Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Cultuur

'We waren echt een kliek'

De vader van Maurits (1968) en de moeder van Marjanka (1972) kregen een relatie. Maurits en Marjanka ook. ‘Ik werd al snel verliefd.’

Marjanka: „Mijn ouders zijn gescheiden toen ik twee was. Mijn moeder wilde bij mijn vader weg. Ze is met ons drietjes verhuisd, kreeg een bijstandsuitkering en pakte alles aan om rond te komen. Ze redde het alleen, daar was ze trots op. Ze gaf ons haar meisjesnaam – dat kon voor de wet als je een aantal jaar alleenstaand ouder geweest was. Zo werden wij Dijkstra’s. Mijn broer Auke heeft later besloten om weer de achternaam van mijn vader aan te nemen, Attema. Ik heb mijn vader op mijn achttiende pas beter leren kennen.”

Maurits: „Ik was twaalf toen mijn ouders vertelden dat ze uit elkaar gingen. Ik wist wel van spanningen en ruzies, maar ik was toch teleurgesteld. Ik was altijd blijven hopen dat het goed zou komen.

Mijn vader verhuisde naar een loft in het centrum van Den Bosch. Roeland en ik gingen om het weekend naar hem toe.”

Marjanka: „Wij hadden het prima met zijn viertjes, we waren hecht.

Vrijdagavond was chocolademelkavond. Maar mijn moeder ging wel weer op zoek naar een man. Dat begon toen Sanne in de puberteit kwam.”

Maurits: „De weekends bij mijn vader waren leuk. Hij kon nog geen ei bakken, dus op vrijdag aten we friet, op zaterdag Chinees en op zondag gingen we naar de kazerne. Soms deden we boodschappen en probeerden we te koken – één groot gepruts was dat. Op zaterdag hockeyden Roeland en ik, en op zondag gingen we met z’n drieën naar wedstrijden kijken: voetbal, zaalhockey, cricket. We waren sportfanaten. ‘Moet jij niet eens wat studeren?’ vroeg mijn vader soms. Daar loog ik dan omheen.

Opvoeden, dat deed mijn moeder.”

Marjanka: „Op een dag zat er opeens een lange man op onze groene bank. Dat was Frans. Hij zat vol plannen en adviezen, hij wierp zich meteen op als vaderfiguur. Ik vond hem grappig. Maar toen hij de eerste keer zijn stem verhief, dacht ik: dit is niet voor mij. Dit accepteer ik niet.”

Maurits: „Mijn vader had wel vaker vriendinnen, maar het hield nooit stand. Toen hij met een vrouw met drie kinderen op een flatje aan kwam zetten, dacht ik: moet dat nou. Maar dit keer maakte hij er werk van.

Hij kocht een huis in Vught en daar trokken ze in met z’n allen. Het ging razendsnel. In de weekends sliepen Roeland en ik met Auke op een zolderkamer, naast de kamer van de meiden. Het was heel druk. Ik was de oase van rust bij mijn moeder gewend.”

Marjanka: „Op die zolder ontstond een band tussen de vijf kinderen.

We vonden elkaar in de strijd tegen het militaire bewind dat Frans probeerde te voeren. Wij vroegen Maurits en Roeland advies over hoe we met hem om moesten gaan. De Houben-tactiek was: nóóit in discussie gaan. Altijd ‘ja’ zeggen, en dan ‘nee’ doen. Maar dat kunnen Dijkstra’s niet. Wij gingen tegen hem in.”

Maurits: „De kroeg ging om twee uur dicht, maar wij moesten om half twee thuis zijn. Dat werd dus half drie. Ruzie! Maar we hebben ook onwijs gelachen en nachtenlang geouwehoerd. We waren echt een kliek.”

Marjanka: „Ik werd al snel verliefd op Maurits. Hij was solide, betrouwbaar, rationeel. En hij praatte zo mooi.”

Maurits: „Marjanka was haar leeftijd ver vooruit. Ik voelde dat er iets speciaals tussen ons ontstond, maar ik was bang voor de reacties van de buitenwereld. Onze ouders waren samen. Zij was pas zestien, terwijl ik al ging studeren. Maar eigenlijk vonden al mijn vrienden het prima. Marjanka kwam steeds vaker naar Leiden. Ik nam haar mee naar gala’s en ze kwam naar al mijn hockey- en cricketwedstrijden kijken.”

Marjanka: „Die sport was een perfecte dekmantel. Thuis hield ik het niet meer vol, ik was het zat om naar andermans regels te leven. Toen Maurits en ik een jaar steady gingen, hadden we onze ‘coming out’ voor de ouders. Ze vermoedden al wel iets en confronteerden ons daarmee aan de ontbijttafel. Eerst waren ze perplex. Daarna kwam de kritiek:

Maurits zou een te makkelijke keuze maken, ik zou te lastig zijn. We deugden niet samen, daar kwam het op neer. De verhoudingen zijn vier jaar lang moeilijk gebleven.”

Maurits: „Op een gegeven moment heb ik echt met mijn vader gebroken.

Ik had even genoeg van zijn tirades. Marjanka en ik gingen samenwonen in Amsterdam. Het is nog een tijdje uit geweest tussen ons, maar dat was geen succes. Nu zijn we ruim acht jaar getrouwd.”

Tijd om de kinderen op te halen: drie jongens, omringd door setjes van liefhebbende opa’s en oma’s. Iedereen kan weer met elkaar door één deur. De stress van vroeger is weggeëbd.