Protesten in Jemen zijn nog geen doodsteek voor Saleh

DE TOESTAND

Tienduizenden betogers die zijn aftreden eisten droegen vorige week bij tot de ellende van de Jemenitische president Ali Abdullah Saleh. Hij is al 32 jaar aan de macht, eerst van Noord-Jemen en na de fusie met Zuid-Jemen van de eenheidsstaat Jemen. Saleh had een paar weken geleden juist een amendement op de grondwet aan het parlement voorgelegd, en in eerste instantie goedgekeurd gekregen, dat zijn kandidatuur voor een oneindig aantal nieuwe ambtstermijnen mogelijk maakte. Maar dat plan heeft hij nu voorlopig laten varen. Bijna al zijn voorgangers in Noord- en Zuid-Jemen zijn na kortere of langere tijd vermoord, dus een vreedzame machtsoverdracht zou een unieke gebeurtenis zijn. Saleh heeft eigenlijk alleen nog in Sana’a en de directe omgeving van zijn hoofdstad zeggenschap.

DE ACHTERGROND

In het noorden van het land vecht zijn leger een steeds oplaaiende oorlog tegen shi’itische rebellen die in opstand zijn gekomen tegen de achterstelling van hun gebied. In het zuiden groeit een beweging van separatisten die zich weer van het noorden willen afscheiden omdat ze zich gediscrimineerd voelen door de noorderlingen. De olie, die 90 procent van de export en 70 procent van de regeringsinkomsten vormt, is binnen een paar jaar helemaal op. Door overvloedig watergebruik, met name voor de verbouw van de nationale drug qat, raakt ook het water op. Sana’a staat op de nominatie de eerste hoofdstad zonder water te worden.

Wat Saleh nog het minst erg vindt in vergelijking met bovengenoemde existentiële problemen, is de aanwezigheid van een Al-Qaeda-filiaal. Het Westen ziet de moslim-terroristen juist als gevaarlijke bedreiging en geeft hem geld en wapens om hen te elimineren. Regelmatig vallen daarbij burgerdoden, en soms blijken de Amerikanen ook een raket te hebben afgeschoten op Al-Qaeda, wat tot extra woede op de president leidt.

Afgezien hiervan is er een omvangrijke corruptie, bedraagt de werkloosheid 35 procent en is de helft van 23 miljoen Jemenieten analfabeet. Bijna de helft leeft onder de armoedegrens. Aan de creditkant staat de steun uit het Westen, niet alleen voor de strijd tegen Al-Qaeda, maar ook ontwikkelingshulp, en met name ook uit het buurland Saoedi-Arabië. Dat voelt zich rechtstreeks bedreigd door Al-Qaeda.

WAT NU?

Voor de demonstraties in Tunesië losbarstten werd Saleh gezien als veruit de wankelste Arabische leider. Nu is Ben Ali weg en wordt Mubarak bedreigd, maar zit hij er nog. Jemenitische analisten zien de protesten niet als de doodsteek voor zijn regime. Maar omdat zijn olie opraakt, verminderen in hoog tempo zijn financiële mogelijkheden om zijn vele vijanden af te kopen en zijn weinige vrienden aan zijn zijde te houden, inclusief zijn leger. Als de Saoedische regering een betere kandidaat ziet en de geldkraan dichtdraait, is het volgens analisten met Saleh gebeurd.

VOORUITZICHT

Geen democratische revolutie, regime-wisseling goed denkbaar.