Cito brengt kleur op de wangen

Vandaag was de laatste dag van de Cito-eindtoets. De onderdelen van vanmorgen waren wereldoriëntatie en taal. Zoals altijd waren er instinkers. Maar in groep 8 van de St. Josephschool ging het best goed.

De kinderen van groep 8 van de St. Josephschool in Leiden, die maandag in deze krant vertelden over hun voorbereiding op de Citotoets, hebben het „heel goed gedaan”, aldus hun juf Angela van Es vanochtend. Ruim 157.000 kinderen van ongeveer 6.200 basisscholen bogen zich vandaag over de laatste opgaven voor de Eindtoets Basisonderwijs van toetsinstituut Cito. De driedaagse toets begon afgelopen dinsdag.

In totaal 57 leerlingen van de St. Josephschool maakten de toets. „Op de eerste dag was er gezonde spanning, maar na veertig minuten kwam er steeds meer kleur op de wangen en ging het gewoon goed”, vertelt Van Es in de korte pauze tussen de opgaven. „De vragen sluiten goed aan bij hun belevingswereld. Het ging over e-mail, internet, adrenaline. Het zijn aansprekende onderwerpen.”

Voor het Cito vergt het maken van de meerkeuzevragen een gemiddelde voorbereidingstijd van twee jaar. Het bedenkt samen met een groep leerkrachten een veel groter aantal vragen dan uiteindelijk in de toets terechtkomt. Die vragen worden gemaakt door vele honderden achtstegroepers. Op basis van de steekproef worden de beste vragen uitgekozen. Als vuistregel geldt: ten minste 40 procent van de kinderen moet het goede antwoord kunnen geven.

Echt moeilijke vragen waren er dit jaar niet, volgens Angela van Es, al verschilt dat per leerling. „Voor sommige kinderen is spelling pittig, voor de andere rekenen.” Instinkers waren er ook. „Bij de vraag over het opzoeken van de naam Marianne Timmer in een encyclopedie moesten de leerlingen aangeven bij welke letter ze zouden zoeken: de M of de T. Trap er niet, dacht ik, maar veel kinderen vulden toch de M in”, aldus Van Es, vlak voor ze weer met haar groep de klas ingaat. „We gaan nog even knallen: taal 4 en wereldoriëntatie.”

De Citoscore weegt mee bij de keuze van een middelbare school. Bijna alle scholen gebruiken de toets, maar er is ook kritiek, zoals: het is een momentopname, er wordt te veel waarde aan gehecht waardoor kinderen bovenmatig onder druk komen te staan, de toets zou te ‘talig’ zijn, zodat de uitslag minder betrouwbaar is voor kinderen met dyslexie of met een andere moedertaal.

De uitslag volgt in de week van 28 februari.