Europa wil reizigers intensiever controleren

Brussel vindt dat inlichtingendiensten vaker en meer passagiersgegevens met elkaar moeten delen.

De Europese Commissie wil dat vliegtuigmaatschappijen hun passagiersgegevens aan inlichtingendiensten geven in alle 27 EU-landen. Zo’n Europees systeem voor het delen van reisinformatie zou moeten helpen bij het bestrijden van terrorisme en georganiseerde misdaad.

Bij de presentatie van haar voorstel zei de Zweedse eurocommissaris Cecilia Malmström (Binnenlandse Zaken) dat het is bedoeld om Europa beter te laten samenwerken. Nu zijn er veertien EU-landen die gegevens van luchtvaartmaatschappijen verzamelen en analyseren, maar ze gebruiken daar uiteenlopende wetten voor.

Volgens Malmström wordt de privacy van reizigers in haar voorstel voldoende beschermd: de inlichtingendiensten moeten de informatie na een half jaar anonimiseren. Alleen in uitzonderlijke gevallen mogen ze die weer tot een persoon herleiden. Anoniem mogen de gegevens vijf jaar worden bewaard.

Het gaat hierbij om informatie over luchtvaartpassagiers die Europa verlaten of binnenkomen, niet over passagiers in de EU zelf. Het zou de vliegtuigmaatschappijen 20 eurocent per passagier kosten. De gegevens gaan onder meer over naam, adres en creditcard. Zogenoemde ‘gevoelige informatie’ – over bijvoorbeeld het uiterlijk of de lichamelijke gesteldheid van een passagier – mag niets worden doorgegeven.

Nu delen de maatschappijen al passagiersgegevens met de Verenigde Staten, Canada en Australië. In het Europees Parlement, dat zich nog moet uitspreken over het Commissie-voorstel, leven al jaren grote zorgen over de privacybescherming. (NRC)