Dit is een artikel uit het NRC-archief
Bekijk hele krant

NRC Handelsblad

Beeldende kunst

Goedkoop is duurkoop

Nu verloopt de nieuwbouw van het Amsterdamse Stedelijk Museum niet eens meer traag, nu is het stil in de bouwput. De hoofdaannemer is failliet. Dat kon geen verrassing zijn voor de gemeente Amsterdam. In oktober vorig jaar werd de nieuwbouw van het Stedelijk al eens twee weken onderbroken, omdat aannemer Midreth een faillissement moest afwenden. Dat lukte en de bouw werd hervat. De gemeente kreeg garanties van de aannemer voor de voortgang van de bouw.

Die garanties blijken waardeloos. Maar wat had Amsterdam dan gedacht? Midreth was het enige bouwbedrijf dat begin 2007 inging op de aanbesteding voor de nieuwbouw van het Stedelijk voor de 49 miljoen euro die Amsterdam daarvoor uittrok.

Goedkoop blijkt in deze gok inderdaad duurkoop. De stad zal een andere aannemer moeten vinden. Een stevig bedrijf dat geen zaken doet voor een afknijpbudget.

Amsterdam heeft vanaf het begin van de verbouwing van zijn legendarische en wereldwijd vermaarde museum voor moderne kunst gedobbeld. Er werd gegoocheld met de architecten Venturi en Siza – beiden verstoten, met een schadevergoeding. Nadat de brandweer op 1 januari 2004 het museum gesloten had, werd in 2007 eindelijk met de renovatie en nieuwbouw begonnen.

Af kwam het niet: uitstel, uitstel, steeds weer uitstel. Door tegenvallers, door verkeerde berekeningen, door de ongelukkige keuze voor een goedkopere staalconstructie voor de enorme luifel, de ‘badkuip’. En nu is de bouw dus gestopt.

Amsterdam begint een nieuw rondje overleg. Het gesteggel moet afgelopen zijn, daar is het Stedelijk te goed voor. Doe wat. Is de nieuwbouw te ingewikkeld, pas dan het ontwerp aan. Schrap desnoods die badkuip en neem het verlies.

Het publiek wil zijn museum terug, getuige de toestroom naar de overbruggingstentoonstelling The Temporary Stedelijk: Taking Place. Maar het werk van helden als, pakweg, Malevitsj, Newman en Pollock blijft voor eigen bestwil in de depots. Jaargangen Nederlandse jeugd groeien op zonder idee van de uitzonderlijke moderne kunstverzameling die hun land rijk is. Ook jonge kunstenaars dreigen een verloren generatie te worden.

Anselm Kiefer is dit voorjaar in het Rijksmuseum te gast. Een mooie gelegenheid om gastvrijheid te vragen voor de, door de directeuren De Wilde en Beeren verworven, Kiefers van het Stedelijk. Laat Amsterdam het Stedelijk Museum een budget bieden om in andere Nederlandse musea zijn hoogtepunten te tonen. Dat zal niet simpel zijn. Maar het is het minste, in ruil voor het geduld en de frustratie van de (inter)nationale kunstliefhebbers.