Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Beeldende kunst

Hitler staat keurig achterin de zaak

Michiel van Eyck zet ze in zijn galerie voor totalitaire kunst gebroederlijk naast elkaar: beelden van Stalin, Mao en Hitler. ‘En katholieke heiligenbeelden.’

Partijleider Mao Zedong op Chinese propagandaposter. Illustraties www.sovietart.com
Partijleider Mao Zedong op Chinese propagandaposter. Illustraties www.sovietart.com

Lenin begroet de bezoekers van de Totalitarian Art Gallery. Achter de deur van de enige galerie voor totalitaire kunst in Nederland, aan het Singel in Amsterdam, staat een levensgrote bronzen versie van de eerste leider van de Sovjet-Unie. Vlak bij hem staat op een tafeltje de bronzen kop van zijn opvolger, Stalin. Achter het bureau van galeriehouder Michiel van Eyck staat een tweede manshoge Lenin, dit keer op een schilderij. Het is niet gesigneerd. „Het is bedoeld als propaganda en propagandaschilderijen werden zelden gesigneerd”, legt Van Eyck uit. „Het ging om de glorie van de Sovjet-Unie, niet om de schilder.”

Van Eyck verkoopt niet alleen kunstwerken en voorwerpen uit de Sovjet-Unie en andere Oost-Europese communistische landen, maar ook uit het fascistische Italië, nazi-Duitsland en het communistische China. Ook spullen van de NSB zijn te koop, zoals medailles, oorkondes en affiches. Verrassend genoeg staan er ook een paar heiligen tussen de Lenins en Stalins. „Volgens mij is dat Paulus”, zegt Van Eyck terwijl hij op een beeld wijst. „Voor mij is de Rooms-Katholieke Kerk ook totalitair. Die vertelt toch ook een allesomvattend verhaal.”

Maar waar de kunstwerken ook vandaan komen, ze zijn, op een enkel verdwaald abstract werkje na, met elkaar verwant. De koppen zijn wilskrachtig, de taferelen optimistisch of zelfs heldhaftig en de stijl veelal realistisch. „Nee, er zit niet gek veel verschil tussen socialistisch realisme en nazikunst”, beaamt Van Eyck. „Het is allemaal kunst met een duidelijke boodschap: de verheerlijking van een politiek systeem.”

Toch is optimistisch realisme niet het monopolie van kunstenaars die werken voor totalitaire regimes. Als je bijvoorbeeld zeker weet dat je naar een portret van een onbekende communistische leider van een Oost-Europese staat kijkt, zegt Van Eyck: „Nee, nee, dat is de directeur van Philips in de jaren vijftig, geschilderd door B. van Amelsvoort. Op de achtergrond zie je de Philipsfabrieken in Eindhoven.”

Van de algemene opvatting dat socialistisch realisme en andere totalitaire kunst op hun best kitsch zijn en op hun slechtst verwerpelijke onkunst, wil Van Eyck niets weten. „Ik vind totalitaire kunst oprecht mooi”, zegt hij. „Mijn fascinatie voor het communisme begon in mijn jeugd. In de Koude Oorlog was de Sovjet-Unie een geheimzinnig land met rare leiders als Chroesjtsjov. In de jaren tachtig ging ik vaak naar de Sovjet-Unie en kreeg ik belangstelling voor socialistisch realisme. Totalitaire kunst is krachtig en zelden zomaar een plaatje. Wie een totalitair kunstwerk koopt, koopt een stuk geschiedenis.”

Dit wil niet zeggen dat hij de opvattingen en daden van de totalitaire leiders ook onderschrijft. Hitler deugde niet, vindt hij, daar kan hij kort over zijn. „En Stalin natuurlijk ook niet, maar daar staat in zijn geval wel iets tegenover. Hij heeft de Tweede Wereldoorlog gewonnen en Europa had er heel anders uitgezien zonder hem. Vergeet ook niet dat hij van een achterlijk land een industriestaat heeft gemaakt die eerder dan Amerika een raket de ruimte in schoot.”

Last van nazivolk en andere rare klanten heeft hij nauwelijks. „De meeste bezoekers hebben een vrij gedistantieerde belangstelling voor totalitaire kunst. Wel komen er tegenwoordig veel nostalgische Russen om dingen uit hun jeugd te kopen. Toen de Muur pas was gevallen, ging ik regelmatig naar de Oekraïne om Sovjet-spullen te halen. Maar daar vind je nu bijna niks meer. Ook Duitse rommelmarkten zijn helemaal afgegraasd. Ik koop nu de meeste werken van tussenpersonen die weten wat ik zoek.”

Nog moeilijker verkrijgbaar dan nazi- en Sovjet-kunstwerken zijn spullen uit fascistisch Italië. „Dat komt doordat Mussolini-koppen en fascistische symbolen als de fasces [takkenbundel met bijl, red.] in Italië heel populair zijn”, legt hij uit. „Italianen kopen alles zelf.”

Klachten van mensen die vinden dat handel in verwerpelijke onkunst ontoelaatbaar is, krijgt hij zelden. „Al moet ik wel bekennen dat ik swastika’s en Hitler-koppen niet in de etalage zet”, zegt Van Eyck. „Dat zou te provocerend zijn. Hitler staat keurig achterin de zaak.”

Behalve totalitaire kunstwerken verkoopt Van Eyck ook mineralen, dieren op sterk water en andere curiosa.

Zoals een foto van koningin Juliana en Greet Hofmans die samen een tentoonstelling bezoeken. „Er zijn maar weinig foto’s waar ze samen op staan”, zegt Van Eyck. „Ik heb deze uit het fotoarchief van het communistische dagblad De Waarheid dat ik gedeeltelijk heb gekocht.”

Ook staat er in de galerie een groot, blauw straatnaambord van een Dr. Martin Luther Kinglaan ergens in Nederland. ‘Amerikaans negerleider (- - 1968)’, staat eronder. „Negerleider, ja, nu politiek incorrect”, zegt Van Eyck grijnzend. „En ze wisten niet eens wanneer hij was geboren.”

The Totalitarian Art Gallery. Singel 87 1012 VG Amsterdam. Geopend do-zo 12-18 u. of op afspraak: 06-53693694. www.sovietart.com