Wat gebeurt er na de euforie?

Eindelijk komt Egypte in opstand tegen Mubarak. Maar democratie is nog ver weg.

Zonder leiderschap, visie en wetswijzigingen, loopt dit verzet uit op chaos.

Afgelopen dinsdag, op de ‘Dag van Woede’, begonnen de massademonstraties in Egypte. Voor het eerst sinds 1981, toen de Egyptische president Hosni Mubarak aan de macht kwam, doorbraken burgers de barrière van angst en passiviteit. Als Egyptisch-Nederlandse ben ik nu met mijn hoofd en hart bij Egypte. Dag en nacht zit ik gekluisterd aan de livestreams van BBC Arabic, Al-Jazeera English en Al-Jazeera Arabic. De tv staat op CNN, ik lees de Arabische kranten en volg Twitter.

Ik maak mij zorgen over mijn Egyptische familieleden en mijn vader (die op dit moment in Kairo is). Dinsdag en woensdag kon ik nog mailen en facebooken met mijn familie. Maar al snel was ik tot de telefoon veroordeeld, omdat er websites werden geblokkeerd en omdat sinds vrijdagochtend zelfs het hele internet platligt. Het zijn rare telefoongesprekken: mijn familie is bloednerveus en er bestaan sterke aanwijzingen dat onze gesprekken worden afgeluisterd. Het mobiele netwerk ligt ook (grotendeels) plat, om te voorkomen dat demonstranten elkaar spreken. Vrijdag was mijn familie nagenoeg onbereikbaar. Sinds zaterdag kan mijn vader wel weer sms’jes ontvangen, maar niet versturen.

Ik maak mij ook zorgen over de stabiliteit van Egypte. Wat begon als een schreeuw om brood en banen, is veranderd in een protest tegen de Egyptische autoriteiten, de corruptie, het gebrek aan vrijheid.

Maar dit verzet wijst niet op een democratische revolutie. Binnen het volksprotest verschuilen zich politieke groeperingen waaronder de islamisten van de Moslimbroederschap en andere radicale facties met banden in de hele regio, ook met organisaties als Hamas. Mensen uit deze groepen geven de demonstraties een grillig karakter: ze steken ministeries en partijbureaus in brand en zoeken actief de confrontatie met de politie en veiligheidstroepen. Zij willen geen democratisch Egypte, maar een islamitisch Egypte.

De meeste Egyptenaren willen niets liever dan verandering. Maar wat voor verandering? Niemand weet wie Mubarak zou moeten opvolgen. Egypte heeft geen sterk maatschappelijk middenveld. Er zijn geen goed georganiseerde partijen. De partijen die nog bestaan, zoals de Wafd-partij, zijn besmeurd door schandalen en corruptie. De Nationaal Democratische Partij is door Mubarak verzwakt en uitgekleed. Als hij verdwijnt, verdwijnt waarschijnlijk ook de NDP.

De revolutie in Egypte is een revolutie zonder leider en zonder plan. Weliswaar is iemand als Mohammed ElBaradei bij de demonstraties betrokken – Nobelprijswinnaar en voormalig hoofd van het Internationaal Atoomgemeenschap (IAEA) – maar hij is voor veel Egyptenaren te veel een buitenstaander, die te lang in het Westen heeft gewoond. En zelfs al zou hij de leiding nemen, dan nog ontbreekt in Egypte de juiste basis voor echte democratische hervorming. Er bestaat geen democratische of politieke cultuur; er zijn geen sterke maatschappelijke organisaties, behalve islamitische; geen krachtige belangengroepen of vrije media. Egypte kent geen georganiseerde rechtstaat. En er is niemand in het land die wat voorstelt zonder bevriend te zijn geweest met het regime. Als er nu direct verkiezingen komen, verwacht ik een grote winst voor de enige goed georganiseerde groep: de Moslimbroederschap.

De dagen van Mubarak zijn geteld. Zijn zoon en tot voor kort nog gedoodverfde opvolger Gamel Mubarak zal hem niet meer op kunnen volgen. Het land lijkt te vervallen in chaos.

Met afgrijzen zag ik de beschadigde kunstschatten in het Cairo Museum, het grootste faraonische museum ter wereld. Kort en klein geslagen door losgelaten gevangenen en dieven. Door heel Kairo razen bewapende bendes die plunderen, die mensen intimideren en winkels in brand steken. De politie heeft zich uit heel Kairo teruggetrokken, terwijl het leger een wat ambivalente positie inneemt. Zaterdag leek zij partij te kiezen voor de demonstranten, maar zondag intimideerde ze de tienduizenden demonstranten op het Tahrir-plein (Plein van de Vrijheid) met zeer laag overvliegende straaljagers. Ondertussen stijgt het dodental. Gruwelijke beelden van overvolle mortuaria met zwaar verminkte lijken druppelen langzaam binnen.

Al dagenlang word ik gefeliciteerd met de revolutie. Maar ik huil, ik huil om de doden en ik huil om mijn land. Ik ben trots op die demonstranten; hun eisen zijn eerlijk en terecht. Maar zonder visie en leiderschap leidt deze revolutie slechts tot chaos.

Het enige waarop Egypte nu kan hopen is dat het leger snel de controle overneemt en een interim-regering instelt; of dat Mubarak uit eigen beweging aftreedt en vicepresident Soleiman interim-president wordt – tot er vrije verkiezingen komen. Dan zal de grondwet gewijzigd moeten worden, want onder de huidige wet zijn de meeste groepen en partijen niet verkiesbaar. Ik hoop dat er snel een leider opstaat die deze broodnodige hervormingen doorvoert; en dat de seculiere oppositie zich in een brede volkspartij zal verenigen als tegenwicht voor de Moslimbroederschap. Voor echte democratie heeft het land nog veel tijd nodig.

Monique Samuel (1989) is een Egyptisch-Nederlandse schrijver en politicoloog. Ze studeert International Relations and Diplomacy aan de Universiteit Leiden.