer een meerderheid krijgt.

Daarom ging het debat over hoofddoekjes in het openbaar vervoer, en over de economie. Niet de nieuwkomer van de PVV, niet de lijstrekker van de partij die het zo moeilijk heeft (CDA) maar de voorman van de grootste regeringspartij werd het meest op de proef gesteld.

Vooral bij de stelling ‘dit kabinet is goed/slecht voor de economie’ werd Loek Hermans aangevallen. Dit kabinet verzwaart de lasten, aldus een offensieve Roger van Boxtel (D66), vernietigt banen en bezuinigt geen 18 miljard euro, zoals het belooft. Hermans bleef na zijn moeizame begin overeind en, misschien nog belangrijker in een debat, deed nooit verongelijkt dat de pijlen allemaal op hem waren gericht.

PVV’er Machiel de Graaf kwam nauwelijks in de problemen. De inhoudelijk sterke maar in grote delen van het debat afwezige SP’er Tiny Kox probeerde de PVV nog wel neer te zetten als schoothond van de coalitie, maar De Graaf pareerde dat adequaat met een ingestudeerde oneliner. „Links slaagt er zelfs op Valentijnsdag niet in om elkaar een beetje te knuffelen.”

In een woordenwisseling over ambtenaren met hoofddoekjes, vroeg de PVV’er aan Roel Kuiper (ChristenUnie) of hij het christendom superieur achtte aan andere godsdiensten, zoals de islam. Kuiper gaf een verholen ‘ja’ als antwoord, al betekende dit niet dat gelovigen van de ene religie een andere behandeling mogen krijgen van de overheid dan gelovigen van een andere religie. De Graafs partijleider, Geert Wilders, stelde in de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen vorig jaar, dezelfde vraag aan Arie Slob, partijgenoot van Kuiper. Die gaf toen, tijdens een debat in Baarn, een verholen ‘nee’ als antwoord.

CDA’er Elco Brinkman viel op door zijn lange, formalistische antwoorden, waarin hij regelmatig van onderwerp veranderde. Opvallend was dat hij het woord ‘razzia’s’ in de mond nam. Om te ontkennen dat ze er kwamen. Maar misschien tekenend voor zijn lange afwezigheid in de actieve politiek: hij stapte daarmee wel in de val die een tegenstander voor hem had uitgezet, dit keer de senator van de ChristenUnie, de intelligent debatterende Roel Kuiper. Die sprak de vrees uit dat er razzia’s komen als illegaliteit strafbaar wordt. Brinkman nam het woord over. Maar iedereen is tegen razzia’s, dus je scoort er niet mee in een debat. Sterker: hij die ontkent dat er razzia’s komen, maar wel illegaliteit wil aanpakken, verliest op dit punt.

Een debat dat begon over de vraag of ambtenaren hoofddoekjes mogen dragen, eindigde in een toekomstscenario waarbij de politie mensen van het bed licht, die illegalen ‘die geen kant op kunnen’ onderdak te bieden. Tof Thissen (GroenLinks) liet daarin zien waarom zijn partij en D66 steeds vaker in één adem worden genoemd. Net als D66-leider Alexander Pechtold dikwijls doet, verdedigde hij met verve dat hoofddoekjes en immigratie- en integratiekwesties niet de grootste problemen zijn.

Geen van de senatoren en aspirant-senatoren meende dat het kabinet niet kan doorregeren als de coalitie geen meerderheid behaalt in de Eerste Kamer. Vooral de oppositie stelde de kiezer gerust: in dit huis sturen we geen kabinetten weg, hoogstens een minister. Wilt u, kiezer, tegenwicht bieden aan al te scherpe kantjes van het kabinetsbeleid, zorg dan dat VVD, PVV en CDA geen meerderheid halen in de senaat. Die lijn voerde ook Roger van Boxtel. Die beloofde niet „a priori” het kabinet te willen laten vallen. Marleen Barth (PvdA) bediende de kiezers die daar wel op hopen. Ze zocht verder weinig de aanval, maar werd ook weinig gezocht door de anderen. Barth maakte geen fouten, maar echt scoren deed ze ook niet. Maar anders dan Job Cohen lijkt ze plezier te beleven aan het debatteren, zo bleek ook gisteren.