Een kind krijgen is een vreugde op elke leeftijd

Zwanger worden na de menopauze brengt medische risico’s met zich mee. Maar buitenlandse artsen wijzen ook op „de rechten van de patiënt”.

Een kind krijgen is een vreugde op elke leeftijd. Onder die titel ging de Italiaanse arts Severino Antinori met zijn vakgenoten het debat aan over de oude moeder. Het was in 1993, in het Griekse Thessaloniki, tijdens een congres van de European Society of Human Reproduction and Embryology. Antinori was wereldberoemd en omstreden, omdat hij in zijn kliniek in Rome vrouwen van boven de 50 en zelfs 60 jaar zwanger had gemaakt. Met een in de reageerbuis bevruchte eicel van een jongere vrouw.

Eiceldonatie, ivf en hormonale stimulatie van de aanstaande oude moeder, dat was allemaal nodig. Maar het lukte. De menopauze was tot dan het natuurlijke eindpunt van de vruchtbaarheid van een vrouw. Zeldzame uitzonderingen uitgezonderd.

Het kan nu, zei Antinori in Thessaloniki, en als het toekomstige ouderpaar het lichamelijk en geestelijk aankan, kan de dokter de behandeling niet weigeren. De dokter is dan een technisch uitvoerder die alleen op de gezondheid van moeder en kind moet letten. Dat betekent: medische selectie van de moeder. Een vrouw van 60 die niet in conditie is, die diabetes, een hartziekte of andere chronische ziekte heeft, die een baarmoeder met vleesbomen heeft (gehad), die een verzakking aan haar baarmoeder heeft, die geopereerd is aan beginnende baarmoederhalskanker – die wordt medisch afgekeurd voor het moederschap ma de menopauze. Maar verder kan een vrouw na de menopauze prima een zwangerschap aan en een kind baren, vond Antinori. Dat vindt hij in 2011 nog steeds.

Antinori’s tegenstander in het debat was Robert Edwards, de wetenschappelijke vader van de eerste reageerbuisbaby, Louise Brown, geboren in 1978. Edwards kreeg daar vorig jaar de Nobelprijs voor de geneeskunde voor. Zijn vrouw haalde de prijs voor hem af. Edwards is te ziek om te reizen en in het openbaar op te treden.

Dat was in 1993 anders. Edwards sprak, en was het van harte eens met Antinori. Dat hadden de organisatoren vast niet verwacht; een debat is het leukst als deelnemers van mening verschillen.

Niks daarvan. Een dokter die een gezond stel van 60 een kind weigert, „misbruikt de verantwoordelijkheid voor de samenleving die hem heeft opgeleid”, zei Edwards. Die dokter „tast de rechten van de patiënt aan”. Zuiver medisch gezien zijn er geen bezwaren. Een reageerbuisbevruchting bij een vrouw die nooit (meer) menstrueert, lukt zelfs beter dan bij een vrouw met een (on)regelmatige cyclus. Dat was in de jaren 80 aan het licht gekomen toen de reageerbuisbevruchting gemeengoed werd. Dat komt misschien door de ‘jonge’ gedoneerde eicel die wordt gebruikt, misschien doordat de baarmoeder van een vrouw na de menopauze makkelijker te stimuleren is met toegediende hormonen, niet gestoord door ‘eigen’ hormonen van de vrouw.

Edwards hield het erop dat een geselecteerde oudere vrouw net zo gezond kan bevallen als een vrouw die jonger is dan 35. Die cijfers zijn in latere publicaties wel wat bijgesteld. Vooral de Amerikanen laten in hun wetenschappelijke publicaties over oude zwangeren wat meer hoge bloeddruk en ellende in zien dan bij jongere. Doorgaans wordt het kind gehaald met een keizersnee. Maar er zijn vrouwen van in de vijftig bevallen van een drieling, na een te optimistische terugplaatsing van embryo’s. Er zijn ook vijftigers bevallen van tweelingen, waarbij aanvankelijk een vierlingzwangerschap was ontstaan die door gedeeltelijke abortus is gehalveerd.

Wat is er mis met oude moeders, vroeg Edwards zich af. Ja, ze zijn ouder en zullen naar verwachting eerder sterven, maar kunnen met hun kind nog heel gelukkige jaren hebben. Als een man van 70 een kind krijgt, zegt toch ook niemand dat er ‘een weeskind’ geboren is? En mensen die riskante beroepen uitoefenen, of mensen met een ernstige genetische ziekte waardoor ze vroeg zullen sterven, krijgen ook gewoon kinderen.

Edwards voorzag in 1993 een toekomst waarin de menopauze, die natuurlijke grens van de vruchtbaarheid van de vrouw, verlegd zou worden. Enerzijds door medicijnen die ervoor zorgen dat de voorraad van enkele tienduizenden eicellen waarmee iedere vrouw de puberteit bereikt, niet zo snel verloren gaat. De menopauze treedt in als de eicellen in de eierstokken op zijn. Die eicelsparende medicijnen zijn er nog niet. Ook zou het mogelijk zijn eicellen in te vriezen, of stukjes eierstok waarin eicellen liggen, om die na de menopauze te kunnen gebruiken. Dat kan inmiddels heel goed.

Nederlandse vruchtbaarheidsonderzoekers, gynaecologen, ethici en politici steggelen nu al twee jaar of dat in Nederland mag. „Als politici zich met de menselijke voortplanting gaan bemoeien”, zei Edwards in 1993, „dan komen we in een nachtmerrie terecht waarin alles mogelijk is, een kafkaiaans systeem, met regels en voortplantingsvergunningen.”