Woningcorporatie eist zes miljoen terug van directeur

Woningcorporatie Rochdale vordert zes miljoen euro terug van zijn twee jaar geleden ontslagen directeur Hubert Möllenkamp. Dat maakte de corporatie vanmiddag bekend. Het bedrag ligt vijf miljoen euro hoger dan het oorspronkelijke bedrag van één miljoen euro dat Rochdale van Möllenkamp terug wilde eisen.

Aanleiding voor de hogere vordering zijn de uitkomsten van het onderzoek dat het Openbaar Ministerie naar Möllenkamp deed. Justitie verdenkt de oud-directeur van het aannemen van steekpenningen en cadeautjes van zakenrelaties en het benadelen van zijn woningcorporatie. Eerder werd Möllenkamp al verdacht van het zichzelf toekennen van onterechte beloningen, pensioenen en andere financiële voordelen.

‘Möllenkamp gebruikte steekpenningen voor woningen’
Möllenkamp heeft de steekpenningen volgens Rochdale vooral gebruikt voor de inrichting van woningen en het financieren van kostbare auto’s voor zichzelf en zijn familieleden. In totaal zou hij ruim twee miljoen van de ten onrechte ontvangen gelden voor de woningen en auto’s hebben gebruikt.

Het merendeel van de resterende vier miljoen euro die Rochdale wil terugvorderen heeft Möllenkamp volgens justitie verkregen door “onzakelijke” vastgoedtransacties. Möllenkamp verplichtte Rochdale in 2006 tweeduizend woningen te verkopen in Lelystad, terwijl de stichting geen bezit heeft. Omdat deze afspraak niet kon worden nagekomen heeft Rochdale eind 2007, op initiatief van Möllenkamp, drie miljoen euro afgeboekt van een vordering op een van zijn zakenrelaties. Ook dit bedrag wil Rochdale op hem verhalen. De corporatie liet in juni 2009 al beslag leggen op een villa van Möllenkamp in Lelystad.