De known unknowns van rechts Amerika

Democraten schilderen de Conservatieve Politieke Actie Conferentie (CPAC) het liefst hooghartig af als een ‘invasie van zeloten’. Juist daarom verliezen ze vaak verkiezingen. CPAC, de jaarlijkse hoogmis van Amerikaanse conservatieven, is de graadmeter voor de Republikeinse koers. Na een zege bij de recente Congresverkiezingen willen Republikeinen volgend jaar het Witte Huis heroveren. Wie onttroont president Obama?

Tijdens de eerste CPAC, beginjaren zeventig, kwamen ruim honderd grijsaards opdagen in Washington, met als gastspreker Ronald Reagan, de icoon van conservatief Amerika. Vorige week waren er 12.000 conservatieven, van wie bijna de helft vrouwen, niet zelden de meest fanatieke, zeker als het gaat om gezinswaarden, belastingen en nationale veiligheid. CPAC is de ‘big tent’ van rechts Amerika, er is ruimte voor vele opvattingen. Zo presenteert Gordon Liddy – ooit veroordeeld in het Watergate-schandaal – zijn talkshow, terwijl Ann Coulter, de spraakmakende publiciste, boeken signeert, de enigszins excentrieke volksvertegenwoordiger Ron Paul libertariërs inspireert en men verderop legalisering van softdrugs bepleit. Een novum was de komst van GOProud, een groep conservatieve homoseksuelen. Rechts Amerika gaat met de tijd mee.

Een vast hoogtepunt is de toespraak van de voorzitter van de National Rifle Association (NRA), de vereniging voor vrij wapenbezit, een machtsbolwerk dat veel Amerikaanse politici niet kunnen negeren. De NRA komt geregeld in het defensief na een fatale schietpartij, maar Wayne LaPierre, boegbeeld van de NRA, ziet het anders. Hij hekelt „wapenvrije zones”. Dit zijn „gedoogzones voor boeven”. LaPierre: „Who can stop a bad guy with a gun: a good guy with a gun!” Hij kreeg een staande ovatie.

Op de druk bezochte receptie liep ik een bekend gezicht tegen het lijf: Donald Rumsfeld, de voormalige minister van Defensie. Aangenaam en vriendelijk in de omgang vroeg hij me waar ik vandaan kwam. Ik antwoordde: „uit het oude Europa met zijn vele unknown unknowns.” Hij combineert een gevoel voor humor met poëtische expressies en publiceerde een boek onder de titel Known and Unknown, wat refereert aan een uitspraak in 2002 over mogelijke massavernietigingswapens in Irak. In 2003 haalde hij zich de woede van de EU op de hals, door Europa te verdelen in het „oude en nieuwe Europa”. Tijdens CPAC ontving Rumsfeld de prijs voor de verdediging van de Grondwet. De lofrede werd gehouden door zijn vriend Dick Cheney, vicepresident onder George W. Bush. Rumsfeld en Cheney worden ook verguisd, maar blijven opiniemakers in conservatief Amerika.

De conclusie van CPAC stond vooraf vast: Obama moet weg. Zijn economisch beleid is een ramp, met een werkloosheid – ruim 9 procent – en een staatsschuld van bijna 100 procent. In de eurozone zouden de VS uitkomen tussen Griekenland en Italië. Obamacare, het plan voor een nieuwe gezondheidszorg, wordt ronduit gehaat. Obama voelde de rechtse wind komen en trok naar het politieke centrum. Hij ontving ondernemers in het Witte Huis, schreef een opinieartikel in The Wall Street Journal en verscheen in de talkshow van Bill O’Reilly van Fox News, de televisiezender van Rupert Murdoch die tegenwicht biedt aan de dominante pro-Democratische media.

Een Obama in het centrum maakt het lastig voor de Republikeinen. Tijdens CPAC paradeerden alle mogelijke kandidaten. Zelfs vastgoedmagnaat Donald Trump verscheen op het toneel. Hij vindt dat Obama van Amerika „een lachertje” heeft gemaakt. De Somalische piraten kunnen beter aan wal blijven. „President Trump” blaast ze uit het water. Over Obama zei hij met zijn bekende indringende blik en gevoel voor drama: „you are fired!”

Daarvoor zijn twee dingen nodig. Ten eerste moet de conservatieve beweging verenigd zijn. Amerikaans conservatisme is een huis met vele kamers: sociaal conservatieven (gezinswaarden), fiscaal conservatieven (beperkte overheid), nationaleveiligheidhaviken (sterke defensie) en het libertaire buitenbeentje. Vervolgens moet er een kandidaat komen met een herkenbaar economisch profiel, die kan rekenen op de mobilisatiekracht van de conservatieve beweging, maar die zich tegelijk ‘centrum-rechts’ positioneert, om zwevende kiezers te overtuigen.

Mitt Romney, ex-gouverneur van Massachusetts, probeert zich dat profiel aan te meten. Hij was ook in 2008 kandidaat, maar tevergeefs. Romney, mormoon van huis uit en geboren in Michigan, waar zijn vader gouverneur was, zet zijn ervaring als zakenbankier goed in de verf. Retorisch is Romney enorm gegroeid en hij oogt ook presidentieel. Andere mogelijke kandidaten zijn gouverneurs uit de Midwest, zoals Tim Pawlenty (Minnesota) en Mitch Daniels (Indiana). Een vrouwelijke kandidaat die tijdens CPAC schitterde, was Michele Bachmann, congreslid uit Minnesota. Bachmann = Palin + verstand. Opvallend is dat zij allemaal uit de Midwest komen, waar presidentsverkiezingen vaak worden beslist. Mitt Romney met Michele Bachmann als running mate zou een kansrijk kandidatenkoppel zijn.

Grote afwezige was Sarah Palin. Zij is de favoriete kandidaat van... Barack Obama en The New York Times!

Niet van het Republikeins establishment. Dat gruwelt van haar. Ze wordt gezien als ‘onverkiesbaar’. Het is onzeker of Palin haar miljoenencontract als commentator bij Fox News opgeeft voor een ongewis avontuur. Zij is, in het Rumsfeld-vocabulaire, de known unknown.