Bougainville

Gisteren was de laatste aflevering te zien van de vierdelige tv-serie Rembrandt en ik. Alom geprezen, vooral omdat dit kostuumdrama er met zo weinig middelen zo fraai uitziet. Maar ik kan me bij zulke series nooit laten meeslepen, door een vervelende gewoonte: het letten op historische fouten en continuïteitsfouten.

Een voorbeeld. Aan het einde van zijn leven ontvangt Rembrandt (1607-1669) prins Cosimo, die een schilderij wil kopen. De Florentijnse edelman denkt die wens door het vleien van Rembrandts dochter Cornelia naderbij te brengen: „U bent de geur van bougainville in een woud vol netels.” Dat kan dus niet. Bougainvillea dankt haar naam aan de Franse ontdekkingsreiziger Louis Antoine de Bougainville (1729-1811), die de plant pas in de tweede helft van de achttiende eeuw van Zuid-Amerika naar Europa bracht.

In deel een wandelt de jonge Rembrandt met zijn vriend door de binnenstad van Leiden. Daar passeren ze een rij negentiende-eeuwse Ritter-achtige lantaarnpalen. In de tweede helft van de zeventiende eeuw werd de straat hooguit met olielampen verlicht. Het derde deel, met Govert Flinck, speelt zich voor een belangrijk deel in het Stadhuis op de Dam af. Daar hangen de lampen, die er pas in de Franse tijd zijn aangebracht. En als het gaat over een afmeting, wordt die in de serie altijd in meters uitgedrukt, terwijl de voet destijds de gangbare maat was. Ik erger me daaraan, maar misschien wel als enige.

In datzelfde deel wordt het grote, door Rembrandt speciaal voor de galerij van het stadhuis gemaakt schilderij De samenzwering van Claudius Civilis door anderen op maat gesneden. Rembrandt gruwt erbij alsof elke snede in zijn eigen vlees wordt aangebracht. Goed voor meeslepend drama. Maar in werkelijkheid verkleinde de schilder zelf het schilderij.

En dan de continuïteitsfouten. Govert Flinck is in deel drie al ernstig ziek als Rembrandts dochter Cornelia ter viering van Driekoningen met haar lampion langs de deuren trekt. Driekoningen is op 6 januari, Govert Flinck sterft op 2 februari (1660). Hartje winter! Toch staan de bomen in deze episode in een goudgele glans. En de boot met het lijk van Flinck glijdt door water, royaal voorzien van stemmige herfstbladeren.

Waarom kan ik daar niet gewoon van genieten?

tom rooduijn