Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

Politiek

J.P. Balkenende, vrij man te Capelle aan den IJssel

Jan Peter Balkenende maakt slechts iets minder dan een half jaar gebruik van de wachtgeldregeling die voor voormalige bewindslieden geldt. Op 14 oktober van het vorig jaar legde de CDA’er na ruim acht jaar het ambt van minister-president neer. Per 1 april treedt hij in dienst van accountants- en adviesbureau Ernst & Young. Goed nieuws dus voor de belastingbetaler.

Balkenende heeft de publieke zaak of de partijpolitiek zo’n 27 jaar gediend: bij de Academische Raad, de gemeente Amstelveen, het CDA, de Vrije Universiteit, in de Tweede Kamer en ruim acht jaar als premier. Voor het eerst in zijn leven aanvaardt de nu 54-jarige Balkenende een baan in het bedrijfsleven, voor vier dagen in de week. Al sinds 1 december is hij voor één dag in de week buitengewoon hoogleraar aan de Erasmus Universiteit. Dat zal een ongewis en interessant avontuur zijn voor de gewezen politicus.

De ervaring en de contacten die hij als premier heeft opgedaan hebben zeker een rol gespeeld bij het besluit van Ernst & Young om Balkenende als partner aan te stellen. Het bedrijf wil gebruikmaken van „zijn zeer rijke internationale contacten” en hij zal vanwege „zijn specifieke kennis” ook betrokken worden bij „cliënten die zich begeven op het snijvlak van de publieke/private sector”.

De conclusie ligt voor de hand: Balkenende heeft zijn nieuwe baan te danken aan zijn vorige functie. Maar is daar iets op tegen? Nee.

Voormalig vicepremier Bos (PvdA) ging hem voor door in dienst te treden bij KPMG. Het is vermakelijk om te zien dat deze politieke rivalen ook buiten Den Haag nu elkaars concurrenten zijn. Tal van andere ex-ministers aanvaardden eerder ook een advies- of andere functie in het bedrijfsleven.

Prima. Het wordt hooguit problematisch als ze in die functie opeens andere taal uitslaan dan ze als politicus deden. Ex-premier Kok (PvdA), die had geklaagd over soms exorbitante beloningen in het bedrijfsleven, ondervond dat toen hij als commissaris van ING de salarissen van de bestuurders van deze bank/verzekeraar goedkeurde.

Wie de politiek verlaat heeft het recht – op basis van de regels die voor het wachtgeld gelden ook de plicht – om een andere baan te zoeken en te aanvaarden. Tegen het salaris dat op de vrije markt te verdienen valt. Dat is zo veel als de werkgever betalen wil. Morele verontwaardiging over de hoogte is misplaatst.

De ‘Balkenende-norm’ – geen officiële benaming – geldt voor ambtsdragers in de publieke en semipublieke sector en maximeert salarissen tot 130 procent van wat een minister verdient. Dat komt sinds 2011 neer op 187.340 euro. Die norm geldt niet voor Jan Peter Balkenende, vrij man te Capelle aan den IJssel.