Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Drugs

Vragen over rol Den Haag in zaak-Bahrami blijven

Mogelijk vindt het spoeddebat van de Tweede Kamer met Rosenthal achter de schermen plaats.

De Tweede Kamer houdt waarschijnlijk nog deze week een spoeddebat over de executie van de Iraans-Nederlandse Zahra Bahrami. Een verzoek daartoe van de PVV werd gistermiddag breed gesteund.

PVV’er Wim Kortenoeven voelde minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal (VVD) tijdens het vragenuurtje, gisteren, ook al aan de tand over de kwestie. Maar niet al zijn vragen werden beantwoord; hij wil de bewindsman nader ondervragen over de vier Iraniërs met de Nederlandse nationaliteit die momenteel in Iran gevangen zouden zitten en wier leven ook op het spel zou staan. Ook de andere partijen lieten weten met nog veel vragen te zitten. Mogelijk zal een deel van het overleg achter gesloten deuren plaatsvinden. Rosenthal kan dan openheid van zaken geven over welke diplomatieke contacten er allemaal zijn geweest om de executie te voorkomen.

Eerder deze week bleek dat Bahrami, die afgelopen zaterdag in Iran werd geëxecuteerd, in 2003 in Nederland werd veroordeeld na het smokkelen van 15,7 kilo cocaïne uit het Caraïbisch gebied. Ze kreeg toen drie jaar gevangenisstraf opgelegd, waarvan één jaar voorwaardelijk. In 2007 werd ze ook veroordeeld, voor het vervalsen van een paspoort. Minister Rosenthal zei echter dat „de achtergrond van mevrouw Bahrami „in genen dele van invloed is geweest op onze pogingen haar van consulaire bijstand te voorzien”.

Volgens Bahrami’s in Teheran verblijvende dochter Banafsheh Najebpour nam haar moeder destijds een koffer waarvan zij de inhoud niet kende, voor iemand mee. „Ze wist toen niet dat daar drugs in zaten. Daarom was haar straf ook zo laag”, zei Najebpour. (Novum/NRC)