Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Onderwijs

Alle huizen langs met potlood en gummetje

De komende drie weken wordt iedereen in India geteld. Het is „de meest gecompliceerde operatie in haar soort in de wereld”, zegt de leider van de census.

Medewerkers van de Indiase volkstelling eerder deze week in gesprek met inwoners van een buitenwijk van Srinagar, de hoofdstad van de deelstaat Kashmir. Foto AP Census workers take details of a Kashmiri family on the outskirts of Srinagar, India, Wednesday, Feb. 9, 2011. Millions of census workers fanned out across India on Wednesday as they began a mammoth effort to document every person in the world's second most populous country over the next three weeks.(AP Photo/Mukhtar Khan)
Medewerkers van de Indiase volkstelling eerder deze week in gesprek met inwoners van een buitenwijk van Srinagar, de hoofdstad van de deelstaat Kashmir. Foto AP Census workers take details of a Kashmiri family on the outskirts of Srinagar, India, Wednesday, Feb. 9, 2011. Millions of census workers fanned out across India on Wednesday as they began a mammoth effort to document every person in the world's second most populous country over the next three weeks.(AP Photo/Mukhtar Khan) AP

Kavita (33) uit Delhi is al bijna drie jaar weduwe. Ze woont op de eerste verdieping in een steeg in een volksbuurtje in Mayur Vihar, aan de oostzijde van de rivier de Yamuna. Haar huis telt vier kamers en een kleine keuken. Daar wonen ook haar drie broers, hun vrouwen en hun kinderen. In totaal veertien personen.

Meenashi Bhasin (50), onderwijzeres op een paar kilometer verderop gelegen meisjesschool, noteert de gegevens over Kavita en haar huisgenoten zorgvuldig in de daarvoor bestemde kolommen op een groot vel papier. Als ze vraagt naar de geboortedata van Kavita’s broers, ontstaat er verwarring. Een schoonzusje haalt snel de identiteitskaart van haar man. Kavita werpt er een blik op en schudt haar hoofd. „Wil je de datum zoals die op deze kaart staat of wil je weten hoe oud ik denk dat hij werkelijk is?” vraagt ze.

Onderwijzeres Bhasin is niet verrast. Ze gaat af op Kavita’s inschatting. Bhasin is een van de 2,7 miljoen tellers, merendeels leerkrachten en lokale ambtenaren, die deze week op pad zijn gegaan om de bevolking van India in kaart te brengen. „1,22 miljard mensen in het slechtste geval, 1,19 miljard in het gunstigste geval”, zegt topambtenaar C. Chandramouli die de leiding heeft over de volkstelling. „De meest gecompliceerde en uitgebreide operatie in haar soort in de wereld. Geen enkel ander land gaat zo ver.” Maar hij is niet zenuwachtig, zegt hij.

Elke tien jaar inventariseert India zichzelf – in zestien talen. Het land heeft geen coherent bevolkingsregister. De bestanden die er zijn, zijn vervuild of verouderd. De volkstelling levert daarom een schat aan informatie, onmisbaar voor regering en beleidsmakers. Is de kindersterfte het afgelopen decennium verminderd? Wonen de mensen in betere huizen en hebben ze veilig drinkwater? Werken de overheidsprogramma’s om meisjes naar school te krijgen en om meer mensen op het platteland aan het werk te krijgen? – op dat soort vragen moet ‘Census of India 2011’ het antwoord bieden.

Eigenlijk zijn onderwijzeres Bhasin en haar miljoenen collega’s op herhalingsoefening. Tussen april en september vorig jaar werden alle huizen en gebouwen in India in kaart gebracht. Daarvoor werden ook satellietbeelden gebruikt. Naar schatting bijna 300 miljoen huishoudens werden geteld, verspreid over ruim achtduizend steden en 650.000 dorpen.

Bhasin ging in haar buurt langs om te kijken of de huizen van steen waren of provisorisch waren gebouwd. Ze klopte aan om te vragen hoeveel gezinnen er in een pand woonden, of ze een keuken hadden, of ze aangesloten waren op leidingwater en elektriciteit, en of ze beschikten over een badkamer en een toilet. Ze vroeg ook of de bewoners een radio hadden, een televisie, een computer, een vaste telefoonlijn of een mobieltje. En of ze een fiets bezaten, of motorfiets, of een auto. Als laatste stelde ze de vraag of ze een bankrekening hadden – hoeveel geld erop stond hoefde ze niet te weten.

Afgelopen woensdag ging de tweede fase van de volkstelling van start. Behalve naar namen, geboortedata en geslacht van de huisgenoten en hun kinderen, vraagt Bhasin nu onder andere naar het soort werk dat wordt gedaan, de huwelijksleeftijd, de scholing, de geboorteplaats en naar kindersterfte in de familie. Prostituees vallen onder de categorie ‘andere’, bij de vorige census in 2001 werden ze nog als ‘bedelaars’ beschouwd. Het gevoeligst ligt vraag 9 over mentale of lichamelijk handicaps, zegt Bhasin. „De meeste mensen willen er liever niet over praten.”

Bhasin glimlacht om de vraag of zij het ook een ‘voorrecht’ vindt om de komende drie weken – tegen een vergoeding van ongeveer tachtig euro – mee te mogen werken aan de volkstelling, zoals in de voorlichtingsbrochure wordt geschreven. Elke dag geeft ze les van half acht tot bijna één uur. Dezer dagen moet ze ’s middags nog op pad om alle 150 adressen af te werken die op haar lijst staan. Als er niemand thuis is, moet ze ’s ochtends heel vroeg terugkomen, of pas later in de avond. „Het is vermoeiend werk”, zegt Bhasin. „Maar het is onze nationale plicht. We kunnen er moeilijk om heen.”

Haar collega Sunita Sagar (53) denkt er net zo over. Met een vriendin – „dat is veiliger” – loopt ze in een wijk van Mayur Vihar waar de inkomens gemiddeld laag zijn. Een man do net buiten een middagdutje op een charpoy, een houten touwtjesbed. Een okergeel geverfde ijzeren deur gaat op een kiertje. Een half bedekt gezicht verschijnt in de donkere spleet maar de jonge vrouw komt niet naar buiten. Haar schoonmoeder woont er tegenover en bovendien komt haar man er al aan gelopen. Dan past het voor een schoondochter niet zich op straat te begeven.

De man (31) vertelt dat hij zestien, zeventien was toen hij trouwde. „Veel te jong”, verzucht hij, terwijl hij zijn mobieltje tevoorschijn haalt. Zijn vrouw was nog een paar jaar jonger. Wanneer ze precies is geboren, weet hij niet. Ze hebben twee zoons en twee dochters, en ze hebben een eigen huis. Maar zijn ouders en zus wonen aan de overkant. „We hebben allebei een eigen gezin en een uitgebreid familieleven”, lacht hij. Van een volkstelling weet hij niets. „Waarom stellen jullie eigenlijk al deze vragen? Wat schiet ik ermee op?”

Onderwijzeres Sagar legt het hem geduldig uit. Ze zit op een plastic stoel op straat in de warme voorjaarszon. Als de man het niet weet, vult zijn moeder hem aan, of zijn zus. Sommige antwoorden staan haaks op elkaar. Maar daar is Sagar op voorbereid. Ze vult de kolommen op het censusformulier met potlood in, en houdt haar gummetje bij de hand.