Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Milieu en natuur

Een verlaten plek op de Veluwe

Een zomerse ontmoeting 25 jaar geleden op een treinstation. Hij interrailend en ik op de juiste tijd op de juiste plaats? Was het toeval of voorbestemming? Es muss sein. Wie zal het zeggen…

De eerste brief kwam vier weken later uit Nederland, geschreven in Hoeve Beekhuizen op de Veluwe om precies te zijn. Toen was er geen internet en van het snelle daten wisten we nog niets.

Hij beschreef de bossen, het zand, de zandverstuiving en de wilde zwijnen en herten die hij zag. De donkere nachten, de bloeiende digitalis, de uil die hij in de avondschemering hoorde in de verte. Hij schreef wat het doel van het onderzoek was waarvoor hij daar verbleef, omschreef het interieur van het huisje, zijn slaapvertrek. Over onze ontmoeting en wat die in hem had losgemaakt. In de brief zat ook een zelfgemaakte tekening van een uil.

Was het de brief met de beschrijving van de omgeving, de tekening van de uil, zijn liefdesverklaring of alle drie? Het onvermijdelijke gebeurde, mijn hart begon sneller te kloppen voor deze jongen uit het vlakke Nederland, waar toch ook bossen en zandheuvels bleken te bestaan. Iedere nacht vloog ik boven de boomtoppen door de bossen naar hem, naar Beekhuizen. Wij bestudeerden de sterrenhemel en elkaar in het schijnsel van de maan.

Hij leerde me alle bomen en plantjes die daar groeien kennen, de namen van de vogels die er vliegen te benoemen en de talloze paddestoelen van elkaar te onderscheiden.

Na twintig jaar te hebben samengewoond, zijn wij nu anderhalf jaar getrouwd. Van Beekhuizen is alleen de fundering over, het huisje heb ik nooit in het echt gezien. Maandelijks wandelen wij langs deze plek, zonder kaart, wij kennen de route uit ons hart, want het is onze plek!