Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Entertainment

Dit is mijn jaar, mijn brug

Ik groeide op in de prachtige Plantagebuurt, om de hoek van Artis in Amsterdam. Tien jaar was ik toen mijn ouders uit elkaar gingen. Mama kreeg een nieuwe vriend envertrok naar de Amstelveldbuurt. Ook fijn. Maar voor mij begon de wekelijkse reis tussen twee huizen.

Elke week fietste ik over de Magere brug waar ik altijd even mijn adem inhield, van mijn fiets stapte en ging lopen naar het hoogste punt. Daar even naar de wolken kijken, het water, de Zuidertoren in de verte. Op dat punt stond ik precies tussen de twee huizen van mijn ouders in. De Magere brug was voor mij rust en schoonheid, die paar minuten.

Jaren later, ik ben 18. Ik heb net mijn eindexamen gehaald en ik heb voor het eerst een vriendje, al acht weken! Ons vaste stekje is café De Magere brug. Wild zoenend lopen we er vaak samen overheen. Op een dag tref ik hem, onderweg naar het café, zittend op de rand van de Magere brug. Hij wil niet langer, het is uit. Huilend loop ik naar huis.

Twintig jaar ben ik nu, helemaal volwassen. Ik besluit met vriendinnen samen Oud en Nieuw te vieren in de stad. Om 00.00 uur ben ik daar, daar!, op het hoogste punt van de Magere brug. Het mooiste vuurwerk dat ik ooit heb gezien, mijn liefdevolle vriendinnen om me heen, bubbels in de hand. Een seconde denk ik aan mijn laatste relatie, die zo magisch is geweest. Ik mis hem. Dan kom ik weer bij mijn positieven en kijk ik omhoog. Naar de lampjes van de brug, het knallende vuurwerk in alle kleuren en ik weet: ‘Dit is 2011, dit ben ik, dit is de mooiste plek op aarde en het drama heb ik thuis gelaten. Dit is mijn jaar, mijn brug!’

Als iemand op een dag de behoefte voelt voor mij op de knieën te gaan, weet ik alvast de perfecte locatie.