Onzichtbaarheid Rutte en Verhagen is vooral risico

Statenverkiezingen

De campagnes voor de Provinciale Statenverkiezingen zijn in volle gang. Regionale thema’s zijn ver te zoeken. Partijen willen scoren met landelijke onderwerpen.

WFA25T:START PS-CAMPAGNE VVD:GELDERMALSEN;12FEB2011- Op de parkeerplaats van het Texacostation Beesd langs de A2 is de VVD de campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen gestart. Vier bussen met de ministers, Kamerleden, Eerste-Kamerkandidaten en Provinciale-Statenkandidaten stroomden leeg op de parkeerplaats. -Ik beloof dat we volgende keer weer geld hebben voor een zaaltje-, grapte premier Rutte. Rutte en minister Schulz onthulden een verkeersbord waar een maximale snelheid van 130 op vermeld staat als officiele start van de campagne. Foto: Staatssecretaris Fred Teeven laat een 130-sticker zien. WFA/dh/str.Dirk Hol
WFA25T:START PS-CAMPAGNE VVD:GELDERMALSEN;12FEB2011- Op de parkeerplaats van het Texacostation Beesd langs de A2 is de VVD de campagne voor de Provinciale Statenverkiezingen gestart. Vier bussen met de ministers, Kamerleden, Eerste-Kamerkandidaten en Provinciale-Statenkandidaten stroomden leeg op de parkeerplaats. -Ik beloof dat we volgende keer weer geld hebben voor een zaaltje-, grapte premier Rutte. Rutte en minister Schulz onthulden een verkeersbord waar een maximale snelheid van 130 op vermeld staat als officiele start van de campagne. Foto: Staatssecretaris Fred Teeven laat een 130-sticker zien. WFA/dh/str.Dirk Hol WFA DIRK HOL

Het was bij vlagen een surrealistische vertoning, gisteren in de radiostudio in Hilversum. Tijdens het eerste debat voor de verkiezingen van de Provinciale Staten debatteerden politici over bezuinigingen op onderwijs, de ervaringen met het nieuwe minderheidskabinet en de (on)zin van hoofddoekjesverboden en de dierenpolitie. Met de provinciale verkiezingen hebben die onderwerpen niets te maken.

Duidelijker konden de verzamelde dames en heren het voor de kiezer niet maken: hartstikke belangrijk die Provinciale Staten, maar waar het ze echt om gaat is of die Staten het minderheidskabinet van VVD en CDA met gedoogsteun van de PVV straks aan een meerderheid in de Eerste Kamer helpen.

Niet dat het niet al duidelijk was. Op de belangrijkste verkiezingsposter van de PvdA, Met rechts betaalt u de rekening, becijfert de partij dat een leraar met twee kinderen er door het kabinet 1.316 euro per jaar op achteruit gaat. Premier en VVD-leider Mark Rutte zei een paar maanden geleden al dat het niet uitmaakte waar je op stemt, als het maar VVD, CDA of PVV was.

Tijdens het verkiezingsdebat gisteren ontbraken de drie mannen die de plannen hadden bedacht waarover op zulke hoge toon werd gesproken. Dat was geen toeval: Rutte, CDA-leider en vicepremier Maxime Verhagen en gedoger en PVV-leider Geert Wilders laten alle debatten aan zich voorbijgaan.

De formele verklaring voor hun afwezigheid is dat het geen landelijke verkiezingen zijn. Hoe onwaar dat is, werd gisteren direct bevestigd, nota bene door hun plaatsvervangers. De drie partijen hadden hun lijsttrekkers voor de Eerste Kamer gestuurd. CDA’er Elco Brinkman pleitte voor „doorregeren, niet bakkeleien”, PVV’er Machiel de Graaf beloofde dat hij de coalitie in de Eerste Kamer „betrouwbaar en loyaal” zou verdedigen. En VVD’er Loek Hermans gaf van dat laatste alvast een voorproefje, door de coalitiecompromissen als grote VVD-overwinningen te presenteren.

Hermans en Brinkman hadden het moeilijk tijdens aanvallen van D66-leider Alexander Pechtold, PvdA-leider Job Cohen en GroenLinks-leider Jolande Sap. Ze lieten daarmee zien waarom de leiders van VVD en CDA niet naar de debatten komen. Met een regeerakkoord dat op sociaal-economisch gebied op veel plekken de signatuur van de links-conservatieve PVV heeft, hebben ze vooral iets te verliezen.

Voor Rutte heeft de VVD daarom een simpele strategie bedacht: vermijd het debat en laat vooral zien dat het kabinet leuke dingen voor de mensen doet. Hoe dat werkt liet de premier zaterdag zien. Samen met alle VVD-ministers was hij naar een tochtige parkeerplaats op de A2 afgereisd om te vieren dat straks op acht stukken snelweg de maximumsnelheid van 120 naar 130 kilometer per uur gaat.

De VVD heeft het relatief makkelijk. Elke keer dat het gezicht van Rutte op tv verschijnt, worden kiezers toch wel aan zijn partij herinnerd. Daar heeft Rutte geen debatten voor nodig, waar hij vervelende aanvallen van tegenstanders moet verduren en misschien onenigheid krijgt met coalitiepartners. En mocht het straks toch allemaal misgaan, dan kan Rutte proberen te betogen dat het niet aan hem heeft gelegen.

Wilders zal vergelijkbare gedachten hebben: hij komt toch wel in het nieuws, en pijnlijke discussies over de complicaties van de gedoogconstructie blijven hem bespaard. Verhagen heeft voor zijn verdeelde CDA al een groot verlies voorspeld, en lijkt te denken: schuilen en hopen dat de storm niet te veel schade aanricht.

Het grootste risico van deze strategie is dat de onzichtbaarheid van de coalitieleiders een lage opkomst van de achterban veroorzaakt. En daarmee het verlies dat ze zo graag vermijden.

Doordat de twee kampen in verschillende werelden campagne voeren, ontstaat een dubbel schimmenspel: niet alleen gaan ze niet waar ze over gaan, de hoofdrolspelers strijden niet tegen wie ze strijden. Dat is bevreemdend, maar was ook voorspelbaar.

Voor de oppositiepartijen is het de grootste kans datgene te bereiken wat ze noch bij de Tweede Kamerverkiezingen noch in de formatie daarna voor elkaar kregen. Behoudt de oppositie haar meerderheid in de Eerste Kamer, dan krijgt zij de kans door hen verfoeide maatregelen tegen te houden, bij de sociale zekerheid, bij de zorg, bij de immigratie, op de huizenmarkt. Met als mogelijke bonus: de voortijdige val van het kabinet.

Voor het kabinet is een minderheid in de Eerste Kamer een onaangenaam vooruitzicht. Dan komen de grote bezuinigingen die tot na de verkiezingen zijn uitgesteld in gevaar – en daarmee de geloofwaardigheid van de premier.

Zo maken de hoofdrolspelers de Provinciale Statenverkiezingen vanzelf tot een referendum over de regering. Met dank aan de volstrekte onzichtbaarheid van de provincie voor de gemiddelde burger. En met een slachtoffer, door niemand zichtbaar betreurd: de democratische legitimiteit van het regionale bestuur.