Herstel economie nog altijd dankzij export

De Nederlandse economie is herstellende. De investeringen en het aantal banen groeien weer. Maar het herstel gaat nauwelijks op eigen kracht. De hulp komt van het buitenland.

In België werd geformeerd, de Amerikaanse huizenmarkt was slecht en Nederland werd Europees kampioen voetbal voor spelers onder de 21 jaar. De zomer van 2007 was op het eerste gezicht niet bijster spannend of opmerkelijk, maar vanochtend kreeg deze periode een extra dimensie. Het nationaal inkomen van Nederland is herstellende; de economie is eind vorig jaar uitgekomen op het niveau van zomer 2007. De jaren van sterke samentrekking na de financiële crisis zijn voorbij.

De Nederlandse economie groeide het vierde kwartaal met 2,4 procent. De Nederlandse werkgelegenheid nam voor het eerst in anderhalf jaar toe en de investeringen stegen licht na acht kwartalen van forse krimp, zo maakte het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) vanmorgen bekend.

Nederland deed het in Europees perspectief het laatste kwartaal bovengemiddeld goed. De economische groei in Nederland bedroeg in het vierde kwartaal 2,4 procent tegen 2,0 procent in de eurozone. Op jaarbasis zit Nederland met een groei van 1,7 procent op het Europees gemiddelde.

De economie profiteert vooral van de aantrekkende wereldhandel en daarmee samenhangende toename van de export. Een opsplitsing van de cijfers van het CBS toont dat Nederland het daar nog steeds van moet hebben. Minister De Jager (Financiën, CDA) onderstreepte vanmorgen in Brussel juist de rol die het regeringsbeleid speelt. „Het kabinet werkt hard aan het herstel van de economie. Dit blijkt ook uit groei van de werkgelegenheid voor het eerst sinds bijna twee jaar.”

Op jaarbasis namen de consumptieve bestedingen van huishoudens toe met 1,5 procent. Dat is een welkome versnelling, die aangeeft dat consumenten de toekomst zonniger inzien. Maar de groei van de bestedingen en investeringen zijn samen lang niet voldoende om het totale groeicijfer van de economie van 2,4 procent op te leveren. En dat betekent dat de werkelijke impuls nog steeds van de export komt. De uitvoer nam in totaal toe met 11,3 procent in het vierde kwartaal, terwijl de invoer met 10,7 procent groeide. De resulterende toename van het handelsoverschot heeft een vliegwieleffect op de telling van het bruto binnenlands product.

Wat dat betreft lijken de cijfers van Nederland sterk op die van Duitsland. Ook daar herstelt de binnenlandse vraag, en dat suggereert dat er een pad gevonden is naar een bestendig herstel op eigen kracht. Maar zover is het nog niet: de exportsector bleef vorig jaar de belangrijkste economische motor van Duitsland en droeg sterk bij aan het groeicijfer van 3,6 procent over heel 2010 – overigens meer dan het dubbele van de Nederlandse groei.

De minikrimp van kwartaal op kwartaal die het CBS eerder publiceerde voor over juli, augustus en september, blijkt toch een minieme groei te zijn geweest. En de stijging van 0,6 procent in het vierde kwartaal ten opzichte van het derde kwartaal zorgt ervoor dat de Nederlandse economie alsnog met een vaartje 2011 in gaat. Zelfs in het geval dat er helemaal geen kwartaalgroei meer zou zijn dit jaar, dan zou 2011 toch nog een jaargroei van 0,75 procent opleveren door dit effect. Bij een blijvend positieve stemming in de economie houdt dat in dat de jongste voorspelling voor 2011 van het Centraal Planbureau, dat een groei van 1,5 procent voorziet, kan worden overtroffen. En dat is goed nieuws voor consumenten, bedrijven en de overheidsfinanciën.