Red de euro, word zoals Duitsland

Meer samenwerking in eurozone

De financiële crisis lijkt iets te luwen. In Brussel promoten bondskanselier Merkel en president Sarkozy morgen hun maatregelen om de euro te schragen.

Duitsland wil steeds verder gaan om andere eurolanden voor financieel uitglijden te behoeden. In ruil eist Duitsland dat de hele eurozone kernpunten van zijn succesmodel overneemt: van hogere pensioenleeftijden tot een grondwettelijke rem op staatsschuld.

Om de euro te redden, moet iedereen kortom een beetje worden zoals Duitsland. De Fransen zijn co-auteurs van dit plan, dat de overige Europese regeringsleiders morgen op een speciale top in Brussel bespreken. In sommige zuidelijke landen wordt gesproken van ‘Duits dictaat’. Maar veel keus lijken zij niet te hebben.

De top, die ’s ochtends begint en tot de avond duurt, zou eerst gaan over twee andere onderwerpen: betere, schonere en veiliger energievoorziening om te voorkomen dat Europese landen middenin de winter opnieuw zonder verwarming komen te zitten. En een harde belofte van alle Europese leiders om méér geld in innovatie te steken. Op eerdere toppen werden discussies hierover van de agenda geveegd door de urgentie van de euro-crisis. Morgen moet alleen het middagprogramma – een lange lunch – wijken voor de euro.

Dit is een teken dat de crisis een beetje luwt. De financiële wereld lijkt voor het eerst sinds een jaar enig vertrouwen te hebben in de beloftes van Europese politici dat de euro zal worden gered. Een ander signaal: rentes op Portugese en Spaanse staatsleningen zijn lang niet zo laag geweest. Ook Griekse rentes dalen. En de euro won deze week zeven procent terug op de dollar.

De omslag kwam in december. Ierland kreeg noodleningen, waarna de markten direct de aanval op Portugal en Spanje inzetten. Toen beseften regeringsleiders dat ze de euro alleen kunnen behouden als ze dingen doen die ze liever zouden nalaten. Sindsdien is alles bespreekbaar. Zoals: zorgen dat het reddingsfonds van 440 miljard euro méér geld kan uitkeren, zodat Portugal en Spanje gedekt zijn. En: herstructurering van de Griekse en wellicht de Ierse schulden.

Er wordt gesproken over het verlagen van rentes op de leningen die deze landen hebben gekregen – Ierland betaalt 6 procent op leningen die het fonds zelf maar 2,89 procent kostten –, en verlenging van de terugbetalingstermijn. Sommigen willen dat het reddingsfonds staatsobligaties gaat opkopen, zodat de ECB zich kan wijden aan het bestrijden van de stijgende inflatie.

,,Zelfs over een gedeeltelijk systeem van euro-obligaties wordt gesproken,’’ bevestigt een Brusselse bron. ,,Dit was het grootste taboe van noord-Europa. Zie je hoe snel de geesten evolueren?’’

Nu kanselier Merkel bereid is heilige huisjes om te schoppen, kan zij meer wisselgeld vragen. In nauw overleg met de Fransen werken de Duitsers daarom al maanden aan meer economische coördinatie. In oktober besloten de eurolanden al om elkaars begrotingen te beoordelen en het Stabiliteitspact (gemeenschappelijke regels voor eurolanden) te verscherpen.

Nu gaan Berlijn en Parijs een stap verder: er zou een soort ‘economische regering’ voor eurolanden moeten komen – een oude Franse droom – die toeziet op harmonisering van onder meer pensioenleeftijden, van winstbelasting op bedrijven en wettelijke limieten op staatsschuld. Ook moet iedereen de koppeling van lonen aan inflatie loslaten. De term ‘economische regering’ gaat Merkel te ver. Dat riekt naar soevereiniteitsverlies. In Duitsland ligt zoiets gevoelig. Zeker dit jaar: zeven deelstaten houden verkiezingen voor hun parlementen. Merkel spreekt van ‘economische coördinatie’.

Merkel ging overstag onder invloed van haar Europees denkende minister van Financiën, Wolfgang Schäuble. Hij heeft tijdens de eurocrisis steeds gezegd dat, om problemen met staatsschulden aan te pakken, verdere politieke integratie in Europa noodzakelijk is.

Merkel ziet het nu ook: als je in Europa economisch iets wilt bereiken, moet je samen politiek bedrijven en je beleid op elkaar afstemmen.

Of de sterkere economische coördinatie echt wordt doorgevoerd, hangt niet alleen van Merkel af. De rechterflank van haar christen-democratische CDU is nog niet overtuigd. De liberale regeringspartner, de FDP, is voorlopig tegen. In Brussel wekt dit vaak irritatie. ,,Duitsland domineert alle onderhandelingen’’, zegt een ingewijde. ,,Tegelijkertijd is niets zeker. Merkel wil dit, de liberalen willen dat. Documenten zijn schaars en voorlopig. We zijn compleet afhankelijk van Duitsland.’’

Dit gevoel wordt nu versterkt door de ‘economische regering’ die Merkel en de Franse president Sarkozy morgen willen promoten. De hogere pensioenleeftijd, de rem op de staatsschuld, de ontkoppeling van lonen en inflatie – Duitsland doet dit allemaal al. Morgen worden geen beslissingen verwacht. Maar iedereen weet waar het heengaat: méér Europa op sociaal-economisch gebied, naar Duits voorbeeld. Een echte keus is er niet.